Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSGR:2010:BO2605

Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Datum uitspraak
18-10-2010
Datum publicatie
02-11-2010
Zaaknummer
22-002178-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Vrijspraak

Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte is tenlastegelegd. In het bijzonder is niet bewezen dat aan het dier de nodige verzorging is onthouden. Overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal behoort de verdachte dan ook te worden vrijgesproken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer: 22-002178-09

Parketnummer: 09-655055-09

Datum uitspraak: 18 oktober 2010

TEGENSPRAAK

Gerechtshof te 's-Gravenhage

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank 's-Gravenhage van 16 april 2009 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1960,

[adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep van dit hof van 4 maart 2010 en 4 oktober 2010.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

zij op één of meer(dere) tijdstip(pen) in de periode van 1 januari 2009 tot en met 23 januari 2009 te 's-Graven-hage als houder van een of meer dieren, te weten een kater (Europese korthaar), aan dat/die dier(en) de nodige verzorging heeft onthouden, immers heeft verdachte verzuimd met haar zwaargewonde kater (letsel: ernstig trauma aan voorpoot en/of vanaf de elleboog ontvelde poot en/of afgescheurde pezen en/of gedisloceerde tenen en/of afgescheurde voetzooltjes) een dierenarts te consulteren en/of de nodige (andere) zorg te verlenen, waardoor de wond(en) ernstig is/zijn geïnfecteerd en/of de poot van de kater afgezet moest worden en/of die kater in een levensbedreigende situatie is gekomen.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een taakstraf, in de vorm van een werkstraf, voor de duur van zestig uren, subsidiair dertig dagen hechtenis, waarvan dertig uren, subsidiair vijftien dagen hechtenis, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Voorts is beslist omtrent het inbeslaggenomen voorwerp als vermeld in het vonnis.

De verdachte heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Vrijspraak

Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte is tenlastegelegd. In het bijzonder is niet bewezen dat aan het dier de nodige verzorging is onthouden. Overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal behoort de verdachte dan ook te worden vrijgesproken.

Beslag

Ten aanzien van het inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerp zoals dit vermeld is op de in kopie aan dit arrest gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen zal het hof de teruggave gelasten aan de verdachte.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlaste-gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Gelast de teruggave aan de verdachte van de kat zoals vermeld op de in kopie aan dit arrest gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen.

Dit arrest is gewezen door mr. S.K. Welbedacht, mr. C.M. le Clercq-Meijer en mr. H.C. Wiersinga, in bijzijn van de griffier A. van der Schalk.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 18 oktober 2010.