Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2011:BT6278

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
27-09-2011
Datum publicatie
30-09-2011
Zaaknummer
HD 200.089.194 T
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Incidentele vordering inhoudende het hebben van geen belang wegens verjaring van de ingestelde vordering. Niet-ontvankelijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH

Sector civiel recht

zaaknummer HD 200.089.194

arrest van de vierde kamer van 27 september 2011

gewezen in het incident in de zaak van

[X.],

wonende te [woonplaats],

appellant in de hoofdzaak,

eiser in het incident,

advocaat: mr. P.M.A.C. van de Laak,

tegen:

[Y.] Beheer B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

geïntimeerde in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

advocaat: mr. J. de Vries,

op het bij exploot van dagvaarding van 10 juni 2011 ingeleide hoger beroep van het door de rechtbank ’s-Hertogenbosch op 1 juni 2011 gewezen vonnis tussen appellant - [X.] - als gedaagde en geïntimeerde – Beheer B.V. - als eiseres.

1. Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 225297/ HA ZA 11-179)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2. Het geding in hoger beroep

2.1. [X.] heeft in de appeldagvaarding een incidentele vordering “inhoudende het hebben van geen belang wegens verjaring van de ingestelde vordering” aangekondigd. Op de roldatum waarop de zaak werd aangebracht heeft [X.] onder overlegging van 14 producties een processtuk ingediend waarbij hij genoemde vordering heeft ingesteld.

2.2 Beheer B.V. heeft onder overlegging van vier producties in het incident geantwoord, met een processtuk aangeduid als “memorie van antwoord”.

2.3. Partijen hebben daarna de gedingstukken overgelegd voor uitspraak in het incident.

3. De beoordeling

In het incident

3.1. Kort gezegd betoogt [X.] dat de vordering van Beheer B.V. is verjaard en dat daarom het bestreden vonnis moet worden vernietigd. [X.] voert dit als incident aan. Beheer B.V. heeft betwist dat dit verweer bij wijze van incident kan worden gevoerd en heeft aangevoerd dat [X.] zijn recht om van grieven te dienen heeft verspeeld.

3.2. Het hof overweegt als volgt.

Het Nederlandse rechtsstelsel kent geen gesloten systeem met betrekking tot de mogelijkheid tot het instellen van incidentele vorderingen. Het dient bij een incident echter te gaan om een processuele verwikkeling die rechterlijke bemoeienis vereist van andere aard dan de beslechting van materiële geschilpunten. De incidentele vordering heeft betrekking op een materieel verweer dat een onderzoek naar de feiten van het materiële geschil noodzakelijk maakt. Naar het oordeel van het hof leent de onderhavige vordering zich dan ook niet voor behandeling in een incident, maar had [X.] dit verweer bij wege van grief tegelijkertijd met eventuele overige grieven in de hoofdzaak naar voren dienen te brengen en te behandelen.

3.3. Anders dan Beheer B.V. heeft aangevoerd, heeft [X.] nog wel het recht om van grieven te dienen. De verwijzing naar artikel 128 lid 3 Rv gaat niet op, aangezien het daarin vervatte voorschrift is gericht op de gedaagde. In deze appelprocedure is [X.] echter de eisende partij. Verder heeft een appellant nu eenmaal het recht om van grieven te dienen, ook als hij eerst een incident heeft opgeworpen, waarin hij niet-ontvankelijk is verklaard.

3.4. Het hof zal de beslissing over de kosten van het incident aanhouden tot de einduitspraak in de hoofdzaak.

In de hoofdzaak

3.5. De zaak wordt naar de rol verwezen voor het nemen van een memorie van grieven aan de zijde van [X.]. Beheer B.V. zal vervolgens nog in de gelegenheid worden gesteld om een memorie van antwoord te nemen.

3.6. Iedere verdere beoordeling wordt aangehouden.

4. De beslissing

Het hof:

in het incident:

verklaart [X.] niet-ontvankelijk in het incident;

houdt de beslissing over de proceskosten aan tot de einduitspraak in de hoofdzaak;

in de hoofdzaak:

verwijst de zaak naar de rol van 8 november 2011 voor memorie van grieven aan de zijde van [X.];

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. P.M.A. de Groot-van Dijken, H.A.W. Vermeulen en M.A. Wabeke en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 27 september 2011.