Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2020:1322

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
05-03-2020
Datum publicatie
11-05-2020
Zaaknummer
20-001736-19
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer : 20-001736-19

Uitspraak : 5 maart 2020

VERSTEK (dnip)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, van 27 maart 2019 in de strafzaak met parketnummer 01-138785-18 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1990,

wonende te [adres] ,

thans zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.

Hoger beroep

Bij vonnis waarvan beroep is verdachte ter zake van diefstal veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken.

Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de politierechter integraal zal bevestigen.

Vonnis waarvan beroep

Het hof bevestigt het beroepen vonnis, met verbetering van de gronden (de gebezigde bewijsmiddelen).

Bewijsmiddelen

De politierechter heeft op pagina 2 van het vonnis als bewijsmiddel opgenomen:

- een proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 juli 2018 van verbalisant [verbalisant 1] , proces-verbaal pag. 8

Het hof zal voornoemde bewijsmiddel geheel vervangen door het volgende bewijsmiddel:

- een proces-verbaal aanhouding d.d. 1 juli 2018, van verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , pagina 11-12 inhoudende als bevindingen van deze verbalisanten:

Op de beelden is duidelijk te zien dat de verdachte met een ogenschijnlijk lege schoudertas de winkel binnen gaat. Vervolgens zagen wij dat de verdachte in ieder geval 4 pakken Nutrilon babyvoeding uit het schap pakt. Tevens zagen wij op de beelden dat de verdachte meerdere goederen in haar winkelmandje had liggen. Wij zagen dat de verdachte op enig moment alleen nog maar een lege winkelmand vast hield en wij zagen dat zij moeite moest doen om de schoudertas omhoog te houden. Het was aannemelijk dat er veel meer gewicht in de tas zat dan toen de verdachte de winkel in liep. Wij zagen dat de verdachte de winkel verliet zonder dat zij enig goed aanbood om af te rekenen.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Aldus gewezen door:

mr. C.M. Hilverda, voorzitter,

mr. S. Riemens en mr. A.J.A.M. Nieuwenhuizen, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. C. Schenker, griffier,

en op 5 maart 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken.