Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ4125

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
29-11-2006
Datum publicatie
11-12-2006
Zaaknummer
20-000044-06
Formele relaties
Cassatie: ECLI:NL:HR:2008:BF5557, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Conclusie in cassatie: ECLI:NL:PHR:2008:BF5557
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt terzake van 1) medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod, 2) medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod, 3) medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod en 4) een gewoonte maken van witwassen veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren met aftrek van de tijd doorgebracht in voorarrest met verbeurdverklaring van de in de beslissing genoemde voorwerpen.

Het hof geeft uitgebreide overwegingen ten aanzien van de door de verdediging gevoerde verweren nopens de geldigheid van de dagvaarding, de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie en bewijsuitsluiting.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 20-000044-06

Uitspraak : 29 november 2006

TEGENSPRAAK

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Roermond van

23 december 2005 in de strafzaak met parketnummer 04-660043-02 tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1954,

thans verblijvende in Huis van Bewaring Roermond te Roermond.

Hoger beroep

De verdachte en de officier van justitie hebben tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Omvang van het hoger beroep

Het hoger beroep moet, blijkens het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep, worden begrepen als uitdrukkelijk te zijn beperkt tot de veroordeling ter zake van hetgeen aan de verdachte onder 1, 2, 3 en 4 - met uitzondering van hetgeen daarbij onder t, u en v - is ten laste gelegd.

Al hetgeen hierna wordt overwogen en beslist heeft uitsluitend betrekking op dat gedeelte van het beroepen vonnis dat aan het oordeel van het hof is onderworpen.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het gerechtshof het vonnis van de eerste rechter zal bevestigen met uitzondering van de aan de verdachte opgelegde straf en te dien aanzien opnieuw rechtdoende de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 9 (negen) jaren en 6 (zes) maanden met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis doorgebracht, met verbeurdverklaring van de in beslag genomen voorwerpen conform de beslissing van de eerste rechter daaromtrent.

Geldigheid van de dagvaarding

De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep herhaald het in eerste aanleg gevoerde verweer dat ten aanzien van de in feit 4 onder m tot en met r genoemde voorwerpen de dagvaarding nietig dient te worden verklaard, nu deze dagvaarding op die onderdelen onvoldoende duidelijk en begrijpelijk is, waardoor het zijn cliënt niet duidelijk is waartegen hij zich met betrekking tot die onderdelen dient te verdedigen.

Het hof verwerpt dit verweer en acht, gelet op de inhoud van het strafdossier tegen verdachte, de dagvaarding ten aanzien van de onder m tot en met r genoemde voorwerpen duidelijk en helder. Blijkens het onderzoek ter terechtzitting heeft de verdachte ook begrepen waartegen hij zich diende te verdedigen en heeft hij ook met betrekking tot de gewraakte onderdelen inhoudelijk verweer gevoerd.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is overigens gebleken dat de dagvaarding voldoet aan de in artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering gestelde eisen.

Vonnis waarvan beroep

Het beroepen vonnis zal worden vernietigd omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt dan de eerste rechter.

Tenlastelegging

Het hof merkt vooraf op dat de rechtbank een wijziging tenlastelegging heeft toegestaan, maar deze wijziging in het bestreden vonnis noch onder het kopje "2. De tenlastelegging" noch onder het kopje "7.Bewezenverklaring" heeft doorgevoerd. Het hof neemt als grondslag voor de behandeling ter terechtzitting in hoger beroep de tenlastelegging inclusief de door de rechtbank toegestane wijziging.

Aan verdachte is, voorzover thans nog van belang - na toegestane aanvulling en wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - ten laste gelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 5 januari 2005 in de gemeente Maasbree, in elk geval in

Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld

in artikel 1, lid 5 van de Opiumwet, ongeveer drieënvijftig (53) kilogram, in

elk geval een hoeveelheid van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en

plantaardige elementen van hennep (hasjiesj) waaraan geen andere substanties

zijn toegevoegd, zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij die wet

behorende lijst II, door met dat opzet deze hoeveelheid (ongeveer 53 kilogram) hasjiesj af te leveren bij en/of te vervoeren in een vrachtauto met bestemming Tsjechië;

althans indien terzake het vorenstaande onder 1 geen veroordeling zou volgen:

hij op of omstreeks 5 januari 2005 in de gemeente Maasbree, in elk geval in

Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

opzettelijk heeft verkocht of afgeleverd of verstrekt of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van ongeveer drieënvijftig (53) kilogram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep (hasjiesj) waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd, zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;

2.

hij op of omstreeks 28 januari 2005 in de gemeente Venlo, in elk geval in

Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld

in artikel 1, lid 5 van de Opiumwet, een hoeveelheid (40.000 pillen) van een

materiaal bevattende MDMA (3,4-methyleendioxymethamfetamine), zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij die wet behorende lijst I, door met dat opzet deze hoeveelheid (40.000 pillen) van een materiaal bevattende MDMA af te leveren bij en/of te vervoeren in een vrachtauto met bestemming Tsjechië;

althans indien terzake het vorenstaande onder 2 geen veroordeling zou volgen:

hij op of omstreeks 28 januari 2005 in de gemeente Venlo, in elk geval in

Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

opzettelijk heeft verkocht of afgeleverd of verstrekt of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid (40.000 pillen) van een

materiaal bevattende MDMA (3,4-methyleendioxymethamfetamine), zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;

3.

hij op of omstreeks 7 maart 2005 in de gemeente Venlo, in elk geval in

Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld

in artikel 1, lid 5 van de Opiumwet, een hoeveelheid (250.000 pillen) van een

materiaal bevattende MDMA (3,4-methyleendioxymethamfetamine), zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij die wet behorende lijst I, door met dat opzet deze hoeveelheid (250.000 pillen) van een materiaal bevattende MDMA af te leveren bij en/of te vervoeren in een vrachtauto met bestemming Tsjechië;

althans indien terzake het vorenstaande onder 3 geen veroordeling zou volgen:

hij op of omstreeks 7 maart 2005 in de gemeente Venlo, in elk geval in

Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

opzettelijk heeft verkocht of afgeleverd of verstrekt of vervoerd, in elk

geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid (250.000 pillen) van

een materiaal bevattende MDMA (3,4-methyleendioxymethamfetamine), zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;

4.

hij in of omstreeks de periode van 14 december 2001 tot en met 10 oktober 2005,

in de gemeente Venlo, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen,

van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt,

immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s):

a.

in de periode van 14 december 2001 tot 19 juli 2005,

verborgen of verhuld wie de rechthebbende op een appartement (woning en

berging), gelegen aan de [adres] te Venlo, was, of verborgen of

verhuld wie een appartement (woning en berging), gelegen aan de [adres] te Venlo, voorhanden had,

bestaande in het laten rusten van de juridische eigendom bij [betrokkene 1] van

dat door hem, verdachte, gekochte en/of betaalde appartement, gelegen aan de

[adres] te Venlo,

of

van een hoeveelheid geld (omgerekend 45.378,-- euro) de werkelijke aard of

de herkomst verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de

rechthebbende op deze hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld wie deze

of een hoeveelheid geld (omgerekend 45.378,-- euro) voorhanden had,

bestaande in het laten rusten van de juridische eigendom van een

appartement (woning en berging), gelegen aan de [adres] te

Venlo, - dat door hem, verdachte, (voor omgerekend 45.378,-- euro) was

gekocht en/of betaald -, bij [betrokkene 1];

en/of

b.

op of omstreeks 9 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van een hoeveelheid geld (80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,--

Zwitserse Francs) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

een hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld wie deze of een hoeveelheid

geld (80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,-- Zwitserse Francs)

voorhanden had,

bestaande in het aanwezig hebben en/of bewaren van een hoeveelheid geld

(80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,-- Zwitserse Francs) in een

safeloket ([safegegevens]) bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o., dat was

gehuurd op naam van [betrokkene 2] en/of [medeverdachte],

in elk geval een hoeveelheid geld (80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en

3.940,-- Zwitserse Francs) voorhanden gehad;

en/of

c.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) de werkelijke aard of de herkomst of

de vindplaats verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de

rechthebbende op deze of een hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld

wie deze of een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) voorhanden had,

bestaande in het aanwezig hebben en/of bewaren van een hoeveelheid geld

(13.025,-- euro) in de woning van [betrokkene 4] en [betrokkene 5], gelegen aan de

[adres] te Venlo,

in elk geval een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) voorhanden gehad;

en/of

d.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een hoeveelheid geld ( 7.397,17 euro) voorhanden gehad (in de woning, gelegen

aan de [adres] te Venlo);

en/of

e.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Porsche 911 carrera coupé, gekentekend [kenteken], voorhanden

gehad;

en/of

f.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Alfa Romeo Spider 1.6, gekentekend [kenteken], voorhanden gehad

(in een garagebox, gelegen aan de [adres] te Venlo);

en/of

g.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Mercedes-Benz C220 cdi, zonder kenteken, voorhanden gehad;

en/of

h.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Mercedes-Benz E270, zonder kenteken, voorhanden gehad;

en/of

i.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Mercedes-Benz S400 cdi, gekentekend [kenteken], voorhanden

gehad;

en/of

j.

op of omstreeks 10 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een speedboot, Mariah SX1800, met het nummer [nummer] en/of een

aanhangwagen, Freewheel 1514 LB, gekentekend [kenteken], voorhanden gehad;

en/of

k.

in of omstreeks de periode van 23 februari 2005 tot en met 16 juni 2005,

in elk geval in het jaar 2005, bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o. 918,24 euro (op [rekeningnummer]) en/of 133,68 euro (op [rekeningnummer]) en/of

18.291,68 euro (op [rekeningnummer]) voorhanden gehad, en/of

op of omstreeks 10 oktober 2005, in elk geval in het jaar 2005, van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer]

en/of 3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99 euro op

[rekeningnummer]) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

(een) hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer] en/of

3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99 euro op

[rekeningnummer]) voorhanden had,

bestaande in het aanwezig hebben en/of bewaren van deze of een

hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer] en/of

3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99 euro op

[rekeningnummer]) bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o. op naam

van [betrokkene 6],

in elk geval een hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer] en/of 3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99

euro op [rekeningnummer]) voorhanden gehad;

en/of

l.

in of omstreeks de periode van 8 maart 2005 tot en met 22 juni 2005, in elk

geval in het jaar 2005,

bij de SNS-bank N.V. 391,22 euro (op [rekeningnummer]) en/of

21.221,82 euro (op [rekeningnummer]) en/of 2.200,-- euro (op

[rekeningnummer]) en/of 28,92 euro (op[rekeningnummer]) voorhanden gehad;

en/of

m.

in of omstreeks de periode van 7 maart 2005 tot en met 17 maart 2005, in elk

geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (52.013,90 euro en/of 52.013,90 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld althans

verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een) hoeveelhe(i)d(en) geld was,

of verborgen of verhuld wie (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (52.013,90 euro en/of

52.013,90 euro) voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Dexia Bank N.V.) bewaren van

52.013,90 euro op [rekeningnummer] en/of 52.013,90 euro op

[rekeningnummer] en/of het bewaren van de op deze rekening(en)

betrekking hebbende bescheiden in de woning van [betrokkene 2] en/of

het nalaten van het melden van deze hoeveelhe(i)d(en) geld aan de

belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 52.013,90 euro op

[rekeningnummer] en/of 52.013,90 euro op [rekeningnummer], bij de Dexia Bank N.V. voorhanden gehad,

en/of

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (naar schatting) 165.300,-- euro en/of

65.574,20 euro en/of 25.474,96 euro en/of 50.188,52 euro en/of 50.188,52 euro

en/of 50.188,52 euro en/of 18.464,13 euro en/of 143.547,72 euro en/of

25.224,40 euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen

of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had, bestaande in het bij een buitenlandse bank (Dexia Bank N.V.) bewaren van (naar schatting) 165.300,-- euro in een effectenportefeuille onder het nummer [nummer] ten name van [medeverdachte] en/of 65.574,20 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en/of 25.474,96 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] (mede) ten name van [medeverdachte] en/of 18.464,13 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3] en/of 143.547,72 euro op

[rekeningnummer] ten name van [betrokkene 1] en/of 25.244,40

euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 6], en/of het

bewaren van de op deze rekening(en) betrekking hebbende bankbescheiden in de

woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelhe(i)d(en) geld aan de belastingdienst, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten (naar schatting) 165.300,-- euro in een effectenportefeuille onder het nummer [nummer] en/of 65.574,20 euro op [rekeningnummer] en/of 25.474,96 euro op [rekeningnummer] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] en/of 18.464,13 euro op [rekeningnummer] en/of 143.547,72 euro op [rekeningnummer] en/of 25.224,40 euro op [rekeningnummer] (bij de Dexia Bank N.V.), voorhanden gehad;

en/of

n.

op of omstreeks 17 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (801,15 euro en/of 77.593,43 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld althans

verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een) hoeveelhe(i)d(en) geld was,

of verborgen of verhuld wie (een) hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Fortis Bank N.V.) bewaren van

801,15 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3]

en/of 77.593,43 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3] en/of het bewaren van de op deze rekening(en) betrekking hebbende

bankbescheiden in de woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van

het melden van deze hoeveelhe(i)d(en) geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 801,15 euro op

[rekeningnummer] en/of 77.593,43 euro op [rekeningnummer] bij de Fortis Bank N.V. voorhanden gehad,

en/of

o.

op of omstreeks 20 april 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (71.039,51 euro en 57.185,19 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld

althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een) hoeveelhe(i)d(en)

geld was, of verborgen of verhuld wie (een) hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden

had, bestaande in het bij een buitenlandse bank (Volksbank Salzburg GmbH) bewaren van 71.039,51 euro en 57.185,19 euro op de (gecodeerde) rekeningnummers [rekeningnummer] respectievelijk [rekeningnummer] en/of het bewaren van de op beide (gecodeerde) rekeningen betrekking hebbende spaarbankboekjes (zogenaamd "Eurobücher) in de woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze hoeveelhe(i)d(en) geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 71.039,51 euro en

57.185,19 euro op de rekeningnummers [rekeningnummer] respectievelijk [rekeningnummer] bij de

Volksbank Salzburg GmbH, voorhanden gehad;

en/of

p.

op of omstreeks 31 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van een hoeveelheid geld (61.559,42 euro) de werkelijke aard of de herkomst

of de vindplaats verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de

rechthebbende op een hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld wie een

hoeveelheid geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Tiroler Sparkasse) bewaren van

61.559,42 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 7] en/of het bewaren van de op dit rekeningnummer en/of op de

daaraan voorafgaande rekeningnummer(s) betrekking hebbende bankbescheiden in

de woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelheid geld aan de belastingdienst,

in elk geval een hoeveelheid geld, te weten 61.559,42 euro op [rekeningnummer] bij de Tiroler Sparkasse, voorhanden gehad;

en/of

q.

in of omstreeks de periode van 31 december 2004 tot en met 22 maart 2005, in

elk geval in of omstreeks het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (1.994,74 euro, 45.962,20 euro, en

65.996,-- euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

(een) hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (UBS) bewaren van

1.994,74 euro op [rekeningnummer] en/of 45.962,20 euro op

[rekeningnummer] en/of 65.996,-- euro, zijnde de waarde van

een effectendepot met het nummer [nummer], en/of het bewaren van de op

dit depot en deze rekeningen betrekking hebbende bankbescheiden in de

woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelheid geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 1.994,74 euro op

[rekeningnummer] en/of 45.962,20 euro op [rekeningnummer] en/of 65.996,-- euro, zijnde de waarde van een effectendepot

met het nummer [nummer] bij de UBS, voorhanden gehad;

en/of

r.

in of omstreeks de periode van 27 april 2005 tot en met 4 mei 2005, in elk

geval in het jaar 2005, van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (3.531,57 euro, 45.991,15 euro, en 45.382,61 euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

(een) hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Deutsche Bank SA Espana) bewaren

van 3.531,57 euro op [rekeningnummer] en/of 45.991,15

euro, zijnde de waarde op de beleggingsrekening met het nummer

[nummer] en/of 45.382,61 euro, zijnde de waarde op de

beleggingsrekening met het nummer [nummer], en/of het

bewaren van bescheiden van de Deutsche Bank Espana in de woning van

[betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelheid geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 3.531,57 euro op

[rekeningnummer] en/of 45.991,15 euro, zijnde de waarde op de beleggingsrekening met het nummer [nummer] en/of

45.382,61 euro, zijnde de waarde op de beleggingsrekening met het nummer

[nummer] bij de Deutsche Bank SA Espana, voorhanden gehad;

en/of

s.

op of omstreeks 14 april 2005, in elk geval in het jaar 2005,

(een) vordering(en) met (een) (gelds)waarde(n) van 5.905,55 euro,

2.923,55 euro, en 16.473,15 euro, met betrekking tot de polissen van de

levensverzekeringen, genummerd [nummer], [nummer],

respectievelijk [nummer], op Nationale Nederlanden

Levensverzekeringsmaatschappij N.V., verworven of voorhanden gehad;

en/of

w.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een klomp goud, 4 goudkleurige zakhorloges, een horloge Rolex, een doos

met 1 halsketting met bijpassende oorbellen, een goudkleurige ring met

groene steen en briljantjes, een horloge Franck Muller bezet met briljant,

een album met een muntenverzameling, een doos met munten, een horloge

Cartier, een horloge Gianni Versace, een horloge Lacroix in houten doos,

een goudkleurige ring met 2 hartvormige stenen, een goudkleurige ketting

Dior (letter 0 bezet met steentjes), een zilveren doosje met zilveren

sieraden (3 kettingen, 1 ring met munt, 1 kruis, 1 massieve hanger en 1

schakel accessoire), een doosje met twee goudkleurige manchetknopen, een

gouden dupont aansteker, een dasspeld goud, een bruin juwelendoosje met 3

dasspelden en 1 gouden dassieraad met steentje, een goudkleurige Minnie

Mouse hangertje, een goudkleurige ketting met beerhanger, een goudkleurige

ketting met dolfijnhanger, een goudkleurige ketting met hangertje met namen

[betrokkene 6] en [betrokkene 1], een choker met steentjes in zwart zakje Rubin, een

parelketting, 3 snoeren aanéén, een parelketting, 4 snoeren aanéén,

een juwelendoos met oorstekers hartje met steentjes, een goudkleurige ring met

14 kleine steentjes met in midden grotere steen, een goudkleurige ring met

steen, een goudkleurige ring met hartjes en in één hartje 3 steentjes, een

goudkleurige ring met 10 kleine steentjes en in midden een grote steen, een

goudkleurige ring met 17 steentjes in bloemvorm, een vermoedelijk gouden

halsketting (In de sluiting staat: Italy en 750. In het midden is het

woord [medeverdachte] in vermoedelijk goud, gevormd. De letters zijn afgezet met

hele kleine vermoedelijk diamantsteentjes. De lengte van de naam is

ongeveer 7 cm. Boven de letter E zitten twee diamantachtige steentjes), een

vermoedelijk gouden armband. (Onderzijde open. Kun je om de pols klemmen.

In armband 5 olifanten achterelkaar: 2 grote en 3 kleine; om en om. Slurf

houdt staart vast), een horloge aan beige kleurige riem, een goudkleurig

horloge, merk D&G. Soort 8 vorm, waaraan weer een goudkleurig soort ring

bevestigd met een sluiting met D & G erop. Goudkleurige wijzers. Geen

cijfers. Onder wijzers "D&G". Wijzerplaat wit. Op achterzijde klokje staat:

D&G; Dolce Gabbana; TIME; All stainless steel. 3 atm waterresistant, een

paar goudkleurige oorhangers. Groot. Soort schakels afgezet met 5 ovale

soort steentjes in verschillende kleuren een goudkleurige hanger van een

halsketting, in de vorm van een olifant. Enigszins rond, een paar

goudkleurige oorringen, ongeveer 6,5 cm diameter. Bestaat uit goudkleurig

staafje waaromheen een goudkleurige draad gedraaid zit, een paar

goudkleurige oorhangers, bestaande uit een sluiting met daarin de naam:

"DIOR" in de vorm van een kettinkje en een ovale hanger, met daarin een bruinkleurige diamantachtige steen, een goudkleurige hanger: opspringend katachtig dier, een goudkleurige halsketting met nar als hanger. Hoofd, romp en benen

kunnen onafhankelijk van elkaar bewegen. In sluiting staat: "50" . "AR" en

"750" Ketting bestaat uit aan elkaar verbonden kleine kettinkjes, een

goudkleurige polskettinkje: schakels: ovale ringetjes en "v vormen aan

elkaar, gouden polskettinkje. In sluiting: "84" "AR " "750".Ovale ringetjes

en ovale vormen met twee gaten erin, aan elkaar geschakeld, een

goudkleurige lange halsketting, bestaande uit 9 kettinkjes, verbonden

middels 8 hartjes. In sluiting: "585" en "5", goudkleurige polsketting.

Soortgelijk aan foto 49 maar dan iets grover, een gouden polskettinkje. In

sluiting: "750". Kettinkje met 5 schakeltjes en een ronde- en ruitvorm met

daarin een roodkleurige steen, goudkleurige oorringen, goudkleurige

oorringen met steentjes, goudkleurige oorringen met hartvormige steen,

zilverkleurige oorringen met steentjes, 4 goudkleurige opklip oorbellen,

een goudkleurige ring, bezet met 11 steentjes, en/of een horloge, Chopard,

voorhanden gehad of verworven;

en/of

x.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een sigarenkist (humidor) met inhoud, een muziekinstallatie B&O, twee

geluidsboxen B&O, en/of een afstandbediening, voorhanden gehad of verworven;

en/of

y.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een computer (merk: Dell), een flatscreen (merk: Dell), een kabel (merk:

Dell), en/of een toetsenbord (merk: Dell), voorhanden gehad of verworven,

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) (telkens) wist(en) dat dat

voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

(artikel 420ter Wetboek van Strafrecht)

althans indien terzake het vorenstaande onder 4 geen veroordeling zou volgen:

hij meermalen althans eenmaal in of omstreeks de periode van 14 december 2001

tot en met 10 oktober 2005 in de gemeente Venlo, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen,

van een voorwerp de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de

vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld, en/of heeft

verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op een voorwerp was en/of heeft

verborgen en/of verhuld wie een voorwerp voorhanden had,

in elk geval een voorwerp voorhanden heeft gehad en/of heeft verworven,

immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s):

a.

in de periode van 14 december 2001 tot 19 juli 2005,

verborgen of verhuld wie de rechthebbende op een appartement (woning en

berging), gelegen aan de [adres] te Venlo, was, of verborgen of

verhuld wie een appartement (woning en berging), gelegen aan de [adres] te Venlo, voorhanden had,

bestaande in het laten rusten van de juridische eigendom bij [betrokkene 1] van

dat door hem, verdachte, gekochte en/of betaalde appartement, gelegen aan de

[adres] te Venlo,

of

van een hoeveelheid geld (omgerekend 45.378,-- euro) de werkelijke aard of

de herkomst verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de

rechthebbende op deze hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld wie deze

of een hoeveelheid geld (omgerekend 45.378,-- euro) voorhanden had,

bestaande in het laten rusten van de juridische eigendom van een

appartement (woning en berging), gelegen aan de [adres] te

Venlo, - dat door hem, verdachte, (voor omgerekend 45.378,-- euro) was

gekocht en/of betaald -, bij [betrokkene 1];

en/of

b.

op of omstreeks 9 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van een hoeveelheid geld (80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,--

Zwitserse Francs) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

een hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld wie deze of een hoeveelheid

geld (80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,-- Zwitserse Francs)

voorhanden had,

bestaande in het aanwezig hebben en/of bewaren van een hoeveelheid geld

(80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,-- Zwitserse Francs) in een

safeloket ([safegegevens]) bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o., dat was

gehuurd op naam van [betrokkene 2] en/of [medeverdachte],

in elk geval een hoeveelheid geld (80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en

3.940,-- Zwitserse Francs) voorhanden gehad;

en/of

c.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) de werkelijke aard of de herkomst of

de vindplaats verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de

rechthebbende op deze of een hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld

wie deze of een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) voorhanden had,

bestaande in het aanwezig hebben en/of bewaren van een hoeveelheid geld

(13.025,-- euro) in de woning van [betrokkene 4] en [betrokkene 5], gelegen aan de

[adres] te Venlo,

in elk geval een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) voorhanden gehad;

en/of

d.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een hoeveelheid geld ( 7.397,17 euro) voorhanden gehad (in de woning, gelegen

aan de [adres] te Venlo);

en/of

e.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Porsche 911 carrera coupé, gekentekend [kenteken], voorhanden

gehad;

en/of

f.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Alfa Romeo Spider 1.6, gekentekend [kenteken], voorhanden gehad

(in een garagebox, gelegen aan de [adres] te Venlo);

en/of

g.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Mercedes-Benz C220 cdi, zonder kenteken, voorhanden gehad;

en/of

h.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Mercedes-Benz E270, zonder kenteken, voorhanden gehad;

en/of

i.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een personenauto, Mercedes-Benz S400 cdi, gekentekend [kenteken], voorhanden

gehad;

en/of

j.

op of omstreeks 10 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een speedboot, Mariah SX1800, met het nummer [nummer] en/of een

aanhangwagen, Freewheel 1514 LB, gekentekend [kenteken], voorhanden gehad;

en/of

k.

in of omstreeks de periode van 23 februari 2005 tot en met 16 juni 2005,

in elk geval in het jaar 2005,

bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o. 918,24 euro (op [rekeningnummer]) en/of 133,68 euro (op [rekeningnummer]) en/of 18.291,68

euro (op [rekeningnummer]) voorhanden gehad, en/of

op of omstreeks 10 oktober 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer]

en/of 3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99 euro op

[rekeningnummer]) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

(een) hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer] en/of

3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99 euro op

[rekeningnummer]) voorhanden had,

bestaande in het aanwezig hebben en/of bewaren van deze of een

hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer] en/of

3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99 euro op

[rekeningnummer]) bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o. op naam

van [betrokkene 6],

in elk geval een hoeveelhe(i)d(en) geld (9.664,21 euro op [rekeningnummer] en/of 3.490,44 euro op [rekeningnummer] en/of 98,99

euro op [rekeningnummer]) voorhanden gehad;

en/of

l.

in of omstreeks de periode van 8 maart 2005 tot en met 22 juni 2005, in elk

geval in het jaar 2005,

bij de SNS-bank N.V. 391,22 euro (op [rekeningnummer]) en/of

21.221,82 euro (op [rekeningnummer]) en/of 2.200,-- euro (op

[rekeningnummer]) en/of 28,92 euro (op [rekeningnummer]) voorhanden gehad;

en/of

m.

in of omstreeks de periode van 7 maart 2005 tot en met 17 maart 2005, in elk

geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (52.013,90 euro en/of 52.013,90 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld althans

verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een) hoeveelhe(i)d(en) geld was,

of verborgen of verhuld wie (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (52.013,90 euro en/of

52.013,90 euro) voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Dexia Bank N.V.) bewaren van

52.013,90 euro op [rekeningnummer] en/of 52.013,90 euro op

[rekeningnummer] en/of het bewaren van de op deze rekening(en)

betrekking hebbende bescheiden in de woning van [betrokkene 2] en/of

het nalaten van het melden van deze hoeveelhe(i)d(en) geld aan de

belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 52.013,90 euro op

[rekeningnummer] en/of 52.013,90 euro op [rekeningnummer], bij de Dexia Bank N.V. voorhanden gehad,

en/of

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (naar schatting) 165.300,-- euro en/of

65.574,20 euro en/of 25.474,96 euro en/of 50.188,52 euro en/of 50.188,52 euro

en/of 50.188,52 euro en/of 18.464,13 euro en/of 143.547,72 euro en/of

25.224,40 euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen

of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Dexia Bank N.V.) bewaren van (naar

schatting) 165.300,-- euro in een effectenportefeuille onder het nummer

[nummer] ten name van [medeverdachte] en/of 65.574,20 euro op

[rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en/of 25.474,96

euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en/of

50.188,52 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] ten name van

[medeverdachte] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer]

(mede) ten name van [medeverdachte] en/of 18.464,13 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3] en/of 143.547,72 euro op

[rekeningnummer] ten name van [betrokkene 1] en/of 25.244,40

euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 6], en/of het

bewaren van de op deze rekening(en) betrekking hebbende bankbescheiden in de

woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelhe(i)d(en) geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten (naar schatting)

165.300,-- euro in een effectenportefeuille onder het nummer [nummer]

en/of 65.574,20 euro op [rekeningnummer] en/of 25.474,96 euro op

[rekeningnummer] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] en/of 50.188,52 euro op [rekeningnummer] en/of

50.188,52 euro op [rekeningnummer] en/of 18.464,13 euro op

[rekeningnummer] en/of 143.547,72 euro op [rekeningnummer] en/of 25.224,40 euro op [rekeningnummer] bij de

Dexia Bank N.V., voorhanden gehad;

en/of

n.

op of omstreeks 17 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (801,15 euro en/of 77.593,43 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld althans

verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een) hoeveelhe(i)d(en) geld was,

of verborgen of verhuld wie (een) hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Fortis Bank N.V.) bewaren van

801,15 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3]

en/of 77.593,43 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3] en/of het bewaren van de op deze rekening(en) betrekking hebbende

bankbescheiden in de woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van

het melden van deze hoeveelhe(i)d(en) geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 801,15 euro op

[rekeningnummer] en/of 77.593,43 euro op [rekeningnummer] bij de Fortis Bank N.V. voorhanden gehad,

en/of

o.

op of omstreeks 20 april 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (71.039,51 euro en 57.185,19 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld

althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op (een) hoeveelhe(i)d(en)

geld was, of verborgen of verhuld wie (een) hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden

had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Volksbank Salzburg GmbH) bewaren

van 71.039,51 euro en 57.185,19 euro op de (gecodeerde) rekeningnummers

[rekeningnummer] respectievelijk [rekeningnummer] en/of het bewaren van de op beide

(gecodeerde) rekeningen betrekking hebbende spaarbankboekjes (zogenaamd

"Eurobücher) in de woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het

melden van deze hoeveelhe(i)d(en) geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 71.039,51 euro en

57.185,19 euro op de rekeningnummers [rekeningnummer] respectievelijk [rekeningnummer] bij de

Volksbank Salzburg GmbH, voorhanden gehad;

en/of

p.

op of omstreeks 31 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

van een hoeveelheid geld (61.559,42 euro) de werkelijke aard of de herkomst

of de vindplaats verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de

rechthebbende op een hoeveelheid geld was, of verborgen of verhuld wie een

hoeveelheid geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Tiroler Sparkasse) bewaren van

61.559,42 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 7] en/of het bewaren van de op dit rekeningnummer en/of op de

daaraan voorafgaande rekeningnummer(s) betrekking hebbende bankbescheiden in

de woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelheid geld aan de belastingdienst,

in elk geval een hoeveelheid geld, te weten 61.559,42 euro op [rekeningnummer] bij de Tiroler Sparkasse, voorhanden gehad;

en/of

q.

in of omstreeks de periode van 31 december 2004 tot en met 22 maart 2005, in

elk geval in of omstreeks het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (1.994,74 euro, 45.962,20 euro, en

65.996,-- euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

(een) hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (UBS) bewaren van

1.994,74 euro op [rekeningnummer] en/of 45.962,20 euro op

[rekeningnummer] en/of 65.996,-- euro, zijnde de waarde van

een effectendepot met het nummer [nummer], en/of het bewaren van de op

dit depot en deze rekeningen betrekking hebbende bankbescheiden in de

woning van [betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelheid geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 1.994,74 euro op

[rekeningnummer] en/of 45.962,20 euro op [rekeningnummer] en/of 65.996,-- euro, zijnde de waarde van een effectendepot

met het nummer [nummer] bij de UBS, voorhanden gehad;

en/of

r.

in of omstreeks de periode van 27 april 2005 tot en met 4 mei 2005, in elk

geval in het jaar 2005,

van (een) hoeveelhe(i)d(en) geld (3.531,57 euro, 45.991,15 euro, en

45.382,61 euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld althans verborgen of verhuld wie de rechthebbende op

(een) hoeveelhe(i)d(en) geld was, of verborgen of verhuld wie (een)

hoeveelhe(i)d(en) geld voorhanden had,

bestaande in het bij een buitenlandse bank (Deutsche Bank SA Espana) bewaren

van 3.531,57 euro op [rekeningnummer] en/of 45.991,15

euro, zijnde de waarde op de beleggingsrekening met het nummer

[nummer] en/of 45.382,61 euro, zijnde de waarde op de

beleggingsrekening met het nummer [nummer], en/of het

bewaren van bescheiden van de Deutsche Bank Espana in de woning van

[betrokkene 2] en/of het nalaten van het melden van deze

hoeveelheid geld aan de belastingdienst,

in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) geld, te weten 3.531,57 euro op

[rekeningnummer] en/of 45.991,15 euro, zijnde de waarde

op de beleggingsrekening met het nummer [nummer] en/of

45.382,61 euro, zijnde de waarde op de beleggingsrekening met het nummer

[nummer] bij de Deutsche Bank SA Espana, voorhanden gehad;

en/of

s.

op of omstreeks 14 april 2005, in elk geval in het jaar 2005,

(een) vordering(en) met (een) (gelds)waarde(n) van 5.905,55 euro,

2.923,55 euro, en 16.473,15 euro, met betrekking tot de polissen van de

levensverzekeringen, genummerd [nummer], [nummer],

respectievelijk [nummer], op Nationale Nederlanden

Levensverzekeringsmaatschappij N.V., verworven of voorhanden gehad;

en/of

w.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een klomp goud, 4 goudkleurige zakhorloges, een horloge Rolex, een doos

met 1 halsketting met bijpassende oorbellen, een goudkleurige ring met

groene steen en briljantjes, een horloge Franck Muller bezet met briljant,

een album met een muntenverzameling, een doos met munten, een horloge

Cartier, een horloge Gianni Versace, een horloge Lacroix in houten doos,

een goudkleurige ring met 2 hartvormige stenen, een goudkleurige ketting,

Dior (letter 0 bezet met steentjes), een zilveren doosje met zilveren

sieraden (3 kettingen, 1 ring met munt, 1 kruis, 1 massieve hanger en 1

schakel accessoire), een doosje met twee goudkleurige manchetknopen, een

gouden dupont aansteker, een dasspeld goud, een bruin juwelendoosje met 3

dasspelden en 1 gouden dassieraad met steentje, een goudkleurige Minnie

Mouse hangertje, een goudkleurige ketting met beerhanger, een goudkleurige

ketting met dolfijnhanger, een goudkleurige ketting met hangertje met namen

[betrokkene 6] en [betrokkene 1], een choker met steentjes in zwart zakje Rubin, een

parelketting, 3 snoeren aanéén, een parelketting, 4 snoeren aanéén, een

juwelendoos met oorstekers hartje met steentjes, een goudkleurige ring met

14 kleine steentjes met in midden grotere steen, een goudkleurige ring met

steen, een goudkleurige ring met hartjes en in één hartje 3 steentjes, een

goudkleurige ring met 10 kleine steentjes en in midden een grote steen, een

goudkleurige ring met 17 steentjes in bloemvorm, een vermoedelijk gouden

halsketting . (In de sluiting staat: Italy en 750. In het midden is het

woord [medeverdachte] in vermoedelijk goud, gevormd. De letters zijn afgezet met

hele kleine vermoedelijk diamantsteentjes. De lengte van de naam is

ongeveer 7 cm. Boven de letter E zitten twee diamantachtige steentjes), een

vermoedelijk gouden armband. (Onderzijde open. Kun je om de pols klemmen.

In armband 5 olifanten achterelkaar: 2 grote en 3 kleine; om en om. Slurf

houdt staart vast), een horloge aan beige kleurige riem, een goudkleurig

horloge, merk D&G. Soort 8 vorm, waaraan weer een goudkleurig soort ring

bevestigd met een sluiting met D & G erop. Goudkleurige wijzers. Geen

cijfers. Onder wijzers "D&G". Wijzerplaat wit. Op achterzijde klokje staat:

D&G; Dolce Gabbana; TIME; All stainless steel. 3 atm waterresistant, een

paar goudkleurige oorhangers. Groot. Soort schakels afgezet met 5 ovale

soort steentjes in verschillende kleuren een goudkleurige hanger van een

halsketting, in de vorm van een olifant. Enigszins rond, een paar

goudkleurige oorringen, ongeveer 6,5 cm diameter. Bestaat uit goudkleurig

staafje waaromheen een goudkleurige draad gedraaid zit, een paar

goudkleurige oorhangers, bestaande uit een sluiting met daarin de naam:

"DIOR" in de vorm van een kettinkje en een ovale hanger, met daarin een bruinkleurige diamantachtige steen, een goudkleurige hanger: opspringend katachtig dier, een goudkleurige halsketting met nar als hanger. Hoofd, romp en benen

kunnen onafhankelijk van elkaar bewegen. In sluiting staat: "50" . "AR" en

"750" Ketting bestaat uit aan elkaar verbonden kleine kettinkjes, een

goudkleurige polskettinkje: schakels: ovale ringetjes en "v vormen aan

elkaar, gouden polskettinkje. In sluiting: "84" "AR " "750".Ovale ringetjes

en ovale vormen met twee gaten erin, aan elkaar geschakeld, een

goudkleurige lange halsketting, bestaande uit 9 kettinkjes, verbonden

middels 8 hartjes. In sluiting: "585" en "5", goudkleurige polsketting.

Soortgelijk aan foto 49 maar dan iets grover, een gouden polskettinkje.

In sluiting: "750". Kettinkje met 5 schakeltjes en een ronde- en ruitvorm met

daarin een roodkleurige steen, goudkleurige oorringen, goudkleurige

oorringen met steentjes, goudkleurige oorringen met hartvormige steen,

zilverkleurige oorringen met steentjes, 4 goudkleurige opklip oorbellen,

een goudkleurige ring, bezet met 11 steentjes, en/of een horloge, Chopard,

voorhanden gehad of verworven;

en/of

x.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een sigarenkist (humidor) met inhoud, een muziekinstallatie B&O, twee

geluidsboxen B&O, en/of een afstandbediening, voorhanden gehad of verworven;

en/of

y.

op of omstreeks 7 maart 2005, in elk geval in het jaar 2005,

een computer (merk: Dell), een flatscreen (merk: Dell), een kabel (merk:

Dell), en/of een toetsenbord (merk: Dell), voorhanden gehad of verworven,

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) (telkens) wist(en) althans

redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat dat voorwerp - onmiddellijk of

middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie

Met betrekking tot de feiten 1, 2 en 3

De raadsman heeft, op de gronden als vermeld in de door hem overgelegde pleitnota, welke als hier herhaald en ingelast wordt beschouwd, primair bepleit dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk behoort te worden verklaard ten aanzien van de feiten onder 1, 2 en 3.

Daartoe heeft hij - kort samengevat - aangevoerd, met verwijzing naar hetgeen daarbij in eerste aanleg reeds is aangevoerd, dat ter zake van de ingezette bijzondere opsporingsmiddelen stelselmatige informatie-inwinning en pseudo-koop:

a. er bij aanvang van het opsporingsonderzoek jegens [verdachte] geen verdenking van een misdrijf bestond en zeker niet dat hij betrokken zou zijn bij de handel in harddrugs;

b. er in strijd is gehandeld met het beginsel van proportionaliteit en subsidiariteit en

c. er bij de aankoop van de hasjiesj en de XTC-pillen in strijd is gehandeld met het bepaalde in artikel 126i, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (het Tallon-criterium).

d. dit in ieder geval geldt voor de derde pseudo-koop (250.000 pillen) die volstrekt overbodig was. Deze koop was niet van belang voor het onderzoek en dus disproportioneel.

Met betrekking tot a.

Het hof stelt vast dat bij het begin van het onderhavige onderzoek Tango op 1 februari 2003 de verdenking gebaseerd was op aanwijzingen uit de onderzoeken Romeo 1999 en Condor 2002. Voorts was er CIE-informatie, gerelateerd in oktober 2002, waarin werd aangegeven dat [verdachte] uit Venlo zich op grote schaal bezig hield met de georganiseerde lokale en (inter)nationale drugshandel in heroïne, cocaïne, ECSTASY (XTC) en hasjiesj. Er werd van meerdere informanten, onafhankelijk van elkaar, informatie ontvangen die als betrouwbaar werd aangemerkt.

Het hof oordeelt dat aldus sprake was van verdenking in de zin van artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering.

De bevelen tot stelselmatige inwinning van informatie werden gegeven op 20 februari 2004 en

2 maart 2004.

De raadsman heeft aangevoerd dat gedurende 2 jaar gerechercheerd is, zonder dat dit bevestiging opleverde van de genoemde verdenking. Hierin ziet de raadsman reden te betogen dat de officier van justitie daarna geen verdergaande opsporingsmiddel had mogen inzetten zoals stelselmatige informatie-inwinning en pseudo-koop.

Zoals hierboven reeds door het hof is vastgesteld was er bij aanvang van het onderhavige opsporingsonderzoek sprake van verdenking in de zin van artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering Voorts stelt het hof vast dat er tussen de start van het onderzoek en het eerste bevel een periode van ruim een jaar ligt.

Naar het oordeel van het hof brengt geen rechtsregel met zich dat de inzet van zwaardere opsporingsmiddelen gedurende de loop van een opsporingsonderzoek afhankelijk is van het beschikbaar komen van nadere bewijsmiddelen in dat opsporingsonderzoek. Dit kan anders zijn in het geval ontlastend materiaal naar boven komt. Dit doet zich hier niet voor. In dit geval rechtvaardigen de ernst van de feiten waarvan verdachte verdacht werd alsmede de zwaarte van de verdenking die eerder was gerezen en die in de loop van het opsporingsonderzoek niet afnam, dat het opsporingsonderzoek op enig moment werd voortgezet met behulp van stelselmatige informatie-inwinning en later ook pseudo-koop.

Met betrekking tot b.

Gelet op het onder a. overwogene, alsmede gelet op het feit dat de tot dan toe ingezette opsporingsmiddelen, zoals observatie en telefoontab, niet tot nadere bewijsverkrijging hadden geleid, terwijl de verdenking in volle omvang bleef bestaan, oordeelt het hof dat er geen schending is van de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit.

Met betrekking tot c.

Het hof stelt vast dat uit de processen-verbaal van de opsporingsambtenaar/pseudo-koper [verbalisant] niet blijkt dat gehandeld is in strijd met het Tallon-criterium. De verdachte betwist de juistheid van deze processen-verbaal en zegt dat hij wel door [verbalisant] tot andere strafbare feiten is gebracht dan waar zijn opzet reeds ervoor was gericht.

Het hof heeft geen reden aan de juistheid van de processen-verbaal van [verbalisant] te twijfelen. Daarbij speelt vooral een rol dat in deze processen-verbaal ook feiten en omstandigheden worden gerelateerd die in het voordeel van verdachte spreken. Tevens is van belang dat de begeleiders van [verbalisant] in hun verhoren bij de rechter-commissaris verklaard hebben [verbalisant] er bij herhaling op gewezen te hebben dat hij niet in strijd moest handelen met het Tallon-criterium.

De verklaringen van de getuigen [getuige 1] en [getuige 2] waarop de verdediging heeft gewezen maken dit oordeel niet anders. De redenen zijn dat deze verklaringen enerzijds niet zien op de relatie [verdachte] en [verbalisant] en anderzijds niet de context weergeven waarin de bewuste gesprekken met [getuige 1] en [getuige 2] zijn gevoerd.

Omdat andere feiten en/of omstandigheden noch zijn aangevoerd noch anderszins zijn gebleken volgt uit bovenstaande dat het hof van oordeel is dat niet aannemelijk is dat gehandeld is in strijd met het Tallon-criterium.

Met betrekking tot d.

De raadsman heeft betoogd dat de aankoop van 250.000 xtc-pillen overbodig was en daarmee disproportioneel. Immers met de aankoop van 40.000 xtc-pillen was duidelijk geworden dat verdachte weliswaar kon leveren, maar niet zelf produceerde. De enkele omstandigheid dat men wilde vaststellen of hij ook in staat was grote hoeveelheden te leveren maakte dit niet anders.

In haar aanvullend proces-verbaal van 1 november 2006 geeft de officier van justitie aan dat de aankoop van 250.000 pillen noodzakelijk was om met name te kunnen aantonen waartoe verdachte in de harddrugshandel in staat was. Daarvoor was volgens de officier mede bepalend hoeveel hij kon leveren, hoe vaak achter elkaar en binnen welk tijdsbestek.

Het hof is van oordeel dat de officier van justitie in redelijkheid tot de beslissing is kunnen komen om de pseudo-koop van 250.000 xtc-pillen te laten plaatsvinden. Het door de officier van justitie omschreven inzicht valt binnen de met de rechtshandhaving en strafrechtspleging na te streven doelen. Omstandigheden waaronder strafbare feiten worden begaan, de plaats die een verdachte inneemt in de handel in verboden middelen hieronder begrepen, vormen een belangrijk element in het kader van opsporing, vervolging en gerechtelijke afdoening van strafzaken.

Met betrekking tot feit 4.

De raadsman heeft met betrekking tot feit 4 betoogd, onder herhaling van hetgeen ten aanzien van de niet- ontvankelijkheid met betrekking tot de feiten 1, 2 en 3 is aangevoerd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk behoort te worden verklaard voor het onder 4 ten laste gelegde feit, nu de inzet van de undercover ook was gericht op het verkrijgen van informatie omtrent verdachtes financiële handel en wandel, zoals blijkt uit het getuigenverhoor van B1001.

Naar het oordeel van het hof rechtvaardigt een diepgaand opsporingsonderzoek naar de (grensoverschrijdende) handel in verdovende middelen - een handel waarin naar algemeen bekend is grote geldbedragen omgaan - dat er mede onderzoek wordt gedaan naar de met die handel verkregen winsten en wat er met die winsten is gedaan. Ook dat valt binnen de met de rechtshandhaving en strafrechtspleging na te streven doelen. Op grond hiervan en onder verwijzing naar wat hierboven onder a t/m d is overwogen, verwerpt het hof dit onderdeel van het verweer.

Voorts heeft de raadsman met betrekking tot feit 4, onder verwijzing naar de pleitnota in eerste aanleg, - zakelijk weergegeven - gepersisteerd bij de stelling dat ten aanzien van de witwashandelingen die in het buitenland zouden zijn gepleegd, er ex artikel 5, eerste lid, sub 2 van het Wetboek van Strafrecht, per feit moet worden vastgesteld of er sprake is van rechtsmacht. Omdat uit het strafdossier niet onomwonden blijkt dat er sprake is van dubbele strafbaarheid, terwijl het dossier tot vaststelling daarvan onvoldoende aanknopingspunten biedt, dient het openbaar ministerie, daar waar het deze handelingen betreft, alsnog niet-ontvankelijk te worden verklaard.

Het hof stelt vast dat het rechtsmacht heeft gezien het feit dat in de tenlastelegging als pleegplaats is opgenomen Venlo, althans Nederland. Dat deze ten laste gelegde pleegplaats eventueel niet bewezen kan worden, bijvoorbeeld omdat het feit niet daar maar in het buitenland is begaan, kan nooit tot de conclusie leiden dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard moet worden.

Uit bovenstaande volgt dat het verweer wordt verworpen. Ook anderszins zijn het hof geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de weg staan.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 2 primair, 3 primair en onder 4 primair onder a, b, c, j, m, n, o, p, q, r en w, ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.

hij op 5 januari 2005 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1, lid 5 van de Opiumwet, ongeveer drieënvijftig (53) kilogram, van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep (hasjiesj) waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd, zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij die wet behorende lijst II, door met dat opzet deze hoeveelheid (ongeveer 53 kilogram) hasjiesj af te leveren bij een vrachtauto met bestemming Tsjechië;

2.

hij op 28 januari 2005 in de gemeente Venlo, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1, lid 5 van de Opiumwet, een hoeveelheid (40.000 pillen) van een materiaal bevattende MDMA (3,4-methyleendioxymethamfetamine), zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij die wet behorende lijst I, door met dat opzet deze hoeveelheid (40.000 pillen) van een materiaal bevattende MDMA af te leveren bij een vrachtauto met bestemming Tsjechië;

3.

hij op 7 maart 2005 in de gemeente Venlo, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1, lid 5 van de Opiumwet, een hoeveelheid (250.000 pillen) van een materiaal bevattende MDMA (3,4-methyleendioxymethamfetamine), zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij die wet behorende lijst I, door met dat opzet deze hoeveelheid (250.000 pillen) van een materiaal bevattende MDMA, af te leveren bij een vrachtauto met bestemming Tsjechië;

4.

hij in de periode van 14 december 2001 tot en met 10 oktober 2005,

in de gemeente Venlo, van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte:

a.

in de periode van 14 december 2001 tot 19 juli 2005,

van een hoeveelheid geld (omgerekend 45.378,-- euro) de werkelijke aard of

de herkomst verborgen of verhuld

bestaande in:

het laten rusten van de juridische eigendom van een appartement (woning en berging), gelegen aan de [adres] te Venlo, - dat door hem, verdachte, (voor omgerekend 45.378,-- euro) was gekocht en betaald -, bij [betrokkene 1];

en

b.

op 9 maart 2005, van een hoeveelheid geld (80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,--

Zwitserse Francs) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld

bestaande in

het aanwezig hebben en/of bewaren van een hoeveelheid geld

(80.000,-- euro, 418,-- USdollars, en 3.940,-- Zwitserse Francs) in een

safeloket ([safegegevens]) bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o., dat was

gehuurd op naam van [betrokkene 2] en/of [medeverdachte],

en

c.

op 7 maart 2005, van een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld

bestaande in

het aanwezig hebben en bewaren van een hoeveelheid geld (13.025,-- euro) in de woning van [betrokkene 4] en [betrokkene 5], gelegen aan de [adres] te Venlo,

j.

op 10 maart 2005, een speedboot, Mariah SX1800, met het nummer [nummer]

en een aanhangwagen, Freewheel 1514 LB, gekentekend [kenteken], voorhanden gehad;

en

m.

in het jaar 2005,

van hoeveelhedengeld

(52.013,90 euro en 52.013,90 euro)

de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld

bestaande in

het bij een buitenlandse bank (Dexia Bank N.V.) bewaren van

52.013,90 euro op [rekeningnummer] en

52.013,90 euro op [rekeningnummer]

en

het bewaren van de op deze rekeningen betrekking hebbende bescheiden in de woning van [betrokkene 2]

en

van hoeveelheden geld

(naar schatting) 165.300,-- euro en

65.574,20 euro en

25.474,96 euro en

50.188,52 euro en

50.188,52 euro en

50.188,52 euro en

143.547,72 euro en

25.244,40 euro)

de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld

bestaande in

het bij een buitenlandse bank (Dexia Bank N.V.) bewaren van

(naar schatting) 165.300,-- euro in een effectenportefeuille onder het nummer

[nummer] ten name van [medeverdachte] en

65.574,20 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en

25.474,96 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en

50.188,52 euro op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte] en

50.188,52 euro op [rekeningnummer] ten name van

[medeverdachte] en

50.188,52 euro op [rekeningnummer] (mede) ten name van [medeverdachte] en

143.547,72 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 1] en

25.224,40 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 6],

en

het bewaren van de op deze rekening(en) betrekking hebbende bankbescheiden in de woning van [betrokkene 2]

en

n.

in het jaar 2005,

van hoeveelheden geld (801,15 euro en/of 77.593,43 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld

bestaande in

het bij een buitenlandse bank (Fortis Bank N.V.) bewaren van

801,15 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3]

en

77.593,43 euro op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3]

en

het bewaren van de op deze rekening(en) betrekking hebbende

bankbescheiden in de woning van [betrokkene 2];

o.

in het jaar 2005,

van hoeveelheden geld (71.039,51 euro en 57.185,19 euro) de

werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld

bestaande in

het bij een buitenlandse bank (Volksbank Salzburg GmbH) bewaren

van 71.039,51 euro en 57.185,19 euro op de (gecodeerde) rekeningnummers

[rekeningnummer] respectievelijk [rekeningnummer] en

het bewaren van de op beide (gecodeerde) rekeningen betrekking hebbende spaarbankboekjes (zogenaamd "Eurobücher) in de woning van [betrokkene 2]

en

p.

in het jaar 2005,

van een hoeveelheid geld (61.559,42 euro) de werkelijke aard of de herkomst

of de vindplaats verborgen of verhuld

bestaande in

het bij een buitenlandse bank (Tiroler Sparkasse) bewaren van

61.559,42 euro op [rekeningnummer]

en

het bewaren van de op dit rekeningnummer

betrekking hebbende bankbescheiden in

de woning van [betrokkene 2]

en

q.

in het jaar 2005,

van hoeveelheden geld

(1.994,74 euro,

45.962,20 euro, en

65.996,-- euro)

de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats verborgen of verhuld,

bestaande in

het bij een buitenlandse bank (UBS) bewaren van

1.994,74 euro op [rekeningnummer] en

45.962,20 euro op [rekeningnummer] en

65.996,-- euro, zijnde de waarde van een effectendepot met het nummer

[nummer],

en

het bewaren van de op dit depot en deze rekeningen betrekking hebbende bankbescheiden in de woning van [betrokkene 2]

en

r.

in het jaar 2005,

van hoeveelheden geld (3.531,57 euro, 45.991,15 euro, en

45.382,61 euro) de werkelijke aard of de herkomst of de vindplaats

verborgen of verhuld

bestaande in

het bij een buitenlandse bank (Deutsche Bank SA Espana) bewaren

van

3.531,57 euro op [rekeningnummer] en

45.991,15 euro, zijnde de waarde op de beleggingsrekening met het nummer

[nummer] en

45.382,61 euro, zijnde de waarde op de beleggingsrekening met het nummer [nummer],

en

het bewaren van bescheiden van de Deutsche Bank Espana in de woning van

[betrokkene 2];

w.

in het jaar 2005,

-een doos met 1 halsketting met bijpassende oorbellen;

-een horloge Franck Muller bezet met briljant;

-een horloge Cartier;

-een horloge Gianni Versace;

-een goudkleurige ring met steen;

-een goudkleurige ring met 10 kleine steentjes en in midden een grote steen;

-een goudkleurige ring, bezet met 11 steentjes, en een horloge Chopard,

voorhanden gehad

terwijl hij, verdachte, wist dat dat voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard, zodat deze daarvan wordt vrijgesproken.

Deelvrijspraak feit 4

Uit het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat verdachte ten tijde van de bewezen verklaarde feiten een legale autohandel dreef, waarmee op legale wijze inkomen werd gegenereerd, waarvan op basis van het onderzoek ter terechtzitting de omvang niet in concreto is vast te stellen.

Onderdelen d t/m i

Deze vermogensbestanddelen, een geldbedrag van ruim EUR 7.300,-- en een vijftal auto's kunnen naar het oordeel van het hof redelijkerwijs worden aangemerkt als behorend tot de autohandel van verdachte (handelsgeld en handelsvoorraad). Weliswaar kan worden gesteld dat door vermenging van legale en illegale inkomsten deze vermogensbestanddelen mede zijn verkregen door misdrijf, maar het hof is niet tot de overtuiging gekomen dat zij objecten zijn van witwassen, omdat deze vermogensbestanddelen passen in de door verdachte uitgeoefende autohandel.

Onderdelen k, l en s

Het hof is van oordeel dat de tegoeden op deze in Nederland aangehouden - lopende - bankrekeningen en levensverzekeringspolissen in redelijkheid niet als bovenmatig kunnen worden aangemerkt en passen in de normale huishouding van een gezin (man, vrouw en dochter), met als bron van inkomsten het drijven van een autohandel. Deze rekeningen waren bovendien voor Nederlandse instanties controleerbaar en het hof is derhalve niet tot de overtuiging geraakt dat er met betrekking tot deze rekeningen gesproken kan worden van een verhullend karakter als bedoeld in artikel 420 ter jo. 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

De vorderingen als omschreven onder s. betreffen polissen die passen binnen een normale huishouding van iemand die in onregelmatige (auto)handel werkzaam is en op reguliere wijze zijn pensioenvoorziening opbouwt.

Onderdelen w, x en y

Het hof is van oordeel dat de onder w. opgesomde voorwerpen, voorzover de (aanschaf)waarde een bedrag van EUR 1.000,-- , als blijkend uit het daaromtrent opgemaakte taxatierapport, niet te boven gaat, in redelijkheid passen in en geen ongebruikelijke, bovenmatige vermogensbestanddelen zijn in een relatie tussen man en vrouw, respectievelijk ouders en kind in een normale huishouding met een legaal verworven inkomen van redelijk niveau.

Ook ten aanzien van deze voorwerpen is het hof derhalve niet tot de overtuiging gekomen dat deze voorwerpen het object waren van "witwassen".

Naar het oordeel van het hof heeft dat ook te gelden voor de onder x. en y. opgesomde voorwerpen.

Door het hof gebruikte bewijsmiddelen

Indien tegen dit verkort arrest beroep in cassatie wordt ingesteld, worden de door het hof gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het verkort arrest. Deze aanvulling wordt dan aan het verkort arrest gehecht.

Bijzondere overwegingen omtrent het bewijs

De beslissing dat het bewezen verklaarde door de verdachte is begaan berust op de feiten en omstandigheden als vervat in de hierboven bedoelde bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang beschouwd.

Elk bewijsmiddel wordt - ook in zijn onderdelen - slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezen verklaarde feit, of die bewezen verklaarde feiten, waarop het, blijkens zijn inhoud, betrekking heeft.

Bewijsuitsluiting

De raadsman heeft op dezelfde gronden zoals hiervoor onder het kopje de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie betoogd dat de processen-verbaal van [verbalisant] en de op grond daarvan verkregen bekentenissen van zijn cliënt van het bewijs moet worden uitgesloten.

Het hof verwerpt de stelling van de raadsman op de gronden als hierboven vermeld, zakelijk neerkomend op de vaststelling dat er geen sprake is van schending van enige rechtsregel.

Uitvoer

De raadsman heeft voorts herhaald het in eerste aanleg gevoerde verweer ten aanzien van het sub 1, 2 en 3 ten laste gelegde, dat van tevoren vaststond dat A-1254 nooit verdovende middelen buiten het grondgebied van Nederland zou brengen als bedoeld in artikel 1, lid 5, van de Opiumwet en dat het handelen van verdachte derhalve slechts als een absoluut ondeugdelijke poging kan worden beschouwd, zodat verdachte van de primaire ten laste gelegde varianten dient te worden vrijgesproken.

Het hof is van oordeel dat door de 50 kilo hasjiesj, respectievelijk, 40.000 xtc-pillen, respectievelijk 250.000 xtc-pillen te doen leveren, nadat de koper hem had medegedeeld dat de pillen zouden worden uitgevoerd naar Tsjechië, er door die leveringen gelet op de definitiebepaling in artikel 1, lid 5 van de Opiumwet sprake was van een voltooid delict als bedoeld in artikel 2 respectievelijk artikel 3, aanhef en onder A. van de Opiumwet. De enkele omstandigheid dat [verbalisant] optrad als pseudo-koper maakt zulks niet anders.

Pleegplaats witwassen

De raadsman heeft aangevoerd dat onderdelen van het onder 4 ten laste gelegde en bewezen verklaarde niet in Venlo, althans in Nederland zijn begaan, maar in het buitenland, in het bijzonder de plaatsen waar de betreffende rekeningen werden aangehouden dan wel en/of de stortingen op die rekeningen feitelijk werden gedaan en/of beschikkingshandeling werden verricht.

Gelet op de omstandigheden dat de verdachte in Venlo woonde, de vermogensbestanddelen hem toebehoorden en hij te dien aanzien beschikkingsbevoegd was, is het hof van oordeel dat Venlo als plaats van het witwasmisdrijf kan worden aangemerkt. Dit laat onverlet dat ook als pleegplaats kan gelden de plaats waar de stortingen etc. zijn gedaan.

Van misdrijf afkomstig

a. De raadsman heeft betoogd dat voor de bewezenverklaring van witwassen moet komen vast te staan van welk specifiek misdrijf het voorwerp dat wordt witgewassen afkomstig is.

Het hof verwerpt dit betoog nu uit de totstandkoming van artikel 420bis van het Wetboek van Strafrecht blijkt dat uit de bewijsmiddelen niet behoeft te kunnen worden afgeleid dat het desbetreffende voorwerp afkomstig is uit een nauwkeurig aangeduid misdrijf. Het hof verwijst naar rechtsoverweging 3.4 van het arrest van de Hoge Raad van 27 september 2005, NJ 2006, 473.

b. De raadsman heeft ook betoogd dat de gelden die op de rekeningen in het buitenland zijn aangetroffen een andere en legale oorspong kunnen hebben nu verdachte een lucratieve handel had in auto's en in het nabije verleden tevens lucratief heeft gehandeld in onder meer kunst, horloges en bloemen.

In dit verband voert hij tevens aan dat het enkel niet opgeven van inkomsten aan de belastingdienst niet maakt dat de gelden uit een illegale bron verkregen zijn.

Het hof stelt vast dat uit de bewijsmiddelen blijkt dat verdachte op grote schaal gedurende een lange tijd gehandeld heeft met name in softdrugs en dat daarmee grote bedragen waren gemoeid. Daarnaast is komen vast te staan dat verdachte ook in harddrugs gehandeld heeft.

Zoals uit voorgaande overwegingen ook al volgt, acht het hof het aannemelijk dat verdachte inderdaad ook legale bronnen van inkomsten heeft gehad. Met name heeft het hof uit het onderzoek ter terechtzitting vastgesteld dat verdachte (meer in het bijzonder) in de autohandel actief is geweest. Het hof stelt echter daarbij tevens vast dat ten aanzien van de omvang van die handel en de hoogte van het daarmee gegenereerde inkomen door verdachte op geen enkele wijze inzicht is gegeven. Datzelfde geldt nog te meer voor de gestelde overige legale handelsactiviteiten van verdachte.

In het opsporingsonderzoek tegen verdachte is ongeveer circa EUR 3 miljoen aan geld en waardepapieren in beslag genomen.

Het hof acht het onaannemelijk dat dit vermogen enkel kan zijn gegenereerd uit de door verdachte gedreven autohandel. Deze autohandel kenmerkte zich immers door een kleinschalige handel vanuit zijn woonhuis waarbij zijn handelsvoorraad voor het huis stond. Voor de omvang van de andere gestelde handelsactiviteiten en de wijze waarop zij werden uitgevoerd zijn door het hof in het strafdossier onvoldoende, voor verdachte positieve aanknopingspunten te vinden en zoals al overwogen verdachte heeft daaromtrent ter terechtzitting ook geen nader inzicht gegeven.

Onder die omstandigheden kan het niet anders zijn dat de omvang van het vermogen in bepalende mate moet worden toegeschreven aan verdachtes (illegale) handel in verdovende middelen en dus afkomstig is uit misdrijf.

Feit 4 onder c

De raadsman heeft gesteld dat het geld dat in de [adres] te Venlo is aangetroffen legaal geld betrof en bestemd was voor de betreffende zoon des huizes.

Op grond van de tegenover de politie afgelegde verklaringen van [betrokkene 4] en [betrokkene 5], verwerpt het hof deze stelling.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde onder 1. primair is voorzien bij artikel 3, aanhef en onder A. van de Opiumwet en strafbaar gesteld bij artikel 11, vierde lid van die wet, juncto artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht.

Het bewezen verklaarde onder 2. primair is voorzien bij artikel 2, aanhef en onder A. van de Opiumwet en strafbaar gesteld bij artikel 10, vijfde lid van die wet, juncto artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht.

Het bewezen verklaarde onder 3. primair is voorzien bij artikel 2, aanhef en onder A. van de Opiumwet en strafbaar gesteld bij artikel 10, vijfde lid van die wet, juncto artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht.

Het bewezen verklaarde onder 4. primair is voorzien en strafbaar gesteld bij artikel 420ter, juncto 420 bis, van het Wetboek van Strafrecht.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

14 december 2001

Naar het oordeel van het hof zijn, vanaf de inwerkingtreding van de strafbaarstelling van witwassen in de huidige vorm per 14 december 2001, de gedragingen die voorheen niet strafbaar waren, vanaf die datum wel strafbaar, ook al zijn de betreffende gelden dan wel goederen vóór de inwerkingtreding van de witwasbepalingen verkregen door middel van misdrijven die vóór deze datum zijn gepleegd.

Het wordt gekwalificeerd zoals hierna in de beslissing wordt vermeld.

Strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten.

De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezen verklaarde.

Op te leggen straf of maatregel

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezen verklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Naar het oordeel van het hof kan niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf welke onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming voor de hierna te vermelden duur met zich brengt.

Daarbij is ten nadele van verdachte rekening gehouden met:

- de ernst van het bewezen verklaarde in de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;

- de omstandigheid dat hard drugs als de onderhavige in feiten 2 en 3 genoemd, in zijn algemeenheid gezondheidsrisico's inhouden;

- de omstandigheid dat de bewezen verklaarde feiten geen incidenten betreffen, maar dat verdachte zich gedurende een reeks van jaren bezig heeft gehouden met de handel in drugs, met name in die van softdrugs ook met bestemming naar het buitenland;

- de omstandigheid dat de verdachte zodanig ingevoerd was ook in het harddrugscircuit dat hij in staat bleek om binnen een relatief korte periode redelijk grote hoeveelheden XTC-pillen te doen leveren.

Wat de vrijheidsbeneming betreft heeft het hof ten voordele van verdachte in het bijzonder rekening gehouden met de omstandigheden dat:

- het hof ten aanzien van feit 4 minder bewezen heeft geacht dan de eerste rechter;

- verdachte niet eerder ter zake van misdrijf door de strafrechter is veroordeeld;

De na te melden inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, zijn vatbaar voor verbeurdverklaring, nu het voorwerpen zijn met betrekking tot welke het onder 4 primair sub a, b, c, j, m, n, o, p, q, r en w ten laste gelegde en bewezen verklaarde is begaan.

Het hof heeft hierbij rekening gehouden met de draagkracht van verdachte, voor zover dat tijdens het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken.

Van hetgeen verder in beslag genomen en nog niet teruggegeven is, zal de teruggave worden gelast aan degene bij wie het goed is in beslag genomen. Naar het oordeel van het hof staan aan die teruggave geen verdere strafvorderlijke belangen meer in de weg.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De beslissing is gegrond op de artikelen 2, 3, 10 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 24, 33, 33a, 47, 57, 420bis en 420ter van het Wetboek van Strafrecht,

zoals deze luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep, voorzover aan het oordeel van het hof onderworpen, en doet in zoverre opnieuw recht.

Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 4. sub d, e, f, g, h, i, k, l, s, x en y ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart, zoals hiervoor overwogen, wettig en overtuigend bewezen, dat verdachte het onder 1 primair, 2 primair, 3 primair en 4 primair onder a, b, c, j, m, n, o, p, q, r en w ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart dat het bewezen verklaarde oplevert:

1. primair:

Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod.

2. primair:

Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod.

3. primair:

Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod.

4. primair

Een gewoonte maken van witwassen.

Verklaart verdachte deswege strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) jaren.

Bepaalt, dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

Verklaart verbeurd de inbeslaggenomen voorwerpen, ten aanzien waarvan nog geen last tot teruggave is gegeven, te weten:

- een hoeveelheid geld, namelijk € 80.000 en 418,-- US dollars en 3.940,-- Zwitserse Francs (aangetroffen in een safeloket, [safegegevens], bij de Coöperatieve Rabobank Venlo e.o. gehuurd op naam van [betrokkene 2] en/of [medeverdachte]);

- een hoeveelheid geld, namelijk € 13.025 ([adres] te Venlo);

- een speedboot, Mariah SX1800, met het nummer [nummer];

- een aanhangwagen, Freewheel 1514 LB, gekentekend [kenteken];

Bij een buitenlandse bank (Dexia Bank N.V.):

€ 52.013,90 op [rekeningnummer] en

€ 52.013,90 op [rekeningnummer];

en

een effectenportefeuille met een geschatte waarde van € 165.300 onder het

nummer [nummer] ten name van [medeverdachte];

€ 65.574,20 op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte];

€ 25.474,96 op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte];

€ 50.188,52 op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte];

€ 50.188,52 op [rekeningnummer] ten name van [medeverdachte];

€ 50.188,52 op [rekeningnummer] (mede) ten name van [medeverdachte];

€ 143.547,72 op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 1];

€ 25.224,40 op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 6].

- Bij een buitenlandse bank (Fortis Bank N.V.)

€ 801,15 op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3];

€ 77.593,43 op [rekeningnummer] ten name van [betrokkene 3];

- Bij een buitenlandse bank (Volksbank Salzburg GmbH)

€ 71.039,5 en € 57.185,19 op de (gecodeerde) rekeningnummers [rekeningnummer]

respectievelijk [rekeningnummer].

- Bij een buitenlandse bank (Tiroler Sparkasse)

€ 61.559,42 op [rekeningnummer].

- Bij een buitenlandse bank (UBS)

€ 1.994,74 op [rekeningnummer], € 45.962,20 op

[rekeningnummer] en € 65.996, zijnde de geschatte waarde van

een effectendepot met het nummer [nummer].

- Bij een buitenlandse bank (Deutsche Bank SA Espana)

€ 3.531,57 op [rekeningnummer], een

beleggingsrekening met het nummer [nummer], met een

geschatte waarde € 45.991,15 en een beleggingsrekening met het nummer

[nummer], met als geschatte waarde € 45.382,61.

-een doos met 1 halsketting met bijpassende oorbellen;

-een horloge Franck Muller bezet met briljant;

-een horloge Cartier;

-een horloge Gianni Versace;

-een goudkleurige ring met steen;

-een goudkleurige ring met 10 kleine steentjes en in midden een grote steen;

-een goudkleurige ring, bezet met 11 steentjes, en een horloge Chopard

Gelast de teruggave van hetgeen voorts in beslag genomen en nog niet teruggegeven is aan degene bij wie het goed is inbeslaggenomen.

Aldus gewezen door

mr. C.H.W.M. Sterk, voorzitter,

mr. C.R.L.R.M. Ficq en mr. J.W. de Ruijter,

in tegenwoordigheid van mr. N.C. Regina en dhr. P.N.M. de Bruijn, griffiers,

en op 29 november 2006 ter openbare terechtzitting uitgesproken.