Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:2000:AE9742

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
14-06-2000
Datum publicatie
08-08-2006
Zaaknummer
R 200000297
Rechtsgebieden
Civiel recht
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Schuldenaar alsnog toegelaten omdat hem de kans moet worden geboden van zijn schulden af te komen, mede gelet op de zorg die hij heeft voor zijn twee kinderen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

KVB

Rekestnr.: R 200000297

Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, Rekestenkamer,

Arrest van 14 juni 2000

In de zaak van:

X.,

wonende te P.,

appellant, nader te noemen: X.,

procureur: L.M.H. Nelissen,

op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 8 mei 2000.

1. Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst naar voormeld vonnis van de rechtbank, waarvan de inhoud bij X. bekend is.

2. Het geding in hoger beroep

2.1. Bij beroepschrift, tijdig ingekomen ter griffie per fax op 15 mei 2000, heeft X. het hof verzocht het vonnis waarvan beroep te vernietigen en opnieuw rechtdoende de schuldsaneringsregeling op X. van toepassing te verklaren.

2.2. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 7 juni 2000. Bij die gelegenheid is gehoord X. en zijn advocaat.

Het hof heeft voorts kennisgenomen van de inhoud van de navolgende stukken:

de bijlagen bij het beroepschrift;

de processen-verbaal van de terechtzittingen van de arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch d.d. 10 april 2000 en 8 mei 2000.

3. De gronden van het hoger beroep

3.1. De grief richt zich tegen overweging van de rechtbank, dat gegronde vrees bestaat dat X. tijdens de toepassing van de schuldsaneringsregeling zal trachten zijn schuldeisers te benadelen of zijn uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen niet naar behoren zal nakomen.

4. De beoordeling

4.1. X. heeft bij inleidend verzoekschrift van 22 maart 2000, de rechtbank verzocht de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken.

4.2. Bij vonnis van 8 mei 2000 heeft de rechtbank het verzoek van X. afgewezen. Tegen die beslissing komt X. tijdig op. De rechtbank heeft hierbij overwogen dat X. ten aanzien van het ontstaan van een substantieel deel van de schulden last, de lening bij de Finata bank, niet te goeder trouw is geweest. Daarnaast heeft de rechtbank overwogen dat er gegronde vrees bestaat dat X. tijdens de toepassing van de schuldsaneringsregeling zal trachten zijn schuldeisers te benadelen of zijn uit de schuldsaneringsregeling voortvloeien de verplichtingen, niet naar behoren zal nakomen.

4.3. X. heeft verklaard dat hij ernstige financiƫle en persoonlijke problemen heeft gehad. Hij was verwikkeld in een echtscheiding met zijn vrouw, hij had problemen met zijn kinderen, aanzienlijke schulden en een gokverslaving.

4.4. X. tracht thans aan een oplossing van zijn problemen te werken. Zo heeft hij sedert september 1999 niet meer gegokt, regelmatig contact met het maatschappelijk werk en is hij bereid te werken aan de aflossing van zijn schulden. X. lost thans van zijn RWW uitkering op een aantal schulden af door betaling van fl 100,-- aan de woningbouwvereniging, fl 270,-- aan de fiscus en fl 200,-- aan Essent. Naast betaling van zijn andere lasten, fl 359, -- huur, fl 179, -- vaste lasten en fl 77,-- ziekenfonds, houdt X. fl 500,-- per maand over om van te leven met zijn twee thuis wonende, schoolgaande kinderen van 11 en 20 jaar oud. X. verklaart zich bereid ook in de toekomst een deel van zijn inkomsten te gebruiken voor aflossing van zijn schulden.

4.5. Het hof is met de rechtbank van oordeel dat X. terzake van het ontstaan van de schuld aan de Finata bank, niet te goeder trouw is geweest. Anders dan de rechtbank, acht het hof echter geen redenen aanwezig te veronderstellen dat X. tijdens de toepassing van de schuldsaneringsregeling zal trachten zijn schuldeisers te benadelen of dat hij zijn uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen niet naar behoren zal nakomen. Deze facultatieve afwijzingsgrond wordt dan ook door het hof niet gevolgd. Het hof is van oordeel dat aan X. onder bovengenoemde omstandigheden de kans kan worden geboden van zijn schulden af te komen, mede gelet op de zorg die hij heeft voor zijn twee kinderen.

4.6. Het bovenstaande leidt naar het oordeel van het hof tot de conclusie dat X. in aanmerking dient te komen voor de schuldsaneringsregeling. De grief van X. slaagt, het vonnis van de rechtbank van 8 mei 2000 dient te worden vernietigd en beslist dient te worden, zoals hierna vermeld.

5. De beslissing

Het hof vernietigt het vonnis waarvan beroep,

spreekt de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van;

X.

geboren te ...

wonende te P.

verwijst de zaak met dat doel en met inachtneming van de wettelijke bepalingen naar de rechtbank te 's-Hertogenbosch.

Dit arrest is gewezen door mrs. Koens, Van Etten en Dorn en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 14 juni 2000 in tegenwoordigheid van de griffier.