Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2001:AD5016

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
02-11-2001
Datum publicatie
05-11-2001
Zaaknummer
R00/171HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2001:AD5016
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 101a
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2001, 594
JWB 2001/291
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

2 november 2001

Eerste Kamer

Rek.nr. R00/171HR

NS

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoeker], wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

1. de stichting SSCW STICHTING SOCIAAL CULTUREEL WERK TE 'S-GRAVENHAGE EN OMSTREKEN,

2. DE GEMEENTE 'S-GRAVENHAGE,

beiden gevestigd te 's-Gravenhage,

VERWEERSTERS in cassatie,

advocaat: mrs. P.M.M. van der Grinten en T. Papachatzidis.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 31 januari 2000 ter griffie van de Rechtbank te 's-Gravenhage ingediend verzoekschrift hebben verweersters in cassatie - verder afzonderlijk te noemen: SSCW en de Gemeente - zich gewend tot die Rechtbank en verzocht primair:

1. de stichtingen De Burcht, Buurthuis Delftselaan en Hobbema te ontbinden uit hoofde van art. 2:301 BW op de gronden dat deze stichtingen onvoldoende vermogen hebben en zullen hebben in de toekomst alsmede hun statutaire doel niet (meer) kunnen bereiken;

2. [betrokkene A], [betrokkene B] en [betrokkene C] te benoemen als vereffenaars;

subsidiair:

- [verzoeker] alsmede [betrokkene D] als bestuurders van de stichtingen De Burcht, Buurthuis Delftselaan en Hobbema te ontslaan uit hoofde van art. 2:298 BW op de gronden dat zij in strijd met de wet en statuten van deze stichtingen hebben gehandeld, dan wel op de grond dat zij zich schuldig hebben gemaakt aan wanbeleid door handelingen te verrichten ten nadele van de stichtingen;

- [betrokkene A], [betrokkene B] en [betrokkene C] te benoemen als bestuurders.

Namens [verzoeker], [betrokkene D] en de drie hiervoor genoemde stichtingen is het verzoek bestreden.

De Rechtbank heeft bij beschikking van 24 mei 2000 de primaire verzoeken toegewezen.

Tegen deze beschikking heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage.

SSCW en de Gemeente hebben een incidenteel verzoek tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad ingediend.

Bij beschikking van 24 oktober 2000 heeft het Hof de bestreden beschikking voorzover gewezen tussen SSCW en de Gemeente als verzoeksters en [verzoeker] als verweerder bekrachtigd en de beschikking van de Rechtbank alsnog uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

De beschikking van het Hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het Hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

SSCW en de Gemeente hebben verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 101a RO,

geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van SSCW en de Gemeente begroot op ƒ 525,-- aan verschotten en ƒ 2.500,-- voor salaris.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.H.M. Jansen, als voorzitter, J.B. Fleers en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 2 november 2001.