Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2019:181

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
22-01-2019
Datum publicatie
23-01-2019
Zaaknummer
200.238.653_01
Formele relaties
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2018:4305
Einduitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2019:2402
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Verstek
Inhoudsindicatie

verstekzaak in hoger beroep. Betekening wijziging van de eis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer 200.238.653/01

arrest van 22 januari 2019

in de zaak van

[appellant] ,

wonende te [woonplaats] ,

appellant,

hierna aan te duiden als [appellant] ,

advocaat: mr. P.H.A. van Namen te Middelburg,

tegen

[geïntimeerde] h.o.d.n. [GWW Bouw en Techniek] GWW Bouw en Techniek,

wonende te [woonplaats] ,

geïntimeerde,

hierna aan te duiden als [geïntimeerde] ,

in dit hoger beroep niet verschenen,

als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 16 oktober 2018 in het hoger beroep van het vonnis van 13 december 2017, door de kantonrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, gewezen tussen [appellant] als eiser in conventie, verweerder in reconventie en [geïntimeerde] als gedaagde in conventie, eiser in reconventie.

5 Het geding in hoger beroep

Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenarrest van 16 oktober 2018;

  • -

    het door [appellant] bij akte overgelegde exploot van 29 oktober 2018, waarbij de memorie van grieven aan [geïntimeerde] is betekend, hierna: het betekeningsexploot.

Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.

6 De verdere beoordeling

Het betekeningsexploot is betekend aan het adres [adres 1] te [plaats ] , waar de deurwaarder niemand heeft aangetroffen. Dit adres wijkt af van het adres [adres 2] te ’ [woonplaats van geintimeerde] , waar (in maart 2018) de dagvaarding in hoger beroep in persoon aan [geïntimeerde] is betekend. [appellant] heeft geen informatie overgelegd waaruit blijkt dat het betekeningsexploot op 29 oktober 2018 geldig aan het adres in [plaats ] mocht worden betekend. Het hof zal de zaak naar de rol verwijzen om [appellant] in staat te stellen om die informatie alsnog te verschaffen, dan wel om een nieuw betekeningsexploot over te leggen. Het hof zal iedere verdere beslissing aanhouden.

7 De uitspraak

Het hof:

7.1.

verwijst de zaak naar de rol van 12 februari 2019 voor akte aan de zijde van [appellant] ;

7.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. M.G.W.M. Stienissen, A.J. Henzen en H.AE. Uniken Venema en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 22 januari 2019.

griffier rolraad