Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSGR:2012:BV8472

Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Datum uitspraak
22-02-2012
Datum publicatie
09-03-2012
Zaaknummer
22-004141-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De verdachte wordt vrijgesproken van inbreuk op het auteursrecht van artiesten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer: 22-004141-10

Parketnummer: 10-996521-06

Datum uitspraak: 22 februari 2012

TEGENSPRAAK

Gerechtshof te 's-Gravenhage

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 2 april 2010 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortejaar] 1974 te [geboorteplaats],

[adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 8 februari 2012.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd, behoudens ten aanzien van de beslissing op de vordering van de benadeelde partij en zij heeft geconcludeerd tot toewijzing van die vordering, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden, met aftrek van voorarrest, alsmede tot een geldboete van € 15.000,-, subsidiair 110 dagen hechtenis. De benadeelde partij is in de vordering niet-ontvankelijk verklaard.

De verdachte heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - tenlastegelegd dat:

1.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 29 november 2004 tot en met 28 januari 2006,

te Rotterdam en/of Capelle a/d IJssel in elk geval in Nederland, (telkens) opzettelijk een of meer voorwerp(en), te weten (een) geluidsdrager(s) en/of (een) muziekcd('s), waarin (telkens) met inbreuk op het auteursrecht van (een) ander(en), te weten K. Melua en/of A.S. Levy en/of B.E. Hartkamp en/of D.E. Warren en/of A.N. Morissette en/of Anouk en/of Guus Meeuwis en/of Anastacia en/of Jennifer Lopez en/of K3 en/of S.A. Duffy en/of R.P. Williams en/of een of meer andere rechthebbende(n), zonder toestemming van bovenbedoelde rechthebbende(n), (een) illegaal vervaardigde kopie(en) van een of meer werk(en), te weten (een) muziekwerk(en) met onder meer de titel(s),

-Piece by Piece (Katie Melua) en/of

-Feels Like Home (Norah Jones) en/of

-Daar heb je vrienden voor (Frans Bauer) en/of

-Il Divo (Il Divo) en/of

-So called chaos (Alanis Morisette) en/of

-Hotel New York (Anouk) en/of

-10 jaar Levensecht (Guus Meeuwis) en/of

-Anastacia (Anastacia) en/of

-Rebirth (Jennifer Lopez) en/of

-De Wereld Rond (K3) en/of

-Intensive Care (Robbie Williams),

was/waren vervat, (telkens) openlijk ter verspreiding heeft aangeboden en/of ter verveelvoudiging en/of ter verspreiding voorhanden heeft gehad, zulks terwijl verdachte van het plegen van voornoemd(e) misdrijf/misdrijven zijn, verdachtes, beroep heeft gemaakt of het plegen van voornoemd(e) misdrijf/misdrijven als bedrijf heeft uitgeoefend;

Subsidiair, voor zover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 29 november 2004 tot en met 28 januari 2006,

te Rotterdam en/of Capelle a/d IJssel in elk geval in Nederland, (telkens) een of meer voorwerp(en), te weten (een) geluidsdrager (s) en/of (een) muziekcd('s), waarvan hij, verdachte, redelijkerwijs kon vermoeden dat daarin met inbreuk op het auteursrecht van (een) ander(en), te weten K. Melua en/of A.S. Levy en/of B.E. Hartkamp en/of D.E. Warren en/of A.N. Morissette en/of Anouk en/of Guus Meeuwis en/of Anastacia en/of Jennifer Lopez en/of K3 en/of S.A. Duffy en/of R.P. Williams en/of een of meer andere rechthebbende(n), zonder toestemming van bovenbedoelde rechthebbende(n), (een) illegaal vervaardigde kopie(en) van een of meer werk(en), te weten (een) muziekwerk(en) met onder meer de titel(s),

-Piece by Piece (Katie Melua) en/of

-Feels Like Home (Norah Jones) en/of

-Daar heb je vrienden voor (Frans Bauer) en/of

-Il Divo (Il Divo) en/of

-So called chaos (Alanis Morisette) en/of

-Hotel New York (Anouk) en/of

-10 jaar Levensecht (Guus Meeuwis) en/of

-Anastacia (Anastacia) en/of

-Rebirth (Jennifer Lopez) en/of

-De Wereld Rond (K3) en/of

-Intensive Care (Robbie Williams),

was/waren vervat, (telkens) openlijk ter verspreiding heeft aangeboden en/of ter verveelvoudiging en/of ter verspreiding voorhanden heeft gehad;

2.

hij (telkens) op enig tijdstip in of omstreeks de periode van 23 december 2004 tot en met 26 april 2005 te Rotterdam en/of Capelle a/d IJssel, in elk geval in Nederland, (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van een vals(e) en/of vervalste(e)

1) kasstaat met betrekking tot de maand december 2004

(D-062) en/of

2) factuur van [bedrijf 1] gericht aan [bedrijf 2] d.d. 23 december 2004 (D-09) en/of

3) factuur van [bedrijf 1] gericht aan [bedrijf 2] d.d. 30 december 2004 (D-10)

- elk zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware die/dat geschrift (en) (telkens) echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken (telkens) hierin dat verdachte voornoemde kasstaat en/of factu(u)r(en) ter beschikking heeft gesteld aan het administratiekantoor "Deenax Accountancy B.V." ten behoeve van de afwikkeling van fiscale aangelegenheden en/of ter verwerking in de boekhouding van zijn, verdachtes, onderneming, te weten [bedrijf 2], en bestaande die valsheid en/of vervalsing (telkens) hierin dat - in strijd met de waarheid - op voornoemde kasstaat onder "ontvangst" een bedrag van euro 24.990,00 staat vermeld met daarbij de omschrijving "Link 2 Party", terwijl "Link 2 Party" nimmer een opdracht heeft uitgegegeven aan verdachte en/of [bedrijf 2] en/of "Link 2 Party" nimmer een bedrag van euro 24.990,00 heeft betaald aan verdachte en/of [bedrijf 2] en/of op voornoemde factu(u)r(en) levering(en) van muziekcd's (van [bedrijf 1] aan [bedrijf 2]) staat/staan vermeld terwijl die levering(en) van muziekcd's door [bedrijf 1] niet heeft/hebben plaatsgevonden en/of de lay-out van voornoemde factu(u)r(en) (telkens) afwijkt/afwijken van de lay-out die daadwerkelijk door [bedrijf 1] wordt/worden gehanteerd en/of voornoemde factu(u)r(en) niet is/zijn opgesteld door [bedrijf 1].

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Vrijspraken

Feit 1

Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1 primair en subsidiair is tenlastegelegd. Het hof overweegt daartoe het navolgende.

Indien en voor zover de in de tenlastelegging genoemde muziekcd's door of via de verdachte aan de Free Record Shop zouden zijn geleverd, dan is naar het oordeel van het hof niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat de betreffende muziekcd's illegale, nagemaakte exemplaren betroffen. Volgens de getuige [getuige] van de Stichting Brein ging het immers om zogenoemde 'counterfeits': exacte kopieën van een bestaande uitgave die nauwelijks van echt te onderscheiden zijn en die ook door de Free Record Shop kennelijk niet als kopieën waren herkend.

Het hof heeft geen bewijs dat de verdachte zelf de 'counterfeits' heeft geproduceerd; hij heeft verklaard de cd's van derden te hebben betrokken.

De in de tenlastelegging genoemde muziekcd's zijn op 16 februari 2006 door de 'International Federation of the Phonographical Industrie' (IFPI) te Londen onderzocht, waarbij door de IFPI een 'mouldcode' op de cd's is aangetroffen, waarvan is vastgesteld dat deze code in gebruik was bij: Disk Spezial GmbH/Digitale Datentraeger GmbH in Duitsland. Naar aanleiding van een rechtshulpverzoek is uit Duitsland de informatie verkregen dat tegen de directeuren van voornoemde Duitse firma een strafzaak loopt wegens de productie van illegale kopieën en dat bij een doorzoeking in het kader van dat strafrechtelijk onderzoek bij [bedrijf 3] circa 9700 illegale muziekcd's zijn aangetroffen. Nader onderzoek is uitgebleven.

Dat de verdachte grote aantallen cd-doosjes en -trays heeft ingekocht en inlays van cd's liet scannen acht het hof in dit verband niet zonder meer belastend voor de verdachte. Zeer wel mogelijk is immers dat de verdachte in de cd-doosjes en -trays handelde, terwijl zonder meer ook niet onaannemelijk is dat de verdachte de ingescande inlays voor promotiedoeleinden gebruikte, zoals hij ter terechtzitting in hoger beroep heeft verklaard.

Op grond van het voorgaande behoort de verdachte van het onder 1 primair en subsidiair tenlastegelegde te worden vrijgesproken.

Feit 2

Het hof is van oordeel - overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal - dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte opzettelijk gebruik heeft gemaakt van een valse of vervalste kasstaat, zodat de verdachte van dit onderdeel van het onder 2 tenlastegelegde behoort te worden vrijgesproken.

Naar het oordeel van het hof is voorts evenmin wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte gebruik heeft gemaakt van valse of vervalste facturen betreffende leveringen van muziekcd's van [bedrijf 1] aan [bedrijf 2]. Op grond van het onderzoek ter terechtzitting en op basis van de voorhanden processtukken acht het hof met name niet bewezen dat de betreffende leveringen van muziekcd's van [bedrijf 1] aan het bedrijf van de verdachte niet hebben plaatsgevonden. Daaraan doet niet af dat, zoals de verdachte zelf heeft verklaard, de op de facturen voorkomende leveringsdata onjuist zijn. De verklaring van [medeverdachte] dat de facturen geen betrekking hebben op verkoop van de daarop vermelde muziekcd's door [bedrijf 1] en dat [bedrijf 1] nooit muziekcd's aan [bedrijf 2] of aan de verdachte heeft verkocht acht het hof onvoldoende betrouwbaar. [medeverdachte] is als verdachte gehoord en zijn verklaring is onvoldoende gestaafd met andere verklaringen of stukken. Daartoe acht het hof onvoldoende de verklaring van de getuige [getuige] (bij wiens kantoor de administratie van verdachte in beslag is genomen) inhoudend dat hij behalve de twee tenlastegelegde facturen nooit meerdere van zulke facturen van [bedrijf 1] voor de verdachte te verwerken heeft gehad. Tegenover deze verklaring heeft zijn medewerker

[getuige 2] als getuige verklaard dat hij voor negenennegentig procent zeker weet dat er door de verdachte meerdere facturen van [bedrijf 1] aan het kantoor ter beschikking zijn gesteld. Bovendien is het in het handelsverkeer mogelijk dat leveringen plaatsvinden zonder dat daarvan facturen worden opgemaakt.

Op grond van het bovenstaande behoort de verdachte derhalve ook van het onder 2 tenlastegelegde te worden vrijgesproken.

Vordering tot schadevergoeding

In het onderhavige strafproces heeft de besloten vennootschap Free Record Shop B.V. zich als benadeelde partij gevoegd en een vordering ingediend tot vergoeding van geleden materiële schade als gevolg van het aan de verdachte onder 1 en 2 tenlastegelegde.

Nu de verdachte evenwel ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde wordt vrijgesproken, dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vordering.

BESLISSING

Het hof.

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder

1 primair en subsidiair en het onder 2 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart de benadeelde partij, de besloten vennootschap Free Record Shop B.V., in haar vordering tot schadevergoeding niet-ontvankelijk.

Verwijst de benadeelde partij in de door de verdachte gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door mr. J. Borgesius,

mr. J.M. Reinking en mr. G. Dulek-Schermers, in bijzijn van de griffier mr. S.N. Keuning.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 22 februari 2012.