Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2014:1784

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
17-06-2014
Datum publicatie
06-04-2016
Zaaknummer
HD 200.063.486_01
Formele relaties
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2014:394
Einduitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2016:1294
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

benoeming deskundige

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer HD 200.063.486/01

arrest van 17 juni 2014

in de zaak van

M-Trade LTD,

gevestigd te [vestigingsplaats] , Bulgarije,

appellante in principaal hoger beroep,

geïntimeerde in (deels voorwaardelijk) incidenteel hoger beroep,

advocaat: mr. Ph.C.M. van der Ven te 's-Hertogenbosch,

tegen

[Europa] Europa B.V., voorheen geheten [Grondverbetering] Grondverbetering B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

geïntimeerde in principaal hoger beroep,

appellante in (deels voorwaardelijk) incidenteel hoger beroep,

advocaat: mr. I.J.A.J. Hanssen te Boxmeer,

als vervolg op de door het hof gewezen tussenarresten van 30 november 2010, 27 december 2011, 4 september 2012, 29 januari 2013 en 18 februari 2014 in het hoger beroep van de door de rechtbank Roermond onder zaaknummer 84782/HAZa 08-124 gewezen vonnissen van 18 juni 2008, 24 december 2008 en 13 januari 2010.

20 Het verloop van de procedure

20.1.

[Europa] en M-Trade hebben elk een akte genomen.

20.2.

De raadsheer-commissaris heeft de doos met veren, die door getuige [getuige] ter hand was gesteld (zie r.o. 18.8.5. van het tussenarrest) ter griffie van het hof gedeponeerd. Van dit depot is door de griffier een akte opgemaakt.

20.3.

Vervolgens is wederom arrest bepaald.

21 De verdere beoordeling

in principaal en incidenteel hoger beroep

21.1.

Bij genoemd tussenarrest heeft het hof de zaak naar de rol verwezen teneinde partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over het aantal en de persoon van de te benoemen deskundige(n) en om suggesties met betrekking tot aan de deskundige(n) voor te leggen vragen te doen. Daarnaast heeft het hof M-Trade gevraagd wat zij wenst te doen met de bij het hof nog aanwezige doos veren.

21.2.1.

Zowel [Europa] als M-Trade geven de voorkeur aan de benoeming van één deskundige. Zij hebben het hof de suggestie gegeven om een deskundige van TNO te benoemen.

21.2.2.

Het hof zal als deskundige te benoemen:

M.A. van den Nieuwenhof,

research engineer Materials for Integrated Products

TNO [vestigingsplaats]

Postbus [postbusnummer]

[postcode] [kantoorplaats]

Tel. [telefoonnummer]

[mail-adres] @tno.nl.

21.2.3.

De deskundige heeft voorafgaand aan aanvaarding van haar benoeming aangegeven dat zij indien mogelijk en voor zover deze niet reeds in het dossier aanwezig zijn de beschikking wenst te krijgen over de navolgende stukken:

- constructietekeningen van de frambozenplukmachine met relevante tekeningen van subsystemen, zoals de orbirotor;

- specificaties van de fabrikant (van vervangbare onderdelen);

- handleiding.

De deskundige wenst daarnaast de beschikking te krijgen over de bij het hof gedeponeerde veren.

21.2.4.

Het hof verzoekt M-Trade om, naast het procesdossier, aan de deskundige ter hand te stellen de hierna in r.o. 21.3.2. onder b, e en g genoemde bewijsmiddelen.

21.3.1.

Beide partijen kunnen zich verenigen met de aan de deskundige te stellen vragen, zoals deze door het hof in r.o. 18.8.1 van het tussenarrest zijn geformuleerd. Zij hebben daarnaast nog enkele suggesties gedaan voor aanvullende vragen.

21.3.2.

Met inachtneming van de door partijen gedane suggesties, welke het hof deels zal overnemen, zal het hof de navolgende vraag aan de deskundige voorleggen.

Vraag

Kunt u aan de hand van de navolgende bewijsmiddelen het hof gemotiveerd en zo nauwkeurig mogelijk informeren over de hierna als 1 tot en met 3 gestelde subvragen. (U kunt hierbij uw onderzoek beperken tot de gebeurtenissen in de zgn. “tweede periode” die begint met het versturen van de vervangende veren op 17 augustus 2007).

Bewijsmiddelen

a. a) De ten overstaan van de raadsheer-commissaris afgelegde verklaringen;

door M-Trade bijgebrachte bewijsmiddelen:

b) een filmpje op dvd, waarin te zien zou zijn dat de machine niet goed functioneert (op 3 augustus 2010 gedeponeerd); dit filmpje is door [getuige] tijdens zijn getuigenverklaring toegelicht;

c) foto’s van de machine, eveneens tijdens het getuigenverhoor door [getuige] toegelicht (prod. 5 memorie na enquête);

d) een deskundigenrapport over het functioneren van de machine met verschillende typen veren, door een Bulgaarse deskundige opgemaakt op verzoek van M-Trade, met foto’s (prod. 1 mvg);

e) een dvd met daarop twee filmpjes (“2013 bad spring” en “2013 good spring”) met een aantal bestanden (gedeponeerd op 10 juli 2013) (en eveneens door [Europa] gedeponeerd op usb-stick op 8 juli 2013);

f) het onderzoeksrapport van het (vertaald genaamd) “Laboratory for Testing of Machines, Equipment and Units” in [vestigingsplaats] , Bulgarije, als bijlage 8 (Bulgaarse versie) en 9 (Engelse vertaling) gevoegd bij de brief van 29 oktober 2008 aan de rechtbank Breda;

g) een doos met veren, welke tijdens het getuigenverhoor door getuige [getuige] aan de raadsheer-commissaris is getoond en ter griffie van het hof is gedeponeerd.

door [Europa] bijgebrachte bewijsmiddelen:

h) e-mail van [verzender] van 18 november 2010 (prod. 5 mva);

i. i) “Additional Comments on photos from M-Trade” van [verzender] d.d. 26 april 2013 (prod. 10 mne);

j) (ongedateerd) commentaar van [verzender] op de dvd van M-Trade (prod. 12 mne).

Sub-vragen:

(1) Zijn het gewicht en/of de diameter van een veer relevant voor de werking van de frambozenplukmachine (zoals M-Trade stelt) of zijn het gewicht en/of de diameter alleen relevant voor de levensduur van de veer zelf (zoals [Europa] stelt)?

(2) Indien het gewicht en/of de diameter van een veer relevant zijn voor de werking van de machine: waren veren van 9.2 mm en/of 10.3 mm te licht voor het beoogde gebruik in de frambozenplukmachine, zodat de machine reeds daarom niet goed functioneerde, zoals M-Trade heeft gesteld?

(3) Heeft u verder nog opmerkingen, die u voor de beantwoording van deze sub-vragen van belang acht of waarvan u het zinvol acht dat het hof daarvan kennis neemt?

21.4.1.

Zoals overwogen in rechtsoverweging 18.8.6. van het tussenarrest zal het hof het voorschot op de kosten van het deskundigenbericht ten laste van M-Trade brengen.

21.4.2.

Elk verder oordeel wordt aangehouden.

22 De uitspraak

Het hof:

22.1

bepaalt dat een deskundigenonderzoek wordt verricht naar de in rechtsoverweging 21.3.2 van dit arrest geformuleerde vraag/vragen;

22.2

benoemt tot deskundige ter beantwoording van deze vraag/vragen:

M.A. van den Nieuwenhof,

research engineer Materials for Integrated Products

TNO Eindhoven

Postbus [postbusnummer]

[postcode] [kantoorplaats]

Tel. [telefoonnummer]

[mail-adres] @tno.nl.

22.3.

bepaalt dat de griffier van dit hof een afschrift van dit arrest aan de deskundige toezendt;

bepaalt dat M-Trade binnen drie weken na de datum van dit arrest (een afschrift van) de verdere processtukken, inclusief de gedeponeerde stukken, aan de deskundige ter beschikking zullen stellen en dat partijen alle door deze gewenste inlichtingen zullen verstrekken, rekening houdend met datgene wat in r.o. 21.2.3. is vermeld;

22.4.

bepaalt dat de deskundige eerst met het onderzoek begint nadat daartoe van de griffier bericht is ontvangen;

bepaalt dat de deskundige bij het onderzoek – en ten aanzien van de conceptrapportage – partijen in de gelegenheid stelt opmerkingen te maken en verzoeken te doen, en dat uit het schriftelijk bericht van de deskundige moet blijken of aan dit voorschrift is voldaan, terwijl in het bericht tevens melding wordt gemaakt van de inhoud van zodanige opmerkingen en verzoeken;

verzoekt de deskundige een schriftelijk en met redenen omkleed bericht, met een duidelijke conclusie, in te leveren ter griffie van dit hof en tegelijkertijd een afschrift van het bericht aan de advocaten van partijen toe te zenden;

bepaalt de termijn waarbinnen het schriftelijk, ondertekend bericht ter griffie van dit hof (postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch) moet worden ingeleverd op drie maanden nadat door de griffier is bericht dat met het onderzoek kan worden begonnen;

22.5.

bepaalt het voorschot op de kosten van de deskundige op het door de deskundige begrote bedrag van in totaal € 7.000, tenzij (één van) partijen binnen veertien dagen na deze uitspraak bij brief aan de griffier van dit hof met afschrift aan de wederpartij (die binnen twee dagen hierop kan reageren bij brief aan de griffier van dit hof met afschrift aan de wederpartij) tegen de hoogte van het voorschot bezwaar heeft/hebben gemaakt, in welk geval het hof op het bezwaar/de bezwaren zal beslissen en de hoogte van het voorschot zal bepalen;

bepaalt dat partij M-Trade laatstgenoemd bedrag binnen twee weken na heden zal overmaken naar IBAN-rekeningnummer NL53 RBOS 0569 990572 ten name van het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch onder vermelding van zaaknummer HD 200.063.486;

verzoekt de deskundige, indien haar kosten het voorschot te boven mochten gaan, het hof daarover tijdig in te lichten;

22.6.

benoemt mr. H.A.G. Fikkers tot raadsheer-commissaris, tot wie de deskundige zich, door tussenkomst van de griffier dient te wenden met (procedurele) vragen en verzoeken indien het onderzoek daartoe aanleiding geeft;

22.7.

verwijst de zaak naar de rol van 18 november 2014 voor memorie na deskundigenonderzoek, aan de zijde van M-Trade;

22.8.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. H.A.G. Fikkers, S.M.A.M. Venhuizen en C.W.T. Vriezen en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 17 juni 2014.