Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2014:1806

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
18-06-2014
Datum publicatie
18-06-2014
Zaaknummer
20-003851-13
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

OM-appel. Het hof veroordeelt verdachte ter zake van het medeplegen van het vervoeren van amfetamine en MDMA tot een gevangenisstraf voor de duur van drie jaar. Voor het in beroep of bedrijf telen van hennep en diefstal van stroom legt het hof een gevangenisstraf op voor de duur van twee maanden. De rechtbank legde in totaal een gevangenisstraf voor de duur van twintig maanden op.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer : 20-003851-13

Uitspraak : 18 juni 2014

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 14 november 2013 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 01-845116-13 en 01-820266-13, 01-820487-13, 01-821454-13, tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

wonende te [adres].

Hoger beroep

Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte:

– in de zaak met parketnummer 01-820266-13 vrijgesproken van de impliciet primair en subsidiair ten laste gelegde poging tot doodslag dan wel zware mishandeling, alsmede van de subsidiair ten laste gelegde bedreiging;

– in de zaak met parketnummer 01-821454-13 vrijgesproken van overtreding van artikel 2 van de Opiumwet, alsmede van de subsidiair ten laste gelegde overtreding van artikel 10a van de Opiumwet;

– in de zaak met parketnummer 01-845116-13 veroordeeld ter zake van overtreding van artikel 2 van de Opiumwet, meermalen gepleegd;

– in de zaak met parketnummer 01-820487-13 veroordeeld ter zake van het in de uitoefening van een beroep of bedrijf opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod (feit 1) en diefstal (feit 2).

Aan verdachte is een gevangenisstraf voor de duur van twintig maanden met aftrek van voorarrest opgelegd.

De officier van justitie heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Het hoger beroep is vervolgens door de officier van justitie partieel ingetrokken, te weten voor wat betreft de zaken met parketnummers 01-820487-13, 01-820266-13 en 01-821454-13.

Omvang van het hoger beroep

Het hoger beroep is, gelet op de partiële intrekking van het hoger beroep, beperkt tot de veroordeling ter zake van hetgeen aan de verdachte in de zaak met parketnummer 01-845116-13 is ten laste gelegd.

Al hetgeen hierna wordt overwogen en beslist heeft uitsluitend betrekking op dat gedeelte van het beroepen vonnis dat aan het oordeel van het hof is onderworpen, met dien verstande dat het gerechtshof hierna voor de door de rechtbank in de zaak met parketnummer 01-820487-13 onder 1. en 2. bewezen verklaarde feiten, gelet op artikel 423, lid 4, van het Wetboek van Strafvordering, bij vernietiging van het vonnis de straf dient te bepalen.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de rechtbank – voor zover aan zijn oordeel onderworpen – zal vernietigen en het in de zaak met parketnummer 01-845116-13 ten laste gelegde tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk vervoeren van amfetamine en MDMA zal bewezen verklaren en aan verdachte zal opleggen een gevangenisstraf voor de duur van tweeënveertig maanden, met aftrek van voorarrest.

Voor wat betreft de zaak met parketnummer 01-820487-13 heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het hof op grond van art. 423, vierde lid, Sv als straf zal bepalen: een gevangenisstraf voor de duur van twee maanden.

Voorts heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het hof, indien het zich geroepen voelt daarover een beslissing te nemen, zal bepalen dat de onder verdachte in beslag genomen iPhone (goednummer: PL26WF-2013007708-438166) aan hem zal worden teruggegeven.

Door en namens verdachte is vrijspraak bepleit en een strafmaatverweer gevoerd.

Vonnis waarvan beroep

Het hof kan zich op onderdelen niet met het beroepen vonnis verenigen. Om redenen van efficiëntie zal het hof het vonnis – voor zover aan zijn oordeel onderworpen – vernietigen.

Tenlastelegging

Aan verdachte is – voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen – ten laste gelegd dat:

Parketnummer 01-845116-13

hij op of omstreeks 12 februari 2013 te Geldrop, gemeente Geldrop-Mierlo, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 10,6 kilogram amfetamine en/of 6,5 kilogram MDMA, in elk geval hoeveelheden of een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine en/of MDMA, zijnde amfetamine en/of MDMA (een) middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het in de zaak met parketnummer 01-845116-13 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:

hij op 12 februari 2013 te Geldrop, gemeente Geldrop-Mierlo, tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk heeft vervoerd een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine en een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, zijnde amfetamine en MDMA middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I.

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Door het hof gebruikte bewijsmiddelen

Indien tegen dit verkort arrest beroep in cassatie wordt ingesteld, worden de door het hof gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het verkort arrest. Deze aanvulling wordt dan aan het verkort arrest gehecht.

Bijzondere overwegingen omtrent het bewijs

De beslissing dat het bewezen verklaarde door de verdachte is begaan berust op de

feiten en omstandigheden als vervat in de hierboven bedoelde bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang beschouwd.

Elk bewijsmiddel wordt – ook in zijn onderdelen – slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezen verklaarde feit, of die bewezen verklaarde feiten, waarop het, blijkens zijn inhoud, betrekking heeft.

Door en namens verdachte is vrijspraak bepleit. Daartoe is aangevoerd dat verdachte geen wetenschap heeft gehad van de aanwezigheid van de verdovende middelen in de door hem bestuurde auto, hetgeen impliceert dat het hem heeft ontbroken aan opzet op het vervoeren dan wel aanwezig hebben van die verdovende middelen en dat hij evenmin bewust en nauw heeft samengewerkt met het oog op dat vervoeren dan wel aanwezig hebben.

Het hof overweegt dienaangaande als volgt.

In de nacht van 11 op 12 februari 2013 surveilleerden verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2], in burger gekleed en in een onopvallend surveillancevoertuig, over de A67 in verband met een geplande actie die plaats vond op met name de verzorgingsplaatsen tussen knooppunt Leenderheide en de afrit Someren. Het was de verbalisanten ambtshalve bekend dat op deze verzorgingsplaatsen regelmatig strafbare feiten plaatsvinden, zoals drugsoverdrachten. Op 12 februari 2013 stonden de verbalisanten op de verzorgingsplaats Oeijenbraak. Zij zagen een auto, een Audi A4, rijden met daarin twee personen, naar later blijkt verdachte als bestuurder en medeverdachte [medeverdachte] als bijrijder. Toen deze auto hen met zeer geringe snelheid passeerde zagen verbalisanten dat de beide inzittenden bij hen naar binnen keken, elkaar aankeken en vervolgens wegreden. De verbalisanten zijn de Audi gevolgd. Het voertuig en de inzittenden zijn vervolgens gecontroleerd. Door [verbalisant 2] wordt gerelateerd dat hij direct op de achterbank twee grote pakketten zag liggen. Ook lag er een pakket onder de bestuurdersstoel en een onder de bijrijdersstoel. Het ging om vier, met zwarte tape omwikkelde metalen kastjes c.q. kistjes. Aan de onderzijde waren magneten bevestigd.

In de vier pakketten, die in beslag werden genomen, bevond zich 10,6 kilogram bruto van een materiaal bevattende amfetamine en 6,5 kilogram bruto van een materiaal bevattende MDMA.

Tijdens het onderzoek in de auto, Audi A4, werd een mobiele telefoon, merk: Blackberry, gevonden. Bij het uitlezen van deze Blackberry blijkt dat de gebruiker van het pinnummer ‘[alias 1]’ is. In de gsm worden onder andere de volgende chatberichten, verstuurd door ene ‘[alias 2]’ en ‘[alias 1]’ aangetroffen:

(10 februari 2011)

From: [alias 2]

TimeStamp: 10-2-2013 19:59:19 (UTC+0)

It will be late night but I think is better?

From: [alias 1]

TimeStamp: 10-2-2013 20:01:58 (UTC+0)

Early morning is very good

From: [alias 2]

TimeStamp: 10-2-2013 20:03:11 (UTC+0)

What you mean? Get them ready then leave early in the morning?

From: [alias 1]

TimeStamp: 10-2-2013 20:13:56 (UTC+0)

Make them ready leave around two o clock

From: [alias 2]

TimeStamp: 10-2-2013 20:14:28 (UTC+0)

2am?

From: [alias 1]

TimeStamp: 10-2-2013 20:43:09 (UTC+0)

No ah shop to buy tape

From: [alias 2]

TimeStamp: 10-2-2013 20:43:29 (UTC+0)

Ok then we fix boxes

From: [alias 2]

TimeStamp: 10-2-2013 22:01:56 (UTC+0)

And do you have screws for magnet

From: [alias 1]

TimeStamp: 10-2-2013 22:04:23 (UTC+0)

We have in garage I think

(11 februari 2011)

From: [alias 2]

TimeStamp: 11-2-2013 17:26:09 (UTC+0)

Yea but I don’t know where the packages are

From: [alias 2]

TimeStamp: 11-2-2013 17:26:34 (UTC+0)

Where u put them

From: [alias 1]

TimeStamp: 11-2-2013 17:28:04 (UTC+0)

Take stairs

From: [alias 2]

TimeStamp: 11-2-2013 17:28:20 (UTC+0)

Above office yea

From: [alias 1]

TimeStamp: 11-2-2013 17:28:45 (UTC+0)

Other place

From: [alias 2]

TimeStamp: 11-2-2013 17:29:03 (UTC+0)

? I check

From: [alias 2]

TimeStamp: 11-2-2013 18:38:42 (UTC+0)

We don’t have enough magnet 3 r ready to go

(12 februari 2011)

From: [alias 2]

TimeStamp: 12-2-2013 0:36:48 (UTC+0)

Ok I’m on highway

From: [alias 1]

TimeStamp: 12-2-2013 0:40:18 (UTC+0)

You drive 109k

From: [alias 1]

TimeStamp: 12-2-2013 0:49:44 (UTC+0)

[afgekorte voornaam] is in gas station

From: [alias 2]

TimeStamp: 12-2-2013 0:52:21 (UTC+0)

Ok I do 120 k per hour now ok

From: [alias 1]

TimeStamp: 12-2-2013 0:53:49 (UTC+0)

You drive near border about 1e07

From: [alias 1]

TimeStamp: 12-2-2013 0:54:24 (UTC+0)

Yes 120km is okay..

From: [alias 1]

TimeStamp: 12-2-2013 0:58:19 (UTC+0)

2 cops

From: [alias 2]

TimeStamp: 12-2-2013 0:59:34 (UTC+0)

I’m at retie

From: [alias 2]

TimeStamp: 12-2-2013 0:59:34 (UTC+0)

Wot

From: [alias 2]

TimeStamp: 12-2-2013 1:00:42 (UTC+0)

They have u

Hierna volgt een aantal korte berichten afkomstig van ‘[alias 2]’ tussen 1:04:03 en 1:32:03, onder meer inhoudende:

- Hey

- Are you ok

- Hello

- what is going on tell me

- PING!!!

- I am at ring antwerp en

- Now kennedy tunnel

- How r u doing

Uiteindelijk volgt daarop het volgende bericht van ‘[alias 1]’ met de volgende reactie van ‘[alias 2]’:

From: [alias 1]

TimeStamp: 12-2-2013 1:33:09 (UTC+0)

Cops

From: [alias 2]

TimeStamp: 12-2-2013 1:33:37(UTC+0)

U fucked or u ok

De tijdstippen van deze berichten zijn weergegeven als ‘UTC+0’. Naar het oordeel van het hof is het een feit van algemene bekendheid dat de Nederlandse tijdzone in februari (wintertijd) UTC+1 is. Hoewel in het proces-verbaal ‘veiligstellen data mobiele telefoon’ is gerelateerd dat de datum en tijd van de Blackberry waren ingesteld conform de daadwerkelijke tijd en datum (p. 93), dient, gelet op de vermelding UTC+0, bij de tijdstippen weergegeven bij deze chatberichten derhalve telkens een uur te worden opgeteld voor de juiste Nederlandse tijd.

Medeverdachte [medeverdachte] heeft verklaard dat hij het bericht ‘[afgekorte voornaam] is in gas station’ heeft verzonden. [medeverdachte] bevond zich toen als bijrijder in de Audi die door de verdachte werd bestuurd. Dit bericht is door ‘[alias 1]’ verstuurd op 12 februari 2013 om 1.49.44 uur Nederlandse tijd. Het hof leidt hieruit af dat de berichten afkomstig van ‘[alias 1]’ zijn verzonden vanaf de Blackberry en dat de berichten verzonden door ‘[alias 1]’ tussen 12 februari 2013, 1.40.18 (Nederlandse tijd) en 12 februari 2013, 2.33.09 (Nederlandse tijd) zijn verzonden vanuit de Audi en derhalve door verdachte dan wel door [medeverdachte]. Anders dan de raadsman, acht het hof het geenszins uitgesloten, gelet op het tijdstip van aanhouding van beide verdachten (2.40 uur), dat het bericht verstuurd door ‘[alias 1]’ om 2:33:09 (Nederlandse tijd) nog door verdachte of [medeverdachte] is verstuurd kort voordat zij door hun aanhouding daartoe niet meer in staat waren.

Gelet op de inhoud van de berichten gaat het hof ervan uit dat de eerder verstuurde berichten, gelet op de verwijzingen naar tape, magnet, boxes en packages, betrekking hadden op de in de Audi aangetroffen pakketten en dat een afspraak is gemaakt met een persoon die gebruik maakt van de naam ‘[alias 2]’. Tijdens het vervoer van de pakketten heeft contact plaatsgevonden tussen een van de inzittenden van de Audi, mogelijk [medeverdachte], en ‘[alias 2]’. In die contacten hield men elkaar op de hoogte van de gebeurtenissen. Zo werd ‘[alias 2]’ gewaarschuwd dat er politie was. Uit de inhoud van de berichten maakt het hof voorts op dat de bediener van de Blackberry van de aanwezigheid van de pakketten in de Audi heeft geweten en dat hij met die pakketten op weg was naar een ontmoeting met ‘[alias 2]’.

Gebleken is voorts dat verdachte de Audi waarin hij en [medeverdachte] zich bevonden in gebruik had, dat hij toegang had tot de garage waar de Audi eerder die nacht geparkeerd stond en dat hij met [medeverdachte] in de Audi, waarin de pakketten lagen, is vertrokken waarbij verdachte degene was die de auto bestuurde. Uit de gehele gang van zaken, zoals deze tot uitdrukking komt in de bewijsmiddelen, leidt het hof af dat verdachte en [medeverdachte] op weg waren naar een ontmoeting met ‘[alias 2]’, welke ontmoeting te maken had met de pakketten met verdovende middelen die in de Audi lagen, en dat verdachte wel degelijk wist wat zich afspeelde en dat hij derhalve wist dat in de bij hem in gebruik zijnde auto pakketten lagen met verdovende middelen. Het hof heeft daarbij de door verbalisanten gerelateerde omstandigheid betrokken dat verdachte en [medeverdachte] beiden bij verbalisanten de auto binnen keken, vervolgens elkaar aankeken en verdachte, zijnde de bestuurder van de Audi, is weggereden. Verdachte heeft voor de kennelijke bestemming van de Audi die nacht ook geen plausibele verklaring gegeven.

Uit het vorenoverwogene leidt het hof af dat verdachte wetenschap heeft gehad van de aanwezigheid van de pakketten met verdovende middelen in de Audi en dat hij, tezamen met [medeverdachte], de pakketten heeft vervoerd. Dat [medeverdachte] eerder in hoger beroep is vrijgesproken van dit feit kan aan dat oordeel niet afdoen. Het hangt immers van de aan de feitenrechter voorbehouden waardering van het bewijsmateriaal in de zaak van de verdachte af of en zo ja welk ten laste gelegd feit bewezen kan worden, nog daargelaten dat het arrest in de strafzaak tegen [medeverdachte] niet onherroepelijk is nu de advocaat-generaal in die zaak beroep in cassatie heeft gesteld.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het in de zaak met parketnummer 01-845116-13 bewezen verklaarde levert op:

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluiten.

Strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten.

De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezen verklaarde.

Op te leggen straf

Ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-845116-13 bewezen verklaarde

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezen verklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Naar het oordeel van het hof kan gelet op de ernst van het bewezen verklaarde in de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd, niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming voor de hierna te vermelden duur met zich brengt.

Het hof heeft daarbij gelet op:

- de omstandigheid dat het in totaal om een grote hoeveelheid hard drugs ging,

- de omstandigheid dat de verdachte reeds eerder onherroepelijk voor soortgelijke strafbare feiten is veroordeeld;

- de omstandigheid dat hard drugs als de onderhavige, eenmaal in handen van gebruikers, grote gevaren voor de gezondheid van die gebruikers opleveren, terwijl die gebruikers hun verslaving vaak door diefstal of ander crimineel handelen trachten te bekostigen, waardoor aan de samenleving ernstige schade wordt berokkend.

Ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-820487–13 bewezen verklaarde

Het hof zal, gelet op artikel 423, lid 4, van het Wetboek van Strafvordering, een straf bepalen ten aanzien van het niet aan zijn oordeel onderworpen door de rechtbank in de zaak met parketnummer 01-820487-13 onder 1. en 2. bewezen verklaarde. Het hof zal die straf bepalen op een gevangenisstraf voor de duur van twee maanden, gelet op de straffen die doorgaans plegen te worden opgelegd voor feiten zoals bewezen verklaard.

Beslag

Het hof zal de teruggave aan de verdachte gelasten van de onder verdachte in beslag genomen iPhone met goednummer PL26WF-2013007708-438166.

Voorlopige hechtenis

Tegen verdachte is een bevel tot voorlopige hechtenis verleend. Dit bevel is door het hof ter terechtzitting van 4 juni 2014 geschorst tot 18 juni 2014, 12.30 uur. Ten tijde van het uitspreken van dit arrest, op 18 juni 2014 te 13.15 uur, is het bevel tot voorlopige hechtenis derhalve herleefd. Gelet op de straffen die het hof zal opleggen, ziet het hof geen aanleiding enige nadere beslissing te nemen ten aanzien van de voorlopige hechtenis van verdachte.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De beslissing is gegrond op de artikelen 2, 3, 10 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 47, 57 en 310 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, met inbegrip van de straf en doet in zoverre opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 01-845116-13 ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het in de zaak met parketnummer 01-845116-13 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-845116-13 bewezen verklaarde tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) jaren.

Bepaalt dat ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-820487-13 onder 1. en 2. bewezen verklaarde een gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) maanden wordt opgelegd.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraffen in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op straf in mindering is gebracht.

Gelast de teruggave aan verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten: iPhone - zwart (goednummer: PL26WF-2013007708-438166).

Aldus gewezen door

mr. F.P.E. Wiemans, voorzitter,

mr. M.J.H.J. de Vries-Leemans en mr. J.A. van Zon, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. drs. T. Kraniotis, griffier,

en op 18 juni 2014 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

mr. J.A. van Zon is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.