Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2005:AU6784

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
07-11-2005
Datum publicatie
24-11-2005
Zaaknummer
R200500800
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Handelsnaamwet

Verwarringsgevaar. De in beide handelsnamen voorkomende woorden 'auto/camping/sport' zijn niet vergelijkbaar met een woord als slagerij en bakkerij en dienen daarom bij de beoordeling van het verwarringsgevaar niet buiten beschouwing te worden gelaten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
BIE 2006, 30
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

dHJ

7 november 2005

Rekestenkamer

Rekestnummer R200500800

GERECHTSHOF 'S-HERTOGENBOSCH

Beschikking

in de zaak in hoger beroep van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid AUTO-CAMPINGSPORT DEURNE B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

appellante in het principaal appel,

verweerster in het voorwaardelijk incidenteel appel,

verder te noemen: [X.] (naar haar directeur),

procureur: mr. T.I.P. Jeltema,

tegen

de vennootschap onder firma E. AUTO/CAMPING/SPORT V.O.F.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

verweerster in het principaal appel,

appellante in het voorwaardelijk incidenteel appel,

verder te noemen: [Y.],

advocaat: mr. J.H. Welling.

procureur: mr. J.A.Th.M. van Zinnicq Bergmann.

1. Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst naar de beschikking van de kantonrechter te Helmond van 19 juli 2005 (zaaknummer 402214; repnummer 990/05), waarvan de inhoud bij partijen bekend is.

2. Het geding in hoger beroep

2.1. Bij beroepschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 28 juli 2005, heeft [X.] onder aanvoering van twee grieven verzocht - kort samengevat - de beschikking waarvan beroep te vernietigen en, opnieuw recht doende, [Y.] te bevelen haar handelsnaam te wijziging met nevenvoorzieningen en met veroordeling van [Y.] in de kosten.

2.2. Bij brief dd. 16 augustus 2005 ontving het hof van het kantongerecht het proces-verbaal van de zitting in eerste aanleg en de pleitnotities (met bijlagen) in eerste aanleg van mr. Jeltema.

2.3. Bij brief dd. 18 augustus 2005, bij het hof ingekomen op 22 augustus 2005, ontving het hof van mr. Jeltema het betekeningsexploot dd. 3 augustus 2005 en het herstelexploot dd. 10 augustus 2005.

2.4. Bij verweerschrift, tevens houdende voorwaardelijk zelfstandig verzoek, ingekomen ter griffie op 21 september 2005, heeft [Y.] geconcludeerd tot afwijzing van het beroep met veroordeling van [X.] in de kosten en heeft zij voorwaardelijk, het hof verzocht - kort gezegd - [X.] te veroordelen haar handelsnaam te wijzigen met nevenvorderingen en met veroordeling van [X.] in de kosten.

2.5. [X.] heeft een verweerschrift in incidenteel appel ingediend dat bij het hof op 13 oktober 2005 is binnengekomen.

2.6. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 31 oktober 2005. Daarbij zijn gehoord de heer [X.] en de heer [Z.]. De advocaten van partijen hebben hun standpunten nader toegelicht aan de hand van pleitaantekeningen. Aan de pleitnota van mr. Welling zijn twee producties gehecht.

3. De gronden van het hoger beroep

Het hof verwijst naar de inhoud van het beroepschrift en het verweerschrift.

4. De beoordeling

4.1. De grieven beogen het geschil in volle omvang aan het hof voor te leggen.

Het hof zal het beroep en het (voorwaardelijk) tegenverzoek gezamenlijk en in volle omvang behandelen. Het tegenverzoek is ingesteld voor het geval het hof van oordeel is dat de woorden 'auto, camping en sport' voldoende onderscheidend vermogen hebben. Het hof begrijpt uit de inhoud van het tegenverzoek dat dit verzoek ook behandeling behoeft in de andere gevallen waarin het verzoek van [X.] voor toewijzing in aanmerking komt. Zoals zal blijken is dit laatste het geval.

4.2. Het inleidend verzoek en het voorwaardelijk tegenverzoek in eerste aanleg en hoger beroep zijn gegrond op artikel 6 Handelsnaamwet (Hnw). De verbods-bepaling is neergelegd in artikel 5 Hnw en luidt:

Het is verboden een handelsnaam te voeren, die, vóórdat de onderneming onder die naam werd gedreven, reeds door een ander rechtmatig gevoerd werd, of die van diens handelsnaam slechts in geringe mate afwijkt, een en ander voor zover dientengevolge, in verband met de aard der beide ondernemingen en de plaats, waar zij gevestigd zijn, bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen te duchten is.

Het hof overweegt dienaangaande als volgt.

4.2.1. Tussen partijen is niet in geschil dat de aard der beide ondernemingen (vrijwel) hetzelfde is. Beide bedrijven zijn voor het publiek toegankelijke winkels (al staat in de bedrijfsomschrijving in het handelsregister ook de groothandel opgenomen), die een assortiment zaken bieden welke slechts in beperkte mate van elkaar afwijkt. De onderneming van [Y.] heeft een oppervlakte van ongeveer 3000 m2; dat van [X.] 1480 m2. In beide winkels worden auto-accessoires en -onderdelen (voor personen- en bedrijfsauto's, campers en caravans), campingbenodigdheden en sportartikelen - alles in de ruimste zin - aan het publiek te koop aangeboden.

4.2.2. De ondernemingen, dat wil zeggen de winkelruimten, zijn ongeveer 800 meter van elkaar verwijderd.

4.2.3. Het hof stelt vast dat de handelsnamen van beide ondernemingen slechts in geringe mate van elkaar afwijken.

(1) Het gebruik van een verbindingsstreepje tussen auto en camping gevoegd bij het aan elkaar schrijven van de woorden camping en sport in de handelsnaam van [X.] tegenover schuine streepjes tussen de woorden auto, camping en sport in de handelsnaam van [Y.] leveren een rechtens zo weinig relevant onderscheid, temeer daar deze onderscheidingen het spraakgebruik niet tot uiting komen, dat daarmee geen rekening kan worden gehouden.

(2) Hetzelfde geldt voor de afkortingen B.V. en v.o.f. De rechtsvorm waaronder de ondernemingen worden gedreven zijn zo weinig relevante onderscheidingen, reeds omdat die bij het publiek niet zullen beklijven, dat ook deze verschillen buiten de beoordeling moeten blijven.

(3) Het woord Deurne voor een bedrijf dat is gevestigd in Deurne levert geen rechtens relevant onderscheid. De naam [Y.] is een naam die niet ongebruikelijk is en hier zich niet manifesteert of in verbinding wordt gebracht met een merknaam, beeldmerk of een bij het publiek alom bekende handelsnaam, noch verband houdt met de woorden auto, camping of sport. Daarmee kan aan dit deel van de handelsnaam geen beslissende betekenis worden toegekend.

(4) De woorden 'Auto Camping Sport', die in beider handelsnamen worden gevoerd, hebben qua letteraantal de overhand en krijgen daardoor naast de nauwelijks onderscheidmakende woorden [Y.] en Deurne een zodanig zware betekenis, temeer omdat daarin de branche waarin de onderneming wordt gevoerd besloten ligt, dat deze woorden bij de beoordeling niet kunnen worden geëcarteerd uit de naam, zoals wel gebeurt bij woordjes als bakkerij en slagerij.

4.2.5. [X.] heeft zijn onderneming als BV in oprichting ingeschreven in het handelsregister op 15 december 2000 en voert sedertdien de handelsnaam.

De vennootschap onder firma [Y.] is opgericht op 1 november 2002. [Y.] heeft aangevoerd dat de v.o.f. de activiteiten van [Q.] B.V. heeft voortgezet en dat die vennootschap al eerder dan [X.] de handelsnaam 'Auto/Camping/ Sport [Y.]' voerde. [X.] heeft zulks betwist. Ten bewijze van haar stelling verwijst [Y.] naar een aantal reclamepublicaties.

Naar het oordeel van het hof blijkt daar niet uit dat de door [Y.] gevoerde handelsnaam vóór eind 2002 door haar rechtsvoorgangster werd gevoerd. Wel zijn in de advertenties de woorden, auto, camping en sport gebruikt maar niet als handelsnaam, en dat is toch een vereiste gesteld door artikel 5 Hnw. Het meest in de buurt komt een advertentie uit 1995 met de aanhef '[Y.] Deurne Auto- en campingsportartikelen'. In dezelfde advertentie staat als bedrijfsnaam genoemd '[Q.] bv' zonder verdere toevoegingen.

Op grond hiervan dient reeds het tegenverzoek - dat is gegrond op een ouder recht - te worden afgewezen.

4.3. [X.] heeft in punt 23 van het inleidend verzoekschrift gesteld dat er verwarring bij leveranciers is ontstaan. Dezelfde verwarring constateert [Y.] in het verweerschrift in eerste aanleg onder de punten 23 en verder. Tussen partijen is het bestaan van verwarring niet in geschil. De kantonrechter nam geen (rechtens relevante) verwarring aan en grondde daartoe zijn afwijzende oordeel op de betekenis die aan de woorden 'auto/camping/sport' gehecht moet worden. Hij overwoog:

Het betreft algemeen gangbare en gebruikte aanduidingen, die op zich en in onderlinge combinatie duiden op de artikelen waarin de desbetreffende ondernemingen handelt. Als zodanig vormen zij niet het onderscheidend, kenmerkend, deel van de handelsnaam. Deze woorden zijn op zich en in onderlinge combinatie naar het oordeel van de kantonrechter inderdaad dermate gangbaar dat een onderneming het gebruik daarvan in haar handelsnaam niet kan monopoliseren. In dat verband dient de vergelijking gemaakt te worden met de woorden 'brood en banket' in de handelsnaam van bakkerijen, 'vlees en vleeswaren' in de handelsnaam van een slagerij, of 'auto(mobiel)bedrijf' in de handelsnaam van garagebedrijven.

De kantonrechter komt vervolgens tot het oordeel dat de onderdelen 'Deurne B.V.' en '[Y.] v.o.f.' zodanig van elkaar afwijken dat redelijkerwijs geen verwarring kan ontstaan.

4.3.1. Het hof deelt deze opvattingen van de kantonrechter niet.

Zoals hiervoor reeds is overwogen zijn de woorden 'Deurne' en '[Y.]' op zich zelf genomen onvoldoende onderscheidend om daaraan een beslissende betekenis toe te kennen en aldus deze los te kunnen koppelen van de woorden 'auto, camping en sport'. De maatstaf die hier gehanteerd moet worden is dan is of de handelsnamen - dat is hier de gehele naam en niet een onderdeel daarvan - in zo geringe mate van elkaar afwijken dat bij het publiek verwarring tussen beide ondernemingen te duchten is of te vrezen valt (HR 6 december 1996, NJ 1997/206).

4.3.2. In dit verband is van belang dat uit onderzoek van [X.] in het handelsregister, waarvan de resultaten niet zijn betwist, heeft opgeleverd dat slechts twee ondernemingen in Nederland - namelijk partijen - in hun handelsnaam de woordcombinatie auto/camping/sport gebruiken. Kennelijk vormt deze woordcombinatie geen ingeburgerde verwijzing naar bepaalde ondernemingsactiviteiten, zoals bakkerij of slagerij.

4.3.3. De drie woorden auto, camping en sport kunnen in zes verschillende combinaties van volgorde worden geschreven. Niet blijkt van handelsactiviteiten van [Y.] die noodzaken tot juist die combinatie die ook bij [X.] in gebruik is.

4.3.4. De drie woorden op zichzelf genomen hebben geen specifieke betekenis. Zo kan bij 'auto' gedacht worden aan autoaccessoires, maar ook aan autohandel, speelgoed, verhuur enz. Bij camping zal de eerste gedachte gaan naar een plaats waar gekampeerd kan worden. Bij sport aan een plaats waar gesport kan worden. In alle drie de gevallen zal een winkel zich bedienen van een handelsnaam waarin het woord auto of camping of sport staat in combinatie met het woord artikelen of materialen of iets dergelijks, zoals automaterialen, campingartikelen of sportkleding enz. Zonder deze nadere aanduiding en dan drie woorden tegelijk en dat in een bepaalde volgorde is, zoals ook blijkt uit het handelsregister zodanig uniek dat het gebruik door twee vrijwel naast elkaar gelegen ondernemingen tot verwarring bij het publiek aanleiding kan en zal geven.

4.3.5. Aan vorenstaand geconstateerd verwarringsgevaar kan niet afdoen dat de hier bedoelde (drie) onderdelen van de naam elk voor zich weinig onderscheidend zijn en op zichzelf genomen niet tot zodanige verwarring kunnen leiden, in samenhang met de overige woorden van de handelsnaam, dat in die gevallen anders geoordeeld moet worden.

4.3.6. Van een monopoliseren, dat wil zeggen van een gebruik dat een andere onderneming ongerechtvaardigd belemmerd in het vinden en kunnen gebruiken van een handelsnaam die bij haar activiteiten past, is geen sprake, getuige het feit dat er in Nederland tal van winkels zijn die dezelfde activiteiten ontplooien maar zich niet van hier bedoelde combinatie bedienen.

4.4. De conclusie is dan dat de grieven in het principaal appel slagen en dat [Y.] een handelsnaam voert die in strijd komt met het verbod van artikel 5 Hnw.

4.4.1. [X.] verzoekt [Y.] te bevelen haar handelsnaam zodanig te wijzigen dat daarin niet meer voorkomt het woord/ de woorden 'auto', 'camping', of 'sport' noch woorden/letterverbindingen die daarmee in hoofdzaak overeenstemmen. Dit verzoek gaat te ver. [Y.] kan niet worden verboden om tenminste één van de drie gewraakte woorden in haar naam te voeren, zeker niet in combinatie met andere woorden, zoals de woorden automaterialen, campingartikelen, sportkleding enz. In het verbod ligt de verplichting besloten voor [Y.] om haar handelsnaam te wijzigen.

4.4.2. Het is niet aan het hof om reeds thans specifiek vast te stellen welke nieuwe handelsnaam verboden of toelaatbaar zal zijn. Het is aan [Y.] om eerst zelf een nieuwe naam aan te nemen. Het hof kan hier wel aan toevoegen dat een naam waarin een andere volgorde van de drie gewraakte woorden wordt gebruikt (bijvoorbeeld camping/sport/auto), niet toelaatbaar zal zijn. Dit zal in het algemeen ook het geval kunnen zijn bij het gebruik van twee van de drie woorden met of zonder verdere toevoegingen (bijvoorbeeld camping/sport of '[Y.] automaterialen en sportartikelen'). Daarbij komt dat de gevorderde dwangsom alleen toewijsbaar is ten aanzien van eenduidig bepaalbare handelsnamen.

4.5. [Y.] zal als de in hoofdzaak in het ongelijk gestelde partij in de kosten worden verwezen.

5. De uitspraak

Het hof:

in het principaal appel

vernietigt de beschikking waarvan beroep;

en opnieuw recht doende op het hoger beroep van [X.] en het (voorwaardelijk) tegenverzoek van [Y.]:

verbiedt [Y.] de handelsnaam '[Y.] auto/camping/sport' te voeren;

veroordeelt [Y.] om aan [X.] een dwangsom van E. 500,- te betalen voor iedere dag dat [Y.], na het verstrijken van één maand na betekening van deze beschikking, in gebreke zal zijn aan deze beslissing gevolg te geven;

veroordeelt [Y.] in de kosten van het principaal appel aan de zijde van [X.] gevallen, tot op heden begroot op:

E. 273,- voor vast recht eerste aanleg,

E. 500,- voor salaris gemachtigde eerste aanleg,

E. 244,- voor vast recht hoger beroep,

E. 1.788,- voor salaris procureur hoger beroep;

verklaart dit verbod en deze veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders door [X.] verzochte;

in het incidenteel appel

wijst af het tegenverzoek.

Veroordeelt [Y.] in de kosten van het incidenteel appel aan de zijde van [X.] gevallen, tot op heden begroot op E. 445,- voor salaris.

Deze beschikking is gegeven door mrs. Den Hartog Jager, Venhuizen en Van der Velden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit hof van 7 november 2005 in tegenwoordigheid van de griffier.