Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2000:AA5778

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-05-2000
Datum publicatie
13-08-2001
Zaaknummer
R99/088HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2000:AA5778
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2000, 273
NJ 2000, 452
JWB 2000/51

Uitspraak

12 mei 2000

Eerste Kamer

Rek.nr. R99/088HR

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[de vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr W.B. Teunis,

t e g e n

[de man],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 25 november 1997 gedateerd verzoekschrift heeft verweerder in cassatie - verder te noemen: de man - zich gewend tot de Rechtbank te Utrecht en verzocht echtscheiding tussen hem en verzoekster tot cassatie - verder te noemen: de vrouw - uit te spreken.

De vrouw heeft het verzoek gemotiveerd bestreden.

De Rechtbank heeft bij beschikking van 4 maart 1998 de echtscheiding tussen partijen uitgesproken.

Tegen deze beschikking heeft de vrouw hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam.

Na een tussenbeschikking van 10 december 1998 heeft het Hof bij eindbeschikking van 11 maart 1999 de beschikking waarvan beroep bekrachtigd en het meer of anders verzochte afgewezen.

Beide beschikkingen van het Hof zijn aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de eindbeschikking van het Hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De man heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

Het middel faalt op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal Strikwerda.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren P. Neleman, als voorzitter, A. Hammerstein en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 12 mei 2000.