Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2021:1325

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
03-05-2021
Datum publicatie
03-05-2021
Zaaknummer
20-000902-19
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBZWB:2019:1172, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het hof heeft het vonnis van de rechtbank bevestigd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer : 20-000902-19

Uitspraak : 3 mei 2021

TEGENSPRAAK (art. 279 Sv)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, van 21 maart 2019, in de strafzaak met parketnummer

02-700061-18 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1957,

wonende te [adres] .

Hoger beroep

Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van poging tot zware mishandeling van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] (het primair tenlastegelegde) en bedreiging met enig misdrijf waardoor gevaar voor de algemene veiligheid van personen en/of goederen en of gemeen gevaar voor de verlening van diensten ontstaat en/of enig misdrijf tegen het leven gericht en/of zware mishandeling van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] (het subsidiair tenlastegelegde) vrijgesproken.

De officier van justitie heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de rechtbank zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, zal bewezen verklaren hetgeen aan de verdachte primair ten aanzien van [slachtoffer 2] is ten laste gelegd en de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.

De verdediging heeft integrale vrijspraak bepleit.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de redengeving waarop dit berust, behoudens de zinsnede op de laatste drie regels op pagina 5 en de eerste twee regels op pagina 6, te weten:

Uit de verklaringen van de verbalisanten en de verklaring van [slachtoffer 1] , dat [slachtoffer 2] opzij moest worden getrokken of achteruit moest stappen om niet door de lepels van de verreiker te worden geraakt, kan ook niet worden afgeleid dat verdachte op korte afstand van [slachtoffer 2] (tot stilstand) is gekomen”.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Aldus gewezen door:

mr. N.J.L.M. Tuijn, voorzitter,

mr. O.A.J.M. Lavrijssen en mr. N. van der Laan, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. J. de Leijer, griffier,

en op 3 mei 2021 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Mr. N. van der Laan is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.