Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:1978:AC6377

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24-10-1978
Datum publicatie
06-06-2019
Zaaknummer
69985U
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Executie-uitlevering van opgeëiste persoon (Italiaanse nationaliteit) naar Italië t.z.v. veroordeling voor gekwalificeerde diefstal. Feitelijke behandeling HR na vernietiging uitspraak Rb bij eerder arrest HR. Verweer dat uitleveringsverzoek ter tenuitvoerlegging van opgelegde gevangenisstraf niet voor inwilliging vatbaar is, aangezien opgeëiste persoon vrijheidsstraf reeds heeft ondergaan. Uit onderzoek, dat n.a.v. eerder arrest HR is gehouden, is gebleken dat opgeëiste persoon van opgelegde gevangenisstraf in Italië nog 3 dagen heeft te ondergaan naast 20 dagen vrijheidsstraf ter vervanging van aan hem opgelegde geldboete. Uitlevering is - behalve v.zv. deze o.g.v. eerder arrest HR reeds toelaatbaar is - ook toelaatbaar te achten t.b.v. tenuitvoerlegging van gevangenisstraf aan opgeëiste persoon opgelegd bij onherroepelijk arrest van Hof van Beroep in Italië, doch alleen v.zv. deze nog niet is tenuitvoergelegd, derhalve slechts voor tenuitvoerlegging van resterende 3 dagen gevangenisstraf. Uitlevering is niet toelaatbaar t.z.v. tenuitvoerlegging van bij Italiaans arrest tevens opgelegde geldboete of vervangende vrijheidsstraf. HR verklaart uitlevering deels toelaatbaar en deels ontoelaatbaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJ 1979, 157
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

24 oktober 1978

Nr. 69985U

LM

De Hoge Raad der Nederlanden,

Gezien het arrest van de Hoge Raad van 5 september 1978, waarbij onder meer:

a. is vernietigd de uitspraak van de Rechtbank te 's-Gravenhage van 25 mei 1978 voor zover daarbij de uitlevering van [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1950, ten tijde van de bestreden uitspraak gedetineerd in het Huis van Bewaring te 's-Gravenhage, rekwirant van cassatie tegen voormelde uitspraak, toelaatbaar is verklaard ten behoeve van de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf van twee jaar waartoe rekwirant bij onherroepelijk arrest van het Hof van Beroep van l'Aquila van 14 mei 1975 werd veroordeeld wegens diefstal onder verzwarende omstandigheden;

b. het onderzoek is geschorst tot de terechtzitting van 18 september 1978, met verzoek aan de Procureur-Generaal alsdan inlichtingen te verstrekken omtrent de tenuitvoerlegging van evenbedoelde gevangenisstraf;

Gelet op het ingevolge voormeld arrest ter openbare terechtzitting van 18 september 1978 gehouden onderzoek en een namens de Procureur-Generaal op die zitting overgelegd bericht (radiogram) van Interpol Rome, voor zover inhoudende dat rekwirant van vorenbedoelde gevangenisstraf nog drie dagen heeft te ondergaan benevens twintig dagen vrijheidsstraf ter vervanging van de aan rekwirant bij voornoemd arrest van het Hof van Beroep van l'Aquila tevens opgelegde geldboete van 100.000 lire;

Gehoord de conclusie van de Advocaat-Generaal Kist daartoe strekkende dat de Hoge Raad de uitlevering ten behoeve van de tenuitvoerlegging van meerbedoelde gevangenisstraf toelaatbaar zal verklaren voor zover deze nog niet is geschied;

Overwegende dat de uitlevering - behalve voor zover deze ingevolge voormeld arrest van de Hoge Raad reeds toelaatbaar is - ook toelaatbaar is te achten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf aan rekwirant opgelegd bij onherroepelijk arrest van het Hof van Beroep l'Aquila van 14 mei 1975, doch alleen voor zover deze nog niet is tenuitvoergelegd, derhalve slechts voor de tenuitvoerlegging van de - volgens voormeld bericht - resterende drie dagen gevangenisstraf;

Overwegende dat de uitlevering niet toelaatbaar is ter zake van de tenuitvoerlegging van de bij bovenvermeld arrest tevens opgelegde geldboete van 100.000 lire of vervangende vrijheidstraf;

Verklaart de uitlevering mede toelaatbaar ten behoeve van de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf aan rekwirant opgelegd bij onherroepelijk arrest van het Hof van l'Aquila van 14 mei 1975, doch alleen voor zover deze niet is tenuitvoergelegd, derhalve slechts voor de tenuitvoerlegging van de - volgens voormeld bericht - resterende drie dagen;

Verklaart de uitlevering ontoelaatbaar ter zake van de tenuitvoerlegging van de bij evenvermeld arrest tevens opgelegde geldboete van 100.000 lire of vervangende vrijheidstraf.

Gewezen te 's-Gravenhage bij Mrs. Minkenhof, fungerend President, Van der Ven, Bronkhorst, Van den Blink en Wijnholt, Raden, in bijzijn van de Waarnemend-Griffier Sillevis Smitt-Mülder, die dit arrest hebben ondertekend en door Mr. Minkenhof voornoemd uitgesproken ter openbare terechtzitting van de vier en twintigste oktober 1900 acht en zeventig in tegenwoordigheid van de Advocaat-Generaal Remmelink.