Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2009:BQ2568

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
19-10-2009
Datum publicatie
26-04-2011
Zaaknummer
HD 103.005.822 aanvullend arrest
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Vervolg op de tussenuitspraken van

HD 103.005.822 T1 van 9 juni 2009, LJN BQ2563, en

HD 103.005.822 T2 van 8 december 2009, LJN BQ2565, en

HD 103.005.822 E van 6 juli 2010, LJN BQ2566

Schade als gevolg van niet uitgevoerde transporten; beroep op onbevoegdheid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH

Sector civiel recht

zaaknummer HD 103.005.822

aanvullend arrest van de zevende kamer van 19 oktober 2010

in de zaak van

1. de naamloze vennootschap N.V. INTERPOLIS SCHADE,

gevestigd te [vestigingsplaats],

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [X.] LOGISTICS B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid GEBR. [Y.] TRANSPORTEN B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

appellanten,

advocaat: mr. M. Bouman,

tegen:

1. [Z.], h.o.d.n. Gartenbau [A.],

wonende te [woonplaats] (Duitsland),

2. de vennootschap naar Duits recht [B.] GMBH & CO. KG,

gevestigd te [vestigingsplaats] (Duitsland),

geïntimeerden,

advocaat: mr. J.B.J.G.M. Schyns,

op het verzoek ex artikel 401a Rv van [A.] c.s.

1. Het verzoek en de beoordeling ervan

1.1 Bij brief van 10 september 2010 heeft de advocaat van [A.] c.s., mr. M. Kousedghi te ’s-Gravenhage, het hof verzocht om op de voet van artikel 401a Rv geïntimeerden toe te staan om tegen de arresten van dit hof van 8 december 2009 en 6 juli 2010 cassatieberoep in te stellen.

1.2 Na daartoe door het hof in de gelegenheid gesteld te zijn heeft de advocaat van Interpolis c.s., mr. B.M. Stroetinga te Eindhoven, bij brief van 22 september 2010 op dit verzoek gereageerd.

1.3 Namens [A.] c.s. is aangevoerd dat het cruciaal is of het oordeel van het hof dat de Nederlandse rechter, te weten de rechtbank Roermond, bevoegd is, de toets der cassatiekritiek kan doorstaan. Van de kant van Interpolis c.s. is hier tegenover gesteld dat tussentijds cassatieberoep over de bevoegdheidsvraag de procedure aanzienlijk zal verlengen en dat terwijl de dagvaarding in eerste aanleg dateert van 20 september 2006 en de verdere procedure naar het zich laat aanzien nog op verschillende punten tot een uitgebreide inhoudelijke discussie aanleiding zal geven. Om die reden dient volgens Interpolis c.s. het verzoek afgewezen te worden.

1.4 Naar het oordeel van het hof is door [A.] c.s. haar belang bij het openstellen van tussentijds beroep in cassatie voldoende aannemelijk gemaakt nu de kwestie die in dit stadium aan de orde is de bevoegdheid van de Nederlandse rechter betreft. Een definitief oordeel daarover, voordat een uitgebreide procedure wordt gevoerd over het inhoudelijke geschil, is voor [A.] c.s. van belang te achten.. Aan Interpolis c.s. kan worden toegegeven dat door het openstellen van tussentijds beroep in cassatie de procedure (verder) vertraging oploopt, maar het hof acht dit bezwaar in de gegeven omstandigheden niet van zodanig gewicht dat dit aan toewijzing van het verzoek in de weg staat. Het verzoek zal daarom overeenkomstig artikel 401a lid 2 Rv worden toegewezen.

2. De beslissing

Het hof:

bepaalt dat tussentijds beroep in cassatie kan worden ingesteld van de arresten van dit hof van 8 december 2009 en 6 juli 2010.

Dit aanvullend arrest is gewezen door mrs. Meulenbroek, Keizer en Venhuizen en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 19 oktober 2010.