Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ8233

Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Datum uitspraak
22-09-2009
Datum publicatie
23-09-2009
Zaaknummer
105.007.239/01 / C07/1374 (oud)
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Redelijke termijn artikel 6 EVRM in civiele zaken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Sector handel

Uitspraak: 22 september 2009

Zaaknummer: 105.007.239/01 (07/1374)

Zaaknummer rechtbank: 59228 (KG ZA 07/153)

Arrest van de eerste civiele kamer

gewezen in de zaak van:

[…] Beheer B.V.,

gevestigd te Yerseke, gemeente Reimerswaal,

appellante,

hierna: […] Beheer,

advocaat: mr. L.M. Bruins te ‘s-Gravenhage,

tegen:

Continental Shellfish Organisation B.V.,

gevestigd te Yerseke, gemeente Reimerswaal,

geïntimeerde,

hierna: Continental,

advocaat: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt te ’s-Gravenhage.

Het geding

Bij exploot van 23 oktober 2007 is [...] Beheer in hoger beroep gekomen van het vonnis van 27 september 2007, door de Voorzieningenrechter van de rechtbank Middelburg tussen partijen gewezen. Bij memorie van grieven (met produkties) heeft [...] Beheer drie grieven tegen het vonnis opgeworpen, die Continental bij memorie van antwoord heeft bestreden. Hierna hebben partijen bij wijze van schriftelijk pleidooi ieder een pleitnota overgelegd, waarbij zij de gelegenheid hebben gehad op elkaars pleitnota te reageren. Verder heeft [...] Beheer op verzoek van het hof nog een productie (vertaling) in het geding gebracht. Tot slot hebben partijen hun procesdossiers aan het hof overgelegd en arrest gevraagd.

Beoordeling van het hoger beroep

uitgangspunten

1. In hoger beroep kan van de onder 2 in het vonnis omschreven feiten worden uitgegaan. Partijen hebben hiertegen geen grieven gericht.

2. De Voorzieningenrechter heeft in het bestreden vonnis de vordering van [...] Beheer afgewezen en, kort weergegeven en voor zover van belang, geoordeeld:

a. Voor de beoordeling van de vraag of Continental met de nodige voortvarendheid de schadestaatprocedure is begonnen moet ervan worden uitgegaan dat de redelijke termijn in de zin van artikel 6 EVRM (de redelijke termijn) op 22 november 2005 begint te lopen. Van Continental kon niet worden verwacht dat zij een schadestaatprocedure aanhangig maakte voordat de aansprakelijkheid van [...] Beheer vaststond. Omdat het gehele geschil aan het hof ter beoordeling was voorgelegd, moest de uitspraak van het hof worden afgewacht.

b. Continental heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de zaak zodanig complex is dat het opstellen van het schaderapport veel tijd vergde. Niet aannemelijk is geworden dat Continental met de berekening van de door haar gestelde schade niet de nodige voortvarendheid heeft betracht. Het schaderapport is inmiddels uitgebracht en de dagvaarding in de schadestaatprocedure is betekend.

c. Gelet op dit een en ander zal de vordering tot terugzending van de bankgarantie worden afgewezen en zal [...] Beheer, als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten worden veroordeeld.

grieven

3. De grieven zijn tegen de afwijzing van de vordering gericht. In de toelichting op de grieven heeft [...] Beheer, kort weergegeven en voor zover in dit kort geding van belang, de volgende standpunten ingenomen:

a. In civiele procedures omvat de redelijke termijn mede de schadestaatprocedure en de executieprocedure. De omstreden aandelentransactie heeft in 1995 plaatsgevonden, waarna door Continental in 1998 een schadevordering bij de rechtbank aanhangig is gemaakt. Uiteindelijk heeft het hof hierover in 2005 beslist. Hierna heeft Continental eerst op 15 mei 2007 aan Price Waterhouse Cooper (PWC) opdracht gegeven om een schaderapport op te maken, hoewel zij reeds vanaf 1995 over een eventuele schade heeft kunnen nadenken en hierover informatie heeft kunnen verzamelen. Door dit na te laten is [...] Beheer in haar verweer tegen de schadevordering van Continental benadeeld onder meer omdat haar directeur, […], die destijds de onderhandelingen heeft gevoerd, is overleden. Uit dit een en ander volgt dat Continental bij het instellen van een schadestaatprocedure de redelijke termijn heeft overschreden.

b. Als […] & […] B.V. ([hierna: X]), als dochter van Continental schade lijdt, betekent dit niet dat ook Continental, als aandeelhouder van [X], eveneens deze schade lijdt. Continental vordert in wezen gederfde winst die [X] zou zijn ontgaan. Deze eventuele winst komt echter [X] toe en niet haar aandeelhouder Continental. Een vordering van Continental uit hoofde van deze afgeleide schade is niet mogelijk. Bovendien is de deelneming in de betrokken Duitse Kommandit Gesellschaft (KG) altijd verliesgevend geweest en heeft Continental het deel van de koopsom van de aandelen van [X] die aan deze deelneming is toegerekend, integraal vergoed gekregen. Continental heeft niet gesteld dat zijzelf, naast deze afgeleide schade, eveneens schade lijdt. Dit is ook niet gebleken.

c. Enerzijds heeft Continental geen voortgang met de schadestaatprocedure gemaakt en kan zij geen afgeleide schade vorderen. Anderzijds heeft [...] Beheer de doorlopende kosten van de bankgarantie en van de door haar gestelde contragarantie te dragen. Bij een juiste afweging van de wederzijdse belangen had de Voorzieningenrechter in redelijkheid niet tot weigering van de gevraagde voorziening kunnen komen. Deze afweging van belangen dient mede tot de opheffingsgronden van het beslag te worden gerekend.

weren

4. Continental heeft hiertegen, eveneens kort weergegeven en voor zover in dit kort geding van belang, het volgende verweer gevoerd:

a. De redelijke termijn waarbinnen een schadestaatprocedure aanhangig moet worden gemaakt hangt af van de omstandigheden van het geval. In dit geval is van belang dat [...] Beheer zelf in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de rechtbank en dat het betrokken arrest van het hof (het hofarrest) eerst op 22 februari 2006 in kracht van gewijsde is gegaan. Pas vanaf dit moment stond de aansprakelijkheid van [...] Beheer definitief vast en had het zin een concrete schadeberekening te maken.

b. Ten behoeve van de schadeberekening heeft Continental eerst de in februari 2006 nog ontbrekende gegevens moeten verzamelen alvorens aan PWC een opdracht tot het opmaken van een schaderapport te kunnen geven. Hiermee is de nodige tijd gemoeid geweest, gelet op de complexiteit van de zaak die tevens een internationaal karakter heeft. Continental was hierbij van verschillende bronnen afhankelijk. In dit verband is van belang dat de KG haar mossellicentie inmiddels had verkocht.

c. Uiteindelijk heeft Continental de schadestaatprocedure binnen een jaar en zeven maanden na februari 2006 aanhangig gemaakt. Dit is binnen de redelijke termijn. In deze periode is [...] Beheer van de voortgang van de schadeberekening op de hoogte gehouden.

d. Continental heeft schade geleden als gevolg van de wanprestatie van [...] Beheer bij de verkoop van de aandelen in [X]. Door deze miskoop heeft Continental een aandeel in de winst van de omstreden deelneming van [X] in de KG misgelopen en kosten van juridische bijstand moeten maken. De rechtbank heeft in haar vonnis de mogelijkheid van schade aannemelijk geoordeeld. Dit vonnis is in zoverre door het hof bekrachtigd. De beoordeling van de schade is thans allereerst aan de rechtbank Middelburg in de inmiddels aanhangig gemaakte schadestaatprocedure.

beoordeling grieven en weren

5. Centraal in dit geding staat de vraag of Continental de door haar gestelde schade binnen een redelijke termijn jegens [...] Beheer in een schadestaatprocedure heeft gevorderd. Deze vraag moet vooralsnog, in het kader van dit kort geding, bevestigend worden beantwoord. Bij dit oordeel neemt het hof het volgende in aanmerking:

a. Terecht is de Voorzieningenrechter bij de beoordeling van deze vraag ervan uitgegaan dat van Continental eerst na het hofarrest kon worden verlangd dat zij de door haar gestelde schade in een schadestaatprocedure jegens [...] Beheer aanhangig zou maken.

b. De beoordeling van de vraag of Continental deze procedure nadien binnen een redelijke termijn aanhangig heeft gemaakt, hangt af van de bijzonderheden van het concrete geval. In het kader van dit kort geding heeft Continental aannemelijk gemaakt dat het een relatief complexe zaak betreft en dat het verzamelen van gegevens ten behoeve van een schadeberekening is bemoeilijkt door het verstrijken van de tijd en door het internationale karakter van de zaak. Op grond hiervan is de Voorzieningenrechter terecht tot het oordeel gekomen dat in het kader van dit kort geding niet is gebleken dat Continental met de berekening van de door haar gestelde schade niet de nodige voortvarendheid heeft betracht en dat Continental de schadestaatprocedure binnen een redelijke termijn jegens [...] Beheer aanhangig heeft gemaakt.

c. Voor het instellen van een schadestaatprocedure is geen wettelijke termijn gesteld. Bovendien is niet gebleken dat [...] Beheer Continental heeft aangemaand of van haar heeft gevorderd om de schadestaatprocedure binnen een bepaalde (redelijke) termijn aanhangig te maken met het oog op de door haar gestelde doorlopende kosten van bankgaranties.

6. Gelet op het hofarrest in de bodemzaak dient in het kader van dit kort geding ervan te worden uitgegaan dat Continental tevens aannemelijk heeft gemaakt dat zij als gevolg van de wanprestatie van [...] Beheer mogelijk schade heeft geleden. De beoordeling van de door Continental gestelde schade is thans allereerst aan de rechtbank Middelburg.

slotsom

7. Uit de voorgaande overwegingen vloeit voort dat de Voorzieningenrechter de vordering van [...] Beheer terecht heeft afgewezen en dat het door [...] Beheer bestreden vonnis in hoger beroep dient te worden bekrachtigd.

8. [...] Beheer zal, als de in het ongelijk gestelde partij, in de kosten van het geding in hoger beroep worden veroordeeld.

Beslissing

Het gerechtshof:

- bekrachtigt het bestreden vonnis;

- veroordeelt [...] Beheer in de kosten van het geding in hoger beroep, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Continental vastgesteld op € 2.088.

Dit arrest is gewezen door mrs. M.L. Vierhout, G. Dulek-Schermers en J.P. Heering, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 september 2009 in het bijzijn van de griffier.