Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2000:AA4733

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26-01-2000
Datum publicatie
13-08-2001
Zaaknummer
OK 73
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2000:AA4733
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

26 januari 2000

Derde Kamer

Rek.nr. OK 73

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

DE PROVINCIE ZUID-HOLLAND,

gevestigd te 's-Gravenhage,

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr R.A.A. Duk,

t e g e n

1. DE ONDERNEMINGSRAAD VAN DE GEMEENTE RIJSWIJK, gevestigd te Rijswijk (ZH),

2. DE ONDERNEMINGSRAAD VAN DE GEMEENTE LEIDSCHENDAM, gevestigd te Leidschendam,

3. DE ONDERNEMINGSRAAD VAN DE GEMEENTE NOOTDORP, gevestigd te Nootdorp,

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr S.V. Langeveld,

en

4. DE GEMEENTE RIJSWIJK, gevestigd te Rijswijk (ZH),

5. DE GEMEENTE LEIDSCHENDAM, gevestigd te Leidschendam,

6. DE GEMEENTE NOOTDORP, gevestigd te Nootdorp,

VERWEERSTERS in cassatie,

advocaat: mr E.D. Vermeulen.

1. Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar het proces-verbaal van de openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof te Amsterdam van 5 november 1998 waarin is opgenomen een beschikking voorlopige voorzieningen. Het proces-verbaal is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Verzoekster tot cassatie - verder te noemen: de Provincie - heeft van voormelde beschikking beroep in cassatie ingesteld. Het verzoekschrift tot cassatie is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

Verweerders in cassatie - verder respectievelijk te noemen: de ondernemingsraden en de gemeenten - hebben verweer gevoerd.

De Provincie en de ondernemingsraden hebben de zaak mondeling doen toelichten door hun advocaten en de gemeenten door mr N.S.J. Koeman, advocaat te Amsterdam.

De Advocaat-Generaal in buitengewone dienst Moltmaker heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijk-verklaring van de Provincie in haar cassatieverzoek

3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

Nu de Hoge Raad in zijn beschikking van heden de beschikking van de Ondernemingskamer van 28 januari 1999 in de hoofdzaak vernietigt en de verzoeken van de ondernemingsraden afwijst, heeft de Provincie geen belang meer bij haar beroep in cassatie. De Provincie zal derhalve in haar beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard worden.

4. Beslissing

De Hoge Raad verklaart de Provincie niet-ontvanke-lijk in haar beroep in cassatie.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president R.J.J. Jansen als voorzitter, en de raadsheren Van Brunschot, Hammerstein, Van Amersfoort en Lourens, en door de vice-president Korthals Altes in het openbaar uitgesproken op 26 januari 2000.