Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2015:446

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
10-02-2015
Datum publicatie
26-08-2015
Zaaknummer
HD 200.139.771_01
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

deskundigenbericht

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer HD 200.139.771/01

arrest van 10 februari 2015

in de zaak van

[appellant] ,

wonende te [woonplaats 1] ,

appellant,

advocaat: mr. J.P.M.M. Heijkant te Dongen,

tegen

[geïntimeerde] , h.o.d.n. [handelsnaam],

wonende te [woonplaats 2] ,

geïntimeerde,

advocaat: mr. H.J.W.A. van der Put te Breda,

als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 25 november 2014 in het hoger beroep van de vonnissen van de rechtbank Breda en -na herindeling van de gerechtelijke kaart- Zeeland-West-Brabant van 1 december 2010, 16 februari 2011, 22 juni 2011, 5 september 2012, 12 december 2012 en 2 oktober 2013.

Partijen worden hierna [appellant] en [geïntimeerde] genoemd.

4 Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenarrest van 25 november 2014;

  • -

    de akte uitlating na tussenarrest van [geïntimeerde] ;

  • -

    de akte van [appellant] .

Vervolgens heeft het hof een datum voor arrest bepaald. Dit arrest wordt bij vervroeging uitgesproken.

5 De verdere beoordeling

In het principaal beroep

5.1.

Bij genoemd tussenarrest heeft het hof beide partijen in de gelegenheid gesteld om zich bij akte uit te laten over het voornemen van het hof om een nader deskundigenbericht te gelasten, waarbij de deskundige:

- zich gemotiveerd uitlaat over de bezwaren van [appellant] ten aanzien van het in het eindrapport gehanteerde aantal van 138 m2 en, indien mogelijk, een nieuwe meting in het bijzijn van partijen zal verrichten;

- indien de nadere gegevens over de oppervlakte daartoe aanleiding geven, een enkel daarop aangepaste berekening maakt van de onderhandse verkoopwaarde in verhuurde staat.

5.2.

Partijen hebben van de gelegenheid om zich hierover uit te laten gebruik gemaakt. De (impliciete) stelling van [geïntimeerde] dat een nader deskundigenbericht of hernieuwde meting achterwege kan blijven, wordt gelet op de gemotiveerde bezwaren van [appellant] tegen het rapport van de deskundige op dit punt en onder verwijzing naar de inhoud van rechtsoverweging 3.8.4. en 3.8.5. in het tussenarrest, verworpen. Indien een nadere meting onmogelijk of zinloos is, kan de deskundige daarvan gemotiveerd melding maken.

Vraagstelling

5.3.

Gelet op het voorgaande en de gemaakte opmerkingen van partijen zal het hof een nader deskundigenbericht gelasten, waarbij de deskundige, met inachtneming van hetgeen het hof in het tussenarrest onder 3.8.4. en 3.8.5. heeft overwogen, gemotiveerd en zo nauwkeurig mogelijk antwoord dient te geven op de volgende vragen:

- wilt u gemotiveerd reageren op de bezwaren van [appellant] ten aanzien van het in het deskundigenrapport van 28 mei 2013 gehanteerde aantal van 138 m2 verhuurbare vloeroppervlakte, waarbij u, indien mogelijk, in aanwezigheid van partijen een nieuwe meting dient te verrichten ter vaststelling van het aantal m2 verhuurbare vloeroppervlakte ten tijde van de peildatum (29 september 2007), en indien een meting niet mogelijk is anderszins gemotiveerd het aantal m2 dient vast te stellen;

- indien het voorgaande er toe leidt dat moet worden uitgegaan van een afwijkend aantal m2 aan verhuurbare vloeroppervlakte, dient u een daarop aangepaste berekening te maken van de onderhandse verkoopwaarde in verhuurde staat van het pand, overigens met handhaving van alle overige gehanteerde uitgangspunten en dezelfde berekeningssystematiek.

Persoon van de deskundige

5.4.

Beide partijen kunnen zich vinden in de benoeming van P. Blonk tot deskundige. Het hof zal dienovereenkomstig beslissen.

5.5.

De deskundige dient eventuele nadere informatie die hij nodig heeft en die geen deel uitmaakt van de processtukken, bij de advocaten op te vragen. De advocaat die informatie verschaft dient een afschrift daarvan toe te zenden aan de advocaat van de wederpartij. De deskundige wordt verzocht de verkregen informatie als bijlage bij het deskundigenbericht te voegen.

Voorschot

5.6.

Nu vaststaat dat sprake is van schadeplichtigheid van [appellant] en ook dit deskundigenrapport nodig is in verband met de vaststelling van de hoogte van die schade, zal het hof bepalen dat [appellant] het voorschot van de deskundige dient te voldoen. De deskundige heeft aangegeven dat de kosten van het bericht € 950,-- exclusief BTW bedragen, welk bedrag het hof niet bovenmatig voorkomt. Het hof zal het voorschot dienovereenkomstig vaststellen.

In het principaal en incidenteel beroep

5.7.

Het hof zal iedere verdere beslissing aanhouden in afwachting van het deskundigenonderzoek.

6 De uitspraak

Het hof:

In het principaal beroep:

6.1.

bepaalt dat een deskundigenonderzoek wordt verricht naar de in rechtsoverweging 5.3. van dit arrest geformuleerde vragen;

6.2.

benoemt tot deskundige ter beantwoording van deze vragen:

De heer P. Blonk
Kolpa Taxaties en Advies B.V./Kolpa Makelaars B.V.

[adres]

tel. [telefoonnummer]

email: [e-mailadres]

6.3.

bepaalt dat de griffier van dit hof een afschrift van dit arrest aan de deskundige toezendt;

6.4.

bepaalt dat partijen binnen één week na de datum van dit arrest (een afschrift van) de verdere processtukken aan de deskundige ter beschikking zullen stellen en alle door deze gewenste inlichtingen zullen verstrekken;

6.5.

bepaalt dat de deskundige eerst met het onderzoek begint nadat daartoe van de griffier bericht is ontvangen;

6.6.

bepaalt dat de deskundige bij het onderzoek – en ten aanzien van de conceptrapportage – partijen in de gelegenheid stelt opmerkingen te maken en verzoeken te doen, en dat uit het schriftelijk bericht van de deskundige moet blijken of aan dit voorschrift is voldaan, terwijl in het bericht tevens melding wordt gemaakt van de inhoud van zodanige opmerkingen en verzoeken;

6.7.

verzoekt de deskundige een schriftelijk en met redenen omkleed bericht, met een duidelijke conclusie, in te leveren ter griffie van dit hof en tegelijkertijd een afschrift van het bericht aan de advocaten van partijen toe te zenden;

6.8.

bepaalt de termijn waarbinnen het schriftelijk, ondertekend bericht ter griffie van dit hof (postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch) moet worden ingeleverd op drie maanden nadat door de griffier is bericht dat met het onderzoek kan worden begonnen;

6.9.

bepaalt het voorschot op de kosten van de deskundige op het door de deskundige begrote bedrag van € 1.149,50 (inclusief BTW), tenzij (één van) partijen binnen veertien dagen na deze uitspraak bij brief aan de griffier van dit hof met afschrift aan de wederpartij (die binnen twee dagen hierop kan reageren bij brief aan de griffier van dit hof met afschrift aan de wederpartij) tegen de hoogte van het voorschot bezwaar heeft/hebben gemaakt, in welk geval het hof op het bezwaar/de bezwaren zal beslissen en de hoogte van het voorschot zal bepalen;

6.10.

bepaalt dat [appellant] het bedrag van het voorschot ad € 1.149,50 zal overmaken na ontvangst van de nota met betaalinstructies die door het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak zal worden verzonden;

6.11.

verzoekt de deskundige, indien zijn kosten het voorschot te boven mochten gaan, het hof daarover tijdig in te lichten;

6.12.

benoemt mr. P.P.M.. Rousseau tot raadsheer-commissaris, tot wie de deskundige zich, door tussenkomst van de griffier dient te wenden met (procedurele) vragen en verzoeken indien het onderzoek daartoe aanleiding geeft;

6.13.

verwijst de zaak naar de rol van dinsdag 9 juni 2015 in afwachting van het deskundigenbericht;

6.14.

verstaat dat de zaak na ontvangst van het deskundigenbericht naar de rol wordt verwezen voor memorie na deskundigenbericht aan de zijde van [appellant] ;

In het principaal en incidenteel beroep

6.15.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. P.M.A. de Groot-van Dijken, M.J.H.A. Venner-Lijten en P.P.M. Rousseau en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 10 februari 2015.