Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2013:3019

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
16-04-2013
Datum publicatie
04-12-2014
Zaaknummer
HD 200.101.170_01
Formele relaties
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2012:BX8701
Einduitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2014:809
Einduitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2014:5069
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

inhoud en mogelijkheid van accountantscontrole na opgave in verband met inbreuk in zaak betreffende intellectuele eigendom

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJF 2012/509

Uitspraak

GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH

Sector civiel recht

zaaknummer HD 200.101.170

arrest van 16 april 2013

in de zaak van

Art & Allposters International b.v.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

eiseres,

advocaat: mr. G.C. Vergouwen te Eindhoven,

tegen:

Stichting Pictoright,

gevestigd te [vestigingsplaats],

gedaagde,

advocaat: mr. E.J. Hengeveld te Amsterdam,

als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 11 september 2012 in de hoofdzaak tussen eiseres – Allposters – en gedaagde - Pictoright.

8 Het tussenarrest van 11 september 2012

Bij genoemd arrest is de zaak naar de rol verwezen voor akte aan de zijde van Allposters in verband met het voorgenomen deskundigenonderzoek, waarna Pictoright in de gelegenheid zou worden gesteld hierop bij antwoordakte te reageren en is iedere verdere beslissing aangehouden.

9 Het verdere verloop van de procedure

9.1.

Inmiddels maakt het van de op 21 juni 2012 gehouden pleidooizitting opgemaakte proces-verbaal deel uit van het procesdossier.

9.2.

Allposters heeft een akte na tussenarrest met vier producties genomen.

9.3

Pictoright heeft een antwoordakte met twee producties genomen.

9.4.

Vervolgens hebben partijen in aanvulling op de reeds overgelegde stukken de latere stukken overgelegd en uitspraak gevraagd.

10 De verdere beoordeling

10.1.

Het hof volhardt bij hetgeen in het tussenarrest is overwogen en beslist, tenzij hierna anders blijkt.

10.2.

In r.o. 6.7.4 heeft het hof een deskundigenbericht aangekondigd ter beoordeling van de vraag of het verstrekken van een door een registeraccountant gecontroleerde en gewaarmerkte opgave in intellectuele eigendomszaken in verband met gewijzigde regelgeving, gedragscodes of protocollen thans nog aansluit bij de huidige praktijk in de branche van registeraccountants.

In r.o. 6.7.5 heeft het hof een aantal aan de te benoemen deskundige(n) voor te leggen vragen geformuleerd.

10.3.

Allposters heeft aangegeven dat kan worden volstaan met de benoeming van één deskundige. Het hof begrijpt dat Pictoright zich hierbij aansluit.

10.4.1

Ten aanzien van de persoon van de te benoemen deskundige heeft Allposters drie voorstellen gedaan. Zij stelt ter toelichting onder meer rekening te houden met de mening van Pictoright dat de door Allposters eerder overgelegde verklaringen van twee grote accountantskantoren een eenzijdig beeld laten zien en daarom voorstelt een directeur vaktechniek van een middelgroot kantoor te benoemen.

Pictoright kan zich niet vinden in de (motivering van) de voorstellen van Allposters, omdat uit de curricula vitae van de door Allposters voorgestelde deskundigen niet blijkt dat zij enige ervaring hebben met het uitvoeren van veroordelingen in IE-zaken dan wel het adviseren in gerechtelijke procedures.

10.4.2.

Nu er geen aanwijzingen zijn dat bij Allposters bezwaren bestaan tegen benoeming van de door Pictoright voorgestelde personen, onder wie [registeraccountant A], heeft het hof laatstgenoemde benaderd in verband met een eventuele benoeming. [registeraccountant A] heeft het hof echter laten weten dat hij zich om gezondheidsredenen niet in staat acht om als deskundige op te treden.

10.4.3.

Het hof heeft [registeraccountant B], verbonden aan PricewaterhouseCoopers B.V., postbus [postbusnummer], [postcode] [vestigingsplaats], bereid gevonden om een benoeming tot deskundige te aanvaarden en zal dan ook tot benoeming van de heer [registeraccountant B] overgaan.

10.5.

Het hof constateert dat partijen geen bezwaren hebben tegen de door het hof voorlopig geformuleerde vragen. Tegen de door Allposters in randnummer 12 van haar akte na tussenarrest voorgestelde vervanging van het begrip “normen” door “de gedrags- en beroepsregels voor accountants” en tegen de door Pictoright in randnummer 6 en 7 van haar antwoordakte voorgestelde aanvullende vragen heeft het hof geen bezwaar.

10.6.

Het voorgaande leidt ertoe dat het hof [registeraccountant B] tot deskundige zal benoemen en dat aan deze de volgende vragen zullen worden voorgelegd:

1. Hoe moeten de woorden/begrippen “gecontroleerd” en “gewaarmerkt” worden opgevat in de zin van de veroordeling sub III van het arrest van 3 januari 2012 van dit hof (zaaknummer HD 200.079.664) naar de thans geldende gedrags- en beroepsregels voor accountants in de branche van de registeraccountants?

2. Hoe beoordeelt u, in het licht van de voorgaande vraag, de opinie van [registeraccountant C] (overgelegd als productie 12 bij de brief van 6 juni 2012 van mr. Claassen aan het hof ten behoeve van het pleidooi op 21 juni 2012)?

3. Is het voor een registeraccountant, naar de thans geldende gedrags- en beroepsregels voor accountants in de branche van de registeraccountants, mogelijk een opgave van gegevens als opgesomd in de veroordeling sub III van voornoemd arrest te controleren en te waarmerken?

4. Kunt u aangeven welke termijn u in het algemeen redelijk acht om een door een accountant gecontroleerde en gewaarmerkte opgave te doen?

5. In hoeverre impliceert een veroordeling tot het doen van een door een accountant gecontroleerde en gewaarmerkte opgave, gelet op de thans geldende regelgeving, automatisch dat het hoogste niveau van Assurance dient te worden gegeven, dan wel dat tevens kan worden volstaan met een lager of ander (toereikend) niveau van Assurance?

6. Wilt u het antwoord op de vragen 3 tot en met 5 uitgebreid motiveren?

7. Indien vraag 3 ontkennend wordt beantwoord:

7.1.

Kan volgens u een “Rapport van Bevindingen” zoals voorgesteld door Ernst & Young in de bijlage van de brief van 26 januari 2012 aan Allposters (productie 9 Allposters) als een adequate vervanging van een “gecontroleerde en gewaarmerkte” opgave als bedoeld in de veroordeling sub III van voornoemd arrest van 3 januari 2012 worden beschouwd?

7.2.

Welke andere wijze van controle of onderzoek door een registeraccountant doet volgens u het meeste recht aan de veroordeling sub III van voornoemd arrest van 3 januari 2012?

8. Heeft u naar aanleiding van uw bevindingen nog overige opmerkingen die van belang kunnen zijn voor deze zaak?

10.7.

Zoals overwogen in r.o. 6.7.6 van het tussenarrest, zal het voorschot ad € 14.520,-- incl. 21% btw van de deskundige ten laste van Allposters worden gebracht.

10.8.

In afwachting van het deskundigenbericht wordt iedere verdere beslissing aangehouden.

11 De uitspraak

Het hof:

bepaalt dat een deskundigenonderzoek wordt verricht naar de in rechtsoverweging 10.6 van dit arrest geformuleerde vragen;

benoemt tot deskundige ter beantwoording van deze vragen:

[registeraccountant B],

PricewaterhouseCoopers B.V.,

Postbus [postbusnummer],

[postcode] [vestigingsplaats]

tel.: [telefoonnummer];

bepaalt dat de griffier van dit hof een afschrift van dit arrest aan de deskundige toezendt;

bepaalt dat partijen binnen één week na de datum van dit arrest (een afschrift van) de verdere processtukken aan de deskundige ter beschikking zullen stellen en alle door deze gewenste inlichtingen zullen verstrekken;

bepaalt dat de deskundige eerst met het onderzoek begint nadat daartoe van de griffier bericht is ontvangen;

bepaalt dat de deskundige bij het onderzoek – en ten aanzien van de conceptrapportage – partijen in de gelegenheid stelt opmerkingen te maken en verzoeken te doen, en dat uit het schriftelijk bericht van de deskundige moet blijken of aan dit voorschrift is voldaan, terwijl in het bericht tevens melding wordt gemaakt van de inhoud van zodanige opmerkingen en verzoeken;

verzoekt de deskundige een schriftelijk en met redenen omkleed bericht, met een duidelijke conclusie, in te leveren ter griffie van dit hof en tegelijkertijd een afschrift van het bericht aan de advocaten van partijen toe te zenden;

bepaalt de termijn waarbinnen het schriftelijk, ondertekend bericht ter griffie van dit hof (postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch) moet worden ingeleverd op drie maanden nadat door de griffier is bericht dat met het onderzoek kan worden begonnen;

bepaalt het voorschot op de kosten van de deskundige op het door de deskundige begrote bedrag van € 14.520,-- incl. 21% btw, tenzij (één van) partijen binnen veertien dagen na deze uitspraak bij brief aan de griffier van dit hof met afschrift aan de wederpartij (die binnen twee dagen hierop kan reageren bij brief aan de griffier van dit hof met afschrift aan de wederpartij) tegen de hoogte van het voorschot bezwaar heeft/hebben gemaakt, in welk geval het hof op het bezwaar/de bezwaren zal beslissen en de hoogte van het voorschot zal bepalen;

bepaalt dat Allposters genoemd voorschot van € 14.520,-- incl. 21% btw binnen twee weken na heden zal overmaken naar rekeningnummer 56.99.90.572 ten name van Arrondissement 536 ‘s-Hertogenbosch onder vermelding van zaaknummer HD 200.101.170;

verzoekt de deskundige, indien zijn kosten het voorschot te boven mochten gaan, het hof daarover tijdig in te lichten;

benoemt mr. P.Th. Gründemann tot raadsheer-commissaris, tot wie de deskundige zich, door tussenkomst van de griffier dient te wenden met (procedurele) vragen en verzoeken indien het onderzoek daartoe aanleiding geeft;

verwijst de zaak naar de rol van 3 september 2013 voor memorie na deskundigenonderzoek, aan de zijde van Allposters;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.M. Brandenburg, P.Th. Gründemann en H.A.W. Vermeulen en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 16 april 2013.