Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSHE:1999:AE9564

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
21-04-1999
Datum publicatie
09-08-2006
Zaaknummer
R9900175
Rechtsgebieden
Civiel recht
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Serieuze verandering in het gedrag na eerdere maatschappelijke ontsporing - jeugdzonde.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Prg. 2007, 15
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Gerechtshof te 's-Hertogenbosch

Rekestenkamer

Beschikking d.d. 21 april 1999

in de zaak van:

X

wonende te P.,

appellant, nader te noemen X,

procureur D.D. Breukers,

op het hoger beroep tegen de op 16 maart 1999 door de rechtbank te 's-Hertogenbosch gewezen uitspraak.

1. Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst naar voormelde beschikkingen van de rechtbank, waarvan de inhoud bij X. bekend is.

2. Het geding in hoger beroep

2.1. Bij beroepschrift, ingekomen ter griffie op 22 maart 1999, heeft X. verzocht voormelde uitspraak te vernietigen en alsnog het verzoek tot definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling toe te wijzen.

2.2. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 31 maart 1999. Bij die gelegenheid zijn X., en zijn advocaat gehoord.

2.3. Het hof heeft voorts kennisgenomen van de inhoud van:

de producties, overgelegd bij het beroepschrift;

de brief met bijlagen van de procureur van X. van 29 maart 1999;

de brief van de procureur van X. van 7 april 1999;

het door de griffier van voormelde rechtbank ter inzage verstrekte procesdossier van de eerste aanleg.

3. Gronden van het hoger beroep

De grief is gericht tegen de afwijzing van het verzoek en de daaraan gegeven motivering.

4. De beoordeling

4.1. Bij zijn inleidend verzoekschrift heeft X. de rechtbank te 's-Hertogenbosch het verzoek tot definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling gedaan. De rechtbank heeft dit verzoek afgewezen. Tegen die beslissing op X. op.

4.2. X. erkent dat met betrekking tot een deel van zijn schuldenpakket kan worden aangenomen dat hij ten aanzien van het ontstaan en/of onbetaald laten van de schulden niet te goeder trouw is geweest. Hij is echter van mening dat hij, gezien zijn omstandigheden, toch in aanmerking moet komen voor toepassing van de schuldsaneringsregeling.

Hij stelt daartoe dat hij op enig moment heeft besloten dat er een einde moest komen aan zijn levenwijze, waartoe hij hulp heeft gezocht. Hij stelt zeer gemotiveerd te zijn om uit de vicieuze cirkel te komen waarin hij is geraakt en dat hij een nieuwe start wil maken. Hij verzoekt om ook rekening te houden met zijn leeftijd.

4.3. De schuldenlast van X. beloopt een bedrag van ruim fl 43.000,--, een groot deel waarvan aan justitie verschuldigd is op grond van bekeuringen vanwege verkeersovertredingen.

4.4. Bij brief van 7 april 1999 heeft de procureur van X. het hof een brief van P.B. Th. Pouw, de huisarts van X. van diezelfde datum toegezonden. De brief houdt onder meer, verkort en deels zakelijk weergegeven in:

dat hij op grond van jarenlange contacten met X. zelf en diens ouders goede op de hoogte is van alle problemen, die zich rond X. hebben verzameld;

dat X. in zijn pubertijd een gedrag heeft ontwikkeld dat hem regelmatig in conflict met het gezag liet komen;

dat de ouders van X. ondanks alle inspanningen niet in staat waren hun zoon te corrigeren of te begeleiden;

dat X. uiteindelijk helemaal vastgelopen in schulden en maatschappelijke misère, wat toegankelijker werd en een hulpverleningsprogramma kon worden opgestart

dat met veel inspanningen van de maatschappelijk werkster de politie, de huisarts en burgemeester en wethouders een plan werd opgestart om X. een kans te geven zich te socialiseren en een 'toekomstgevoel' te geven van waaruit hij aangepaster gedrag zou kunnen gaan ontwikkelen en zijn leven op positieve wijze te gaan inrichten;

dat alle betrokkenen deze weg als de enige zagen om verdere criminele ontwikkeling van X. te stoppen;

dat de huidige situatie van X. door iedereen als absoluut kansloos werd gezien.

4.4. Er staat nog een aantal zaken tegen X. open. Alle zaken zullen gebundeld worden behandeld ter zittingen van 20 april 1999 (kantongerechtzaken) en 21 april 1999 (politierechterzaken). X. is voornemens om oplegging van een alternatieve straf te verzoeken. X. stelt vast van plan te zijn in de toekomst geen strafbare feiten meer te begaan. Mede ter voorkoming van bekeuringen stelt hij zijn auto van de hand te hebben gedaan.

4.5. X. heeft tegenover het hof verklaard dat hij enige tijd met veel plezier als chauffeur bij IT'S in Tilburg heeft gewerkt, maar dat er een einde aan die dienstbetrekking is gekomen toen zijn rijbewijs werd ingevorderd. Sindsdien ontvangt X. een bijstandsuitkering. Hij heeft tegenover het hof verklaard dat de periode, gedurende welke hem de rijbevoegdheid is ontzegd over ongeveer twee maanden zal zijn verstreken en dat hij er goede hoop op heeft daarna weer een betaalde betrekking te vinden. Hij heeft er bij herhaling op gewezen dat hij volop gemotiveerd is een normaal leven te gaan leiden.

4.6. Op grond van het vorenstaande is voldoende aannemelijk dat X. serieus van plan is verandering te brengen in het gedrag waarvan hij in het verleden blijk heeft gegeven en dat politie, burgemeester en wethouders, maatschappelijk werk en huisarts bereid zijn hem daarbij zoveel als mogelijk is behulpzaam te zijn om zijn leven te normaliseren.

Het hof is van oordeel. dat X. binnen het geschetste perspectief de kans moet worden gegeven om zijn problemen te boven te komen, waartoe schuldsanering dienstig is.

4.7. Daarom zal het hof de definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling ten aanzien van X. reeds thans uitspreken. De grief is dus gegrond. X. zal nog hebben te voldoen aan alle eisen, vermeld in artikel 285 lid 2 aanhef en onder a t/m g van de Faillissementswet.

5. De beslissing

Het hof:

Vernietigt de beslissing, waarvan beroep.

spreekt uit de definitieve toepassing van de schuldsanering ten aanzien van:

X.

geboren op 8 januari 1973,

wonende te P.

Verwijst de zaak met dat doel en met inachtneming van de wettelijke bepalingen naar de rechtbank te 's-Hertogenbosch.

Deze beschikking is gegeven door mrs Van Teeffelen Huijbers-Koopman en Dorn en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit hof van 21 april 1999 door mr Koens in tegenwoordigheid van de griffier.