Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ3507

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
17-10-2006
Datum publicatie
01-12-2006
Zaaknummer
C200401587
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Werknemer als gevolg van bedrijfsongeval blind aan een oog.

Uitgangspunt is volledige schadevergoeding dus werkgever dient ook kosten van Koopsompolis ter verzekering risico van verlies van het gezichtsvermogen aan het goede oog te betalen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
VR 2007, 111

Uitspraak

C0401587/BR

ARREST VAN HET GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH,

achtste kamer, van 17 oktober 2006,

gewezen in de zaak van:

[X.],

wonende te [woonplaats],

appellante in principaal appel,

geïntimeerde in incidenteel appel,

procureur: mr. J.E. Lenglet,

tegen:

[Y.],

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde in principaal appel,

appellant in incidenteel appel,

procureur: mr. J. van Eijck,

als vervolg op het tussenarrest van dit hof van 25 april 2006 in het hoger beroep tegen het door de rechtbank Breda, sector kanton, locatie Breda, gewezen vonnis van

11 augustus 2004 en het herstelvonnis van 13 oktober 2004 tussen appellante – hierna: [X.] – als gedaagde en geïntimeerde – hierna: [Y.] – als eiser.

6. Het tussenarrest van 25 april 2006

Bij dit arrest is de zaak verwezen voor uitlating partijen.

7. Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

[Y.] heeft een akte met productie genomen en daarbij tevens zijn eis vermeerderd.

[X.] heeft zich ten aanzien van de vermeerdering van eis gerefereerd aan het oordeel van het hof en van antwoord-akte gediend.

Partijen hebben vervolgens de stukken overgelegd en wederom uitspraak gevraagd.

8. De verdere beoordeling

in het incidenteel appel

8.1. In voormeld tussenarrest heeft het hof de zaak naar de rol verwezen teneinde [Y.] in de gelegenheid te stellen een nieuwe offerte in het geding te brengen daar het hof oordeelde dat de koopsom voor een eenogigenverzekering mogelijk lager zou uitvallen gelet op de sedert het afgeven van de vorige offerte verstreken termijn (hogere leeftijd van [Y.].

8.2. Bij akte heeft [Y.] een nieuwe offerte gedateerd 4 mei 2006 van Nationale Nederlanden overgelegd. Daaruit blijkt dat de koopsom juist hoger is geworden daar de premies en de maximaal te verzekeren rentes zijn verhoogd en een wijziging is gekomen in de te verzekeren duur: levenslang is teruggebracht naar 75 jaar. Bij een gelijkblijvende rente bedraagt de koopsom volgens de offerte € 11.340,--. [Y.] stelt dat een verzekering op basis van de oude gegevens niet meer mogelijk is. Om die reden heeft [Y.] zijn primaire vordering verhoogd van € 8.644,92 naar € 11.340,--.

Nu [X.] zich dienaangaande heeft gerefereerd en het hof geen gronden tot afwijzing van de eiswijziging aanwezig oordeelt, zal het hof oordelen op de incidentele vordering zoals deze is vermeerderd.

8.3. [X.] voert aan dat de bij akte overgelegde offerte niet een aanbod is tot het sluiten van een overeenkomst. Daarom staat de hoogte van de koopsom niet vast. Het is de vraag of de kosten van de eenogigenverzekering gelijk zullen zijn aan hetgeen in de offerte is genoemd. [X.] sluit niet uit dat de kosten lager zullen zijn.

Voorts heeft [X.] erop gewezen dat [Y.] eerder aanspraak heeft gemaakt op een te verzekeren rente van € 16.189,-- en niet motiveert waarom nu uitgegaan dient te worden van een rente van € 20.000,--. Het is nog steeds mogelijk een rente af te sluiten op basis van een te verzekeren rente van € 16.189,--. Dit is volgens [X.] bevestigd door de afdeling acceptatie en beheer van Nationale Nederlanden. Dit betekent dat de koopsom € 9.179,16 zal bedragen in plaats van € 11.340,--.

8.4. Het hof oordeelt als volgt. De door [Y.] overgelegde vrijblijvende offerte van 4 mei 2006 is toegespitst op [Y.], thans 34 jaar oud. De offerte betreft een verzekering in rentevorm tegen het verlies van het gezichtsvermogen van het goede oog en bevat de koopsom bij gelijkblijvende rente en bij enkelvoudig klimmende rente tot de leeftijd van 75 jaar. Bij blijvende gehele of gedeeltelijke vermindering van het gezichtsvermogen veroorzaakt door ziekte of ongeval wordt jaarlijks een rente uitgekeerd. De offerte vermeldt dat uitgegaan is van maximaal te verzekeren rentes; bij gelijkblijvende rente - waar partijen vanuit gaan – bedraagt de maximaal te verzekeren rente: € 20.000,--.

Het verweer van [X.] dat de hoogte van de koopsom nog steeds niet vast staat daar geen sprake is van een aanbod tot het sluiten van een overeenkomst wordt verworpen nu het hof in het tussenarrest heeft beslist dat geabstraheerd kan worden van de vraag of [Y.] met de koopsom een verzekering afsluit dan wel deze koopsom reserveert. Anders dan [X.] heeft aangevoerd, oordeelt het hof voorts geen grond aanwezig om te veronderstellen dat een bindend aanbod tot een verzekering andere premiebedragen zal inhouden dan thans in de vrijblijvende offerte genoemd; [X.] heeft ook geen feiten aan haar standpunt ten grondslag gelegd, zodat het hof dit verweer als onvoldoende onderbouwd verwerpt.

8.5. Het tweede onderdeel van het verweer van [X.] treft doel. Aan [X.] kan worden toegegeven dat de eerder namens [Y.] uitgebrachte offerte van 1 juni 2004 uitgaat van een maximaal te verzekeren rente van € 16.189,-- (bij gelijkblijvende rente). Het hof is met [X.] van oordeel dat nog steeds mogelijk moet zijn een verzekering af te sluiten op basis van laatstvermeld bedrag zodat het daartoe aan te wenden bedrag van € 9.179,16 voor toewijzing vatbaar is.

Het standpunt van [Y.] dat uitsluitend de nieuwe rente van € 20.000,-- is te verzekeren is onvoldoende onderbouwd gegeven het feit dat de offerte geen vaste koopsom kent maar een koopsom per € 1.000,-- verzekerde rente. Dit vormt - behoudens toelichting door [Y.], die niet is verstrekt - een dwingende aanwijzing dat degene die de verzekering sluit zelf de hoogte van de verzekerde rente en daarmee van de verschuldigde koopsom kan vaststellen.

8.6. De gevorderde wettelijke rente is toewijsbaar vanaf de datum van dit arrest nu deze schadepost ziet op een onzeker voorval in de toekomst.

8.7. Het hof passeert het bewijsaanbod van [X.] als niet terzake dienend.

In het principaal en incidenteel appel

8.8. De slotsom is dat de grieven in het principaal appel falen en de grief in het incidenteel appel slaagt. Het vonnis waarvan beroep dient te worden vernietigd voor zover daarbij de vordering met betrekking tot de kosten voor een eenogigenverzekering is afgewezen. Om praktische redenen zal het hof het gehele vonnis vernietigen en opnieuw formuleren.

8.9. [X.] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten van zowel het principaal als het incidenteel hoger beroep.

9. De uitspraak

Het hof:

in het principaal en incidenteel appel:

vernietigt het vonnis waarvan beroep,

en opnieuw rechtdoende:

veroordeelt [X.] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [Y.] te betalen de som van € 19.230,-- te vermeerderen met de wettelijke rente over € 15.000,-- vanaf 23 september 1995 en over € 4.230,-- vanaf 1 januari 1997 tot telkens de dag van algehele voldoening;

veroordeelt [X.] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [Y.] te betalen de som van € 9.179,16 te vermeerderen met de wettelijke daarover vanaf de datum van dit arrest tot de dag van algehele voldoening;

veroordeelt [X.] in de kosten van de procedure in eerste aanleg aan de zijde van [Y.] gevallen en vastgesteld op € 923,78 (waarvan € 650,-- wegens salaris voor de gemachtigde van [Y.]) op de voet van het bepaalde in art. 243 Rv te voldoen aan de griffier van de rechtbank Breda;

veroordeelt [X.] in de kosten van het hoger beroep aan de zijde van [Y.] gevallen en tot op heden vastgesteld op € 241,-- wegens verschotten en € 2.316,-- wegens salaris procureur, op de voet van het bepaalde in art. 243 Rv te voldoen aan de griffier van het hof;

verklaart dit arrest tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af hetgeen meer of anders is gevorderd.

Dit arrest is gewezen door mrs. Koster-Vaags, Waaijers en Slootweg en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof op 17 oktober 2006.