Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2020:2708

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
01-09-2020
Datum publicatie
02-09-2020
Zaaknummer
200.260.481_01 H
Formele relaties
Herstelde arrest: ECLI:NL:GHSHE:2020:2041
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Herstel

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ̓s-HERTOGENBOSCH

Team Handelsrecht

zaaknummer 200.260.481/01

arrest van 1 september 2020

in de zaak van

ABC Wonen B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

appellante,

advocaat: mr. R.H.J.G. Borger te Maastricht,

tegen:

[geïntimeerde] ,

wonende te [woonplaats] (Duitsland),

geïntimeerde,

advocaat: mr. R.P.H.W. Haas te Heerlen,

als vervolg op het door het hof gewezen eindarrest van 7 juli 2020 in het hoger beroep van het door de rechtbank Limburg (kanton, locatie Roermond) onder nummer 7167846 \ CV EXPL 18-5691 gewezen vonnis van 27 februari 2019, verbeterd bij herstelvonnis van 3 april 2019 tussen appellante – ABC Wonen – als eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, en geïntimeerde – [geïntimeerde] – als gedaagde in conventie, eiser in voorwaardelijke reconventie.

5 Het arrest van 7 juli 2020

Bij genoemd arrest heeft het hof de zaak afgedaan.

6 Het herstelverzoek

Mr. Borger heeft gewezen op rov. 3.10 van het arrest:

“3.10 Tussen partijen is niet in geschil dat de werkzaamheden die op 18 april 2018 aan [geïntimeerde] in rekening zijn gebracht, zijn uitgevoerd door Architectenbureau [architectenbureau] BV in de persoon van haar bestuurder [bestuurder] . Volgens ABC Wonen is de opdracht voor die werkzaamheden door [geïntimeerde] mondeling verstrekt aan ABC Wonen en heeft ABC Wonen de werkzaamheden vervolgens uitbesteed aan Architectenbureau [architectenbureau] BV. Als onderbouwing van deze stelling heeft ABC Wonen bij memorie van grieven een verklaring van 8 mei 2019 overgelegd waarin Architectenbureau [architectenbureau] BV verklaart dat zij ABC Wonen heeft verzocht de opdracht van [geïntimeerde] uit te voeren. Deze verklaring is (alleen) namens ABC Wonen ondertekend, door [bestuurder] . De verklaring houdt tevens in dat Architectenbureau [architectenbureau] BV nimmer met [geïntimeerde] heeft afgesproken dat de werkzaamheden gratis zouden worden verricht.”

Mr. Borger wijst op de brief van 8 mei 2019 (productie 5 bij grieven):

“Hierbij verklaart Architectenbureau [architectenbureau] B.V., gevestigd aan de (…) met K.v.K. (…), dat ABC Woning B.V. eveneens gevestigd aan de (…) met K.v.K. (…), haar heeft verzocht de opdracht van de heer [geïntimeerde] uit te voeren.

Tevens verklaart Architectenbureau [architectenbureau] B.V., dat zij nimmer met [geïntimeerde] heeft afgesproken dat deze werkzaamheden gratis zouden worden verricht.”

Mr. Borger betoogt dat onder 3.10 van het arrest de brief van 8 mei 2019 verkeerd is weergegeven.

De strekking is volgens mr. Borger in werkelijkheid:

dat ABC Wonen B.V. “haar” (Architectenbureau [architectenbureau] B.V.) heeft verzocht een opdracht uit te voeren.

Maar de strekking van de weergave onder 3.10 van het arrest is volgens mr. Borger:

dat Architectenbureau [architectenbureau] B.V. ABC Wonen B.V. heeft verzocht een opdracht uit te voeren.

Het hof heeft dus de namen omgedraaid, aldus mr. Borger. Mr. Borger verzoekt herstel. Mr. Borger verzoekt ook de overige overwegingen aan het arrest aan te passen voor zover de aanpassing van overweging 3.10 gevolgen mocht hebben voor die overige overwegingen.

Mr. Haas heeft zich gerefereerd.

7 De beoordeling

Het herstelverzoek is gegrond in die zin dat het hof de namen inderdaad heeft omgedraaid. Het arrest zal worden hersteld in deze zin. Het hof zal voor de duidelijkheid de herstelde woorden gecursiveerd weergeven als na te melden.

Voor het overige is het herstelverzoek ongegrond. De kennelijke vergissing onder 3.10 van het arrest (het omdraaien van de namen van de twee vennootschappen) heeft geen gevolgen voor de overige overwegingen, de motivering of de beslissing.

8 De uitspraak

Het hof:

bepaalt dat de alinea in het arrest van 7 juli 2020 die luidt als volgt:

“3.10 Tussen partijen is niet in geschil dat de werkzaamheden die op 18 april 2018 aan [geïntimeerde] in rekening zijn gebracht, zijn uitgevoerd door Architectenbureau [architectenbureau] BV in de persoon van haar bestuurder [bestuurder] . Volgens ABC Wonen is de opdracht voor die werkzaamheden door [geïntimeerde] mondeling verstrekt aan ABC Wonen en heeft ABC Wonen de werkzaamheden vervolgens uitbesteed aan Architectenbureau [architectenbureau] BV. Als onderbouwing van deze stelling heeft ABC Wonen bij memorie van grieven een verklaring van 8 mei 2019 overgelegd waarin Architectenbureau [architectenbureau] BV verklaart dat zij ABC Wonen heeft verzocht de opdracht van [geïntimeerde] uit te voeren. Deze verklaring is (alleen) namens ABC Wonen ondertekend, door [bestuurder] . De verklaring houdt tevens in dat Architectenbureau [architectenbureau] BV nimmer met [geïntimeerde] heeft afgesproken dat de werkzaamheden gratis zouden worden verricht;”

wordt hersteld, zodat deze alinea luidt als volgt:

“3.10 Tussen partijen is niet in geschil dat de werkzaamheden die op 18 april 2018 aan [geïntimeerde] in rekening zijn gebracht, zijn uitgevoerd door Architectenbureau [architectenbureau] BV in de persoon van haar bestuurder [bestuurder] . Volgens ABC Wonen is de opdracht voor die werkzaamheden door [geïntimeerde] mondeling verstrekt aan ABC Wonen en heeft ABC Wonen de werkzaamheden vervolgens uitbesteed aan Architectenbureau [architectenbureau] BV. Als onderbouwing van deze stelling heeft ABC Wonen bij memorie van grieven een verklaring van 8 mei 2019 overgelegd waarin Architectenbureau [architectenbureau] BV verklaart dat ABC Wonen haar heeft verzocht de opdracht van [geïntimeerde] uit te voeren. Deze verklaring is (alleen) namens ABC Wonen ondertekend, door [bestuurder] . De verklaring houdt tevens in dat Architectenbureau [architectenbureau] BV nimmer met [geïntimeerde] heeft afgesproken dat de werkzaamheden gratis zouden worden verricht;”

bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum 1 september 2020 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 7 juli 2020;

gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het arrest van 7 juli 2020 na ontvangst van dit herstelarrest aan de griffie van het hof te retourneren;

wijst af het herstelverzoek voor het overige.

Dit arrest is gewezen door mrs. L.S. Frakes, H.K.N. Vos en A.L. Bervoets en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 1 september 2020.

griffier rolraadsheer