Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2017:5462

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
05-12-2017
Datum publicatie
08-12-2017
Zaaknummer
200.072.368_02
Formele relaties
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2017:4322
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2017:588
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2016:4307
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2016:1857
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2015:116
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBMAA:2010:2406, Overig
Einduitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2018:2081
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Overheidsrecht. Compensatieovereenkomst van gemeente met projectontwikkelaar. Verkeerde de projectontwikkelaar in schuldeisersverzuim door de door de gemeente aangeboden projecten te weigeren? Verwijzing naar de rol voor stukkenwisseling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2017/6464
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer 200.072.368/02

arrest van 5 december 2017

in de zaak van

Gemeente Sittard-Geleen,

zetelend te Sittard-Geleen,

appellante,

advocaat: mr. Ph.C.M. van der Ven te 's-Hertogenbosch,

tegen

[de vennootschap] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

geïntimeerde,

advocaat: mr. C.B.E. Gramberg te Eindhoven,

als vervolg op de door het hof gewezen tussenarresten van 20 januari 2015, 10 mei 2016, 27 september 2016, 21 februari 2017 en 10 oktober 2017 in het hoger beroep van het door de rechtbank Maastricht onder zaaknummer 135941 / HA ZA 08-1403 gewezen vonnis van 14 april 2010.

17 Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenarrest van 10 oktober 2017;

  • -

    het H16-formulier van de gemeente van 24 oktober 2017;

  • -

    de akte na tussenarrest van [geïntimeerde] van 24 oktober 2017.

Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald.

18 De verdere beoordeling

18.1.

Bij het tussenarrest van 10 oktober 2017 heeft het hof de zaak naar de rol verwezen opdat partijen zich erover uitlaten of zij prijs stellen op een schikkingscomparitie dan wel willen voort procederen. De gemeente heeft bericht dat zij prijs stelt op een comparitie. [geïntimeerde] heeft echter te kennen gegeven dat wat haar betreft een regeling in der minne thans niet aan de orde is en dat zij wil voort procederen. Bij deze stand van zaken zal het hof de zaak naar de rol verwijzen opdat partijen voort procederen.

18.2.

Zoals het hof in rov. 15.6 van voormeld tussenarrest heeft overwogen, heeft [geïntimeerde] bij haar antwoordmemorie na deskundigenbericht van 11 juli 2017 producties overgelegd en op basis daarvan standpunten ingenomen waarop de gemeente nog niet heeft kunnen reageren. Het hof heeft aangekondigd dat de gemeente een memorie zal mogen nemen om dit alsnog te kunnen doen. Het hof zal de zaak hiervoor naar de rol verwijzen.

18.3.

In het tussenarrest van 10 oktober 2017 (rov. 15.7) heeft het hof ook overwogen het noodzakelijk te achten dat [deskundige] aanvullend onderzoek verricht. Tegelijk met de te nemen memorie zal de gemeente tevens een akte mogen nemen opdat zij zich daarover kan uitlaten en suggesties kan doen voor nadere vragen aan de deskundige. Het hof is voornemens ook het voorschot voor het aanvullend onderzoek ten laste van de gemeente te brengen (zie rov. 9.5 van het tussenarrest 27 september 2016). [geïntimeerde] zal daarna voor dezelfde doeleinden een antwoordakte kunnen nemen.

18.4.

Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

19 De uitspraak

Het hof:

verwijst de zaak naar de rol van 16 januari 2018 voor memorie alsmede voor akte aan de zijde van de gemeente als bedoeld in rov. 18.2 onderscheidenlijk rov. 18.3;

bepaalt dat [geïntimeerde] daarna een antwoordakte zal kunnen nemen met uitsluitend het in rov. 18.3 genoemde doel;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. M.A. Wabeke, J.P. de Haan en E.F.D. Engelhard en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 5 december 2017.

griffier rolraadsheer