Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:1996:AA1961

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
31-01-1996
Datum publicatie
04-07-2001
Zaaknummer
31047
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht 6:6
Algemene wet bestuursrecht 6:5
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
BNB 1996/201 met annotatie van R.E.C.M. Niessen
V-N 1996/867, 8 met annotatie van Redactie
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 30 december 1994 betreffende de hem voor het jaar 1987 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting.

1. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Bij brief, gedagtekend 12 april 1995, waarvan een ontvangstbevestiging is ingekomen, heeft de Griffier van de Hoge Raad belanghebbende in de gelegenheid gesteld het verzuim dat niet is voldaan aan het in art. 6:5, lid 1, letter d, van de Algemene wet bestuursrecht gestelde vereiste, binnen zes weken na de dagtekening van deze brief te herstellen. De termijn voor herstel van dit verzuim eindigde op 24 mei 1995. Nu herstel van het verzuim niet heeft plaatsgevonden, en de Hoge Raad ook ambtshalve niet is gebleken van een grond waarop 's Hofs uitspraak zou behoren te worden vernietigd, zal de Hoge Raad, gezien het bepaalde in art. 6:6 van voormelde wet, belanghebbende in het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

2. Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in art. 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.

3. Beslissing De Hoge Raad verklaart belanghebbende niet-ontvankelijk in haar beroep.

Dit arrest is op 31 januari 1996 vastgesteld door de raadsheer Zuurmond als voorzitter, en de raadsheren Herrmann en C.H.M. Jansen, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Loen, en op die datum in het openbaar uitgesproken.