Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2000:AA5950

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26-05-2000
Datum publicatie
13-08-2001
Zaaknummer
C98/285HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2000:AA5950
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2000, 318
JWB 2000/71

Uitspraak

26 mei 2000

Eerste Kamer

Nr. C98/285HR

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr L.S.J. de Korte,

t e g e n

N.V. ENECO,

gevestigd te Rotterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding in feitelijke instantie

Eiser tot cassatie […] heeft bij exploit van 21 maart 1997 verweerster in cassatie - verder te noemen: Eneco - gedagvaard voor de Kantonrechter te Rotterdam en gevorderd Eneco te veroordelen om aan [eiser] te betalen een bedrag van ƒ 1.724,95, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 4 februari 1997, althans vanaf de dag van de dagvaarding.

Eneco heeft de vordering bestreden.

De Kantonrechter heeft bij tussenvonnis van 22 augustus 1997 [eiser] tot bewijslevering toegelaten. Na enquête heeft de Kantonrechter bij eindvonnis van 20 maart 1998 de vordering afgewezen.

Beide vonnissen van de Kantonrechter zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen beide vonnissen van de Kantonrechter heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploit zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.

Tegen de niet verschenen Eneco is verstek verleend.

[Eiser] heeft de zaak doen toelichten door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal De Vries Lentsch-Kostense strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

Het middel faalt op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal De Vries Lentsch-Kostense.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Eneco begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren R.

Herrmann, als voorzitter, A.E.M. van der Putt-Lauwers en

J.B. Fleers, en in het openbaar uitgesproken door de

raadsheer W.H. Heemskerk op 26 mei 2000.