Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSGR:2012:BV9012

Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Datum uitspraak
15-03-2012
Datum publicatie
15-03-2012
Zaaknummer
22-002595-11
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het bezit van kinderpornografische afbeeldingen en films.

Het Hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) jaar. Hierbij wordt bepaald dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 3 (drie) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Tevens gelast het Hof als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich gedurende de proeftijd onder het toezicht van Stichting Reclassering Nederland te Dordrecht zal stellen en zich zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, door of namens deze instelling te geven.

Daarnaast wordt de verdachte veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rolnummer: 22-002595-11

Parketnummer: 11-711035-10

Datum uitspraak: 15 maart 2012

TEGENSPRAAK

Gerechtshof te 's-Gravenhage

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Dordrecht van 12 mei 2011 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1978,

[adres] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 1 maart 2012.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het een gewoonte maken van het verspreiden en in bezit hebben van kinderporno veroordeeld tot gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, onder de bijzonder voorwaarde van verplicht reclasseringscontact.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij in of omstreeks de periode van 12 juni 2006 tot en met 06 juli 2009 te Zwijndrecht, in elk geval in Nederland, één of meermalen een (groot aantal) (in ieder geval 1438 of daaromtrent) afbeelding(en) en/of (een) gegevensdrager(s), bevattende (een) afbeelding(en), te weten een computer/laptop en/of een harddisk, (telkens) heeft verspreid en/of in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en), zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer)

- het (laten) betasten van de (stijve) penis van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van

18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt door een volwassen man/een persoon die eveneens kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer [bestandsnaam 1] en/of film [bestandsnaam 2]) en/of

- het (laten) vasthouden en/of in de mond (laten) nemen van de stijve penis van een volwassen man door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer foto [bestandsnaam 3] en/of film [bestandsnaam 4]) en/of

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij door camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van die/de perso(o)n(en) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden (onder meer foto [bestandsnaam 5] en/of foto [bestandsnaam 6] en/of foto [bestandsnaam 7])

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze perso(o)n(en) gekleed en/of opgemaakt zijn en/of in een omgeving en/of met voorwerpen en/of in (erotisch getinte) houdingen poseert/poseren die niet bij haar/hun leeftijd past/passen en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden (onder meer foto [bestandsnaam 8]) en/of

- het anaal penetreren (met de penis en/of een vinger) door een volwassen man/een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt van het lichaam van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar (eveneens) nog niet heeft/hebben bereikt (onder meer foto [bestandsnaam 9] en/of foto [bestandsnaam 10] en/of film [bestandsnaam 11] en/of film [bestandsnaam 12]) en/of

- het in de mond (laten) nemen van de penis van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt door een volwassen man/een persoon die eveneens kennelijk de leeftijd van

18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 13]) en/of

- het ejaculeren door een volwassen man op het lichaam/in het gezicht van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 14]) van welk(e) misdrijf/ven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Partiële nietigheid inleidende dagvaarding

Met de advocaat-generaal en in navolging van het arrest van de Hoge Raad d.d. 20 december 2011 (LJN BS1739) is het hof van oordeel dat de inleidende dagvaarding partieel nietig dient te worden verklaard.

Vooropgesteld dient te worden dat aan de term "afbeelding van een seksuele gedraging" in de zin van artikel 240b, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht op zichzelf onvoldoende feitelijke betekenis toekomt. Zonder feitelijke omschrijving van die afbeelding in de tenlastelegging voldoet de dagvaarding niet aan de in artikel 261, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht gestelde eis van opgave van het feit.

Aan de verdachte is het bezit van 1438 afbeeldingen ten laste gelegd, terwijl in de tenlastelegging slechts een negental kinderpornografische afbeeldingen en een zestal films zijn beschreven. Het hof is van oordeel dat de dagvaarding ten aanzien van het aantal overige - niet gespecificeerde - afbeeldingen en films niet voldoet aan de eisen gesteld door artikel 261 van het Wetboek van Strafrecht, nu daaraan onvoldoende feitelijke betekenis toekomt.

De dagvaarding zal dan ook in zoverre nietig worden verklaard.

Vrijspraak

Het hof is van oordeel dat op grond van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het verspreiden van het in de tenlastelegging genoemde kinderpornografisch materiaal. Verdachte heeft weliswaar bekend dat hij materiaal heeft uitgewisseld, maar niet is komen vast te staan welk materiaal, laat staan of hij het specifiek in de tenlastelegging beschrevene, heeft uitgewisseld. Derhalve dient de verdachte van dat deel van de tenlastelegging te worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij in de periode van 12 juni 2006 tot en met 06 juli 2009 te Zwijndrecht,gegevensdragers, bevattende afbeeldingen en filmbestanden, te weten een laptop en een harddisk, in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen, zichtbaar zijn, waarbij telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit

- het (laten) betasten van de (stijve) penis van een persoon die kennelijk de leeftijd van

18 jaren nog niet heeft bereikt door een volwassen man/een persoon die eveneens kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (foto [bestandsnaam 1] en film [bestandsnaam 2]) en

- het (laten) vasthouden en/of in de mond (laten) nemen van de stijve penis van een volwassen man door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (foto [bestandsnaam 3] en film [bestandsnaam 4]) en

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, waarbij door camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van die persoon nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel in beeld gebracht wordt ( [bestandsnaam 5] en foto [bestandsnaam 6] en foto [bestandsnaam 7]) en

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, waarbij deze persoon gekleed en/of opgemaakt is en/of in een omgeving en/of met voorwerpen en/of in (erotisch getinte) houdingen poseert die niet bij zijn leeftijd past en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel in beeld gebracht wordt (foto [bestandsnaam 8]) en

- het anaal penetreren (met de penis en/of een vinger) door een volwassen man/een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar (eveneens) nog niet heeft bereikt (foto [bestandsnaam 9] en foto [bestandsnaam 10] en film [bestandsnaam 11] en film [bestandsnaam 12])) en

- het in de mond (laten) nemen van de penis van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt door een volwassen man/een persoon die eveneens kennelijk de leeftijd van

18 jaar nog niet heeft bereikt (film [bestandsnaam 13]) en

- het ejaculeren door een volwassen man in het gezicht van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (film [bestandsnaam 14]) van het plegen van welke misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsoverweging

De verdachte heeft bestreden dat hij van het bezit van kinderpornografisch materiaal een gewoonte heeft gemaakt.

Het hof overweegt daartoe als volgt.

De verdachte heeft blijkens zijn eigen verklaring ter terechtzitting in hoger beroep ongeveer 3 jaar lang gemiddeld twee keer per week en één keer in het weekend kinderpornosites bezocht. Hij zocht 'plaatjes' op met pornografische beelden van in het bijzonder jongens rond de acht jaar oud.

Op basis van voornoemde omstandigheden, gelet op zowel omvang van de periode alsook de frequentie waarmee de verdachte met kinderporno bezig was, concludeert het hof dat sprake is van het maken van een gewoonte van het bezit van kinderporno.

Bewijsvoering

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde levert op:

Een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een beroep of gewoonte wordt gemaakt, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd en dat de verdachte ter zake van het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden, met aftrek van voorarrest, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straffen bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het bezit van kinderpornografische afbeeldingen en films. Daarbij zijn (zeer) jonge kinderen betrokken, meest in de leeftijd van 8 tot 12 jaar. Die afbeeldingen en films zijn uitermate vernederend voor de betrokken kinderen. Bij de vervaardiging van kinderporno wordt de lichamelijke integriteit en de persoonlijke levenssfeer van minderjarigen ernstig geschonden. Het kan niet anders dan dat de afgebeelde minderjarigen groot leed en grote schade is berokkend en dat zij nog geruime tijd zullen lijden onder de psychische en/of lichamelijke gevolgen van hetgeen hen is aangedaan. Aan dat leed zal ongetwijfeld bijdragen dat de afbeeldingen en/of films nog lange tijd op het internet zullen circuleren. Het hof houdt de verdachte mede verantwoordelijk voor het aangedane leed, aangezien hij door het in bezit nemen van pornografische materiaal hieraan een bijdrage heeft geleverd en verdachte door dit materiaal te downloaden de industrie die deze kinderen exploiteert in stand houdt.

Het hof heeft bij de bepaling van de straf acht geslagen op de oriëntatiepunten voor straftoemeting van het landelijk overleg van voorzitters van de strafsectoren van de gerechtshoven en de rechtbanken (LOVS). Als oriëntatiepunt voor het een beroep of gewoonte maken van het bezit van kinderporno geldt een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 1 jaar. Deze straf zal het hof als uitgangspunt nemen.

In strafvermeerderende zin houdt het hof rekening met de volgende omstandigheden:

- de verdachte is bewust naar bepaalde websites gegaan om kinderporno te downloaden;

- de (zeer) jeugdige leeftijd van de slachtoffers, welke voor de meeste kinderen is geschat tussen de 8 en 12 jaar;

- het betreft niet alleen afbeeldingen van minderjarigen die seksuele poses aannemen, maar ook afbeeldingen waarop sprake is van seksueel binnendringen.

Het hof ziet desondanks aanleiding af te zien van het opleggen van een (deels) onvoorwaardelijke gevangenisstraf, zoals door de advocaat-generaal is gevorderd, en neemt daarbij de volgende strafverminderende omstandigheden in aanmerking:

- de verdachte heeft van meet af aan het ten laste gelegde bekend en heeft - naar eigen zeggen om schoon schip te maken en voor eens en altijd met dit verleden te breken - meegewerkt aan het opsporingsonderzoek door op eigen initiatief een externe harde schijf met daarop kinderpornografisch materiaal aan de politie over te dragen;

- de verdachte heeft aangegeven inzicht te hebben in het verwerpelijke van zijn handelen; zijn schuld- en schaamtegevoel komen het hof als oprecht voor;

- de verdachte is medio 2009 vrijwillig in behandeling gegaan bij GGZ Yulius en volgt thans nog steeds een groepsbehandeling bij De Waag, hetgeen naar wens verloopt, blijkens een ter terechtzitting in hoger beroep door de advocaat-generaal overgelegd

e-mailbericht d.d. 16 februari 2012 van De Waag;

- de verdachte is niet eerder onherroepelijk veroordeeld voor het plegen van een strafbaar feit;

- het betreft relatief oude feiten, nu deze zijn gepleegd in de periode juni 2006 tot en met juli 2009.

Het hof is - alles overwegende - van oordeel dat een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van

1 jaar met een proeftijd van 3 jaren onder de bijzondere voorwaarde van verplicht reclasseringscontact, alsmede een geheel onvoorwaardelijke taakstraf in de vorm van een werkstraf van de maximale duur, een passende en geboden reactie vormen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 57 en 240b van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) jaar.

Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 3 (drie) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd.

Stelt als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich gedurende de proeftijd stelt onder het toezicht van Stichting Reclassering Nederland te Dordrecht en zich zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, door of namens deze instelling te geven.

Geeft eerstgenoemde instelling opdracht de verdachte bij de naleving van de opgelegde voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Veroordeelt de verdachte tot een werkstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.

Dit arrest is gewezen door mr. M.P.J.G. Göbbels,

mr. T.W.H.E. Schmitz en mr. J.J. van Eck, in bijzijn van de griffier mr. C.J.A. Sabatier.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 15 maart 2012.

mr J.J. van Eck is buiten staat dit arrest te ondertekenen.