Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2018:3445

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
17-08-2018
Datum publicatie
17-08-2018
Zaaknummer
20-000931-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het hof bevestigt het vonnis van de rechtbank.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer : 20-000931-17

Uitspraak : 17 augustus 2018

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 9 maart 2017 in de strafzaak met parketnummer 03-659347-15 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1989,

wonende te [adres 1]

thans verblijvende in Vught PPC te Vught.

Hoger beroep

Namens de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, de verdachte ter zake van het onder 1 primair, 2, 3 en 4 ten laste gelegde zal veroordelen tot een gevangenisstraf van 100 dagen, met aftrek van voorarrest en dat het hof tevens aan verdachte de gemaximeerde maatregel zal opleggen van terbeschikkingstelling aan de Staat, met bevel tot verpleging van overheidswege.

De raadsvrouw van verdachte heeft primair integrale vrijspraak bepleit. Subsidiair heeft zij betoogd dat het hof geen acht kan slaan op het door het NIFP uitgebrachte, geactualiseerde rapport en meer subsidiair heeft zij een strafmaatverweer gevoerd.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de gronden waarop dit berust, met dien verstande dat het hof het vonnis aanvult met de navolgende bewijsmiddelen en bewijsoverwegingen.

Aanvullende bewijsmiddelen

Uit het proces-verbaal van bevindingen d.d. 3 september 2015, pagina 30, blijkt dat de plaats delict van het onder 1 primair ten laste gelegde de Keizer Karel V-straat betreft, gelegen in de gemeente Sittard-Geleen, alsmede dat deze locatie is gelegen bij de kruising met het voet- en fietspad genaamd Kempepad.

Uit het proces-verbaal van bevindingen d.d. 8 oktober 2015, pagina 55 en 56, volgt dat het woonadres van verdachte, de [adres 1] , [omschrijving locatie woning verdachte] .

Uit laatstgenoemd proces-verbaal blijkt voorts, dat de woning van verdachte is gelegen in de nabijheid van het Kempepad.

Aanvullende bewijsoverweging

De raadsvrouw van verdachte heeft (primair) integrale vrijspraak bepleit. Volgens haar kan niet worden bewezen dat verdachte de dader was van het onder 1 primair ten laste gelegde feit; het zou ook iemand anders kunnen zijn geweest.

Het hof overweegt dat uit de gebruikte bewijsmiddelen blijkt, dat zowel aangeefster [aangeefster 1] als [aangeefster 2] een signalement hebben gegeven van de dader. Het gaat om een donkergetinte manspersoon, ongeveer 1,75 tot 1,80 meter groot, dun postuur, kort zwart haar, donkere ogen, met een soort van pigmentvlekken op de rug, donkerder van kleur dan zijn eigen huidskleur.

Uit de door de gebezigde bewijsmiddelen blijkt voorts, dat verbalisanten in de cellengang van het politiebureau in Roermond hebben waargenomen dat verdachte een donker getinte huidskleur heeft, dat hij 186 centimeter lang was, dat hij een dun tot mager postuur had, kort zwart haar en dat hij op zijn rug meerdere verkleuringen heeft die voornamelijk donkerder van kleur zijn en ongeveer de vorm en afmetingen hebben van kleine munten en dat er een grote opvallende verkleuring links op zijn rug zit, net onder de schouder.

Gelet op deze specifieke overeenkomsten tussen het door aangeefsters gegeven signalement en het uiterlijk van verdachte, in het bijzonder voor wat betreft de vlekken op zijn rug, in combinatie met het feit dat de plaats delict, het Kempepad, is gelegen in de nabijheid van de woning van verdachte aan [adres 1] , acht het hof voldoende wettig en overtuigend bewezen dat verdachte, en niet een ander, aangeefsters [aangeefster 1] en [aangeefster 2] heeft aangerand. De mogelijkheid dat er zich nog een andere persoon met dit signalement en deze bijzondere lichamelijke kenmerken in deze omgeving zou bevinden schuift het hof als hoogst onwaarschijnlijk ter zijde. Het verweer wordt dan ook verworpen.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep.

Aldus gewezen door:

mr. A.M.G. Smit, voorzitter,

mr. A.R. Hartmann en mr. M.I.A. Schlaghecke-Bouman, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. I. Kroes, griffier,

en op 17 augustus 2018 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Mr. Hartmann en mr. Schlaghecke-Bouman zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.