Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2007:BD6467

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
18-12-2007
Datum publicatie
07-07-2008
Zaaknummer
K07/0185
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Raadkamer
Inhoudsindicatie

Klacht ex artikel 12 Sv.

Het hof is van oordeel dat de door beklaagde betaalde transactie van EUR 330,- onvoldoende recht doet aan de ernst en de gevolgen van het feit. Het hof acht dan ook, gelet op de ernst en omvang van het beweerdelijk gepleegde strafbare feit en de zich in het dossier bevindende aanwijzingen, termen aanwezig om het beklag gegrond te verklaren en de vervolging van beklaagde te bevelen, ter zake van zware mishandeling c.q. mishandeling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

K07/0185

GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH

Beschikking van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 18 december 2007 inzake het beklag ex artikel 12 van het Wetboek van Strafvordering van:

(klager),

wonende te Malden,

hierna te noemen: klager,

te dezer zake domicilie kiezende ten kantore van mr. S.A. van Snippenburg, advocaat te Malden,

over de beslissing van de officier van justitie te 's-Hertogenbosch tot het niet vervolgen van:

(beklaagde),

wonende te Nijmegen,

hierna te noemen: beklaagde,

te dezer zake domicilie kiezende ten kantore van mr. E.J.H.M. Vroemen, advocate te Nijmegen,

wegens (zware) mishandeling.

De feitelijke gang van zaken.

Op 28 januari 2006 heeft klager aangifte gedaan van (zware) mishandeling, beweerdelijk jegens hem gepleegd door beklaagde.

Op 26 januari 2007 is namens de officier van justitie aan klager bericht dat de zaak niet zal worden vervolgd omdat er een schikkingsbedrag is betaald.

Hierop is namens klager bij schrijven van 20 april 2007 een klaagschrift ingediend bij het hof, ingekomen ter griffie van het hof op 23 april 2007, met het verzoek de vervolging te bevelen.

De advocaat-generaal heeft in het schriftelijk verslag van 16 juli 2007 het hof geraden het beklag af te wijzen.

Op 11 september 2007 is het klaagschrift in raadkamer van het hof behandeld in aanwezigheid van klager en zijn advocaat.

Het hof heeft op 11 september 2007 besloten beklaagde op te roepen teneinde hem in raadkamer te kunnen horen.

Op 20 november 2007 is het klaagschrift in raadkamer van het hof behandeld in aanwezigheid van beklaagde en zijn advocate.

De advocaat-generaal heeft het hof geraden het beklag af te wijzen.

De beoordeling.

Klager stelt dat hij is mishandeld door beklaagde doordat deze hem meermalen met de handen heeft geslagen, als gevolg waarvan klager stelt letsel, in de vorm van een blauwe plek, een zware hersenschudding, een whiplash en oogletsel te hebben bekomen. Klager stelt dat hij tijdens een ijshockeywedstrijd, waarbij klager als coach aanwezig was, zag hoe zijn zoon (betrokkene 1) op het ijs door ene (betrokkene 2), een speler van het andere team, een bodycheck kreeg, waardoor (betrokkene 1) ten val kwam. Klager liep hierop het ijs op richting (betrokkene 2) en pakte hem bij zijn ijshockeymasker om hem aan te spreken. Vervolgens liep klager verder naar zijn zoon (betrokkene 1) en knielde naast (betrokkene 1) neer. Klager stelt dat hij vervolgens van achteren werd geslagen door beklaagde.

In raadkamer heeft klager verklaard dat het als gevolg van de mishandeling opgelopen letsel blijvend van aard is en dat hij nog steeds niet kan werken.

Beklaagde, de vader van (betrokkene 2), stelt dat hij zag hoe klager met kracht aan het ijshockeymasker van zijn zoon trok en besloot hierop om ook het ijs op te gaan. Beklaagde heeft erkend klager te hebben geslagen, aangezien hij dacht dat klager zijn zoon ook had geslagen. Beklaagde heeft een transactie van EUR 330,- betaald.

Het hof is van oordeel dat de door beklaagde betaalde transactie van EUR 330,- onvoldoende recht doet aan de ernst en de gevolgen van het feit. Het hof acht dan ook, gelet op de ernst en omvang van het beweerdelijk gepleegde strafbare feit en de zich in het dossier bevindende aanwijzingen, termen aanwezig om het beklag gegrond te verklaren en de vervolging van beklaagde te bevelen, ter zake van zware mishandeling c.q. mishandeling.

De beslissing.

Het hof verklaart het beklag gegrond en beveelt de vervolging van beklaagde ter zake van het feit waarop het beklag betrekking heeft.

Aldus gegeven door

mr. P.A.M. Hendriks, als voorzitter,

mrs. G.A.M. Stevens en A.J.W.M. Jurgens, als raadsheer,

in tegenwoordigheid van mr. R.J. Gras, als griffier.

op 18 december 2007.

Mr. Jurgens is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.