Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSGR:2007:AZ9125

Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Datum uitspraak
14-02-2007
Datum publicatie
26-02-2007
Zaaknummer
06/966
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Omgangsregeling met betrekking tot hond. Er bestaat naar het oordeel van het hof geen rechtsgrond voor het vaststellen van een omgangsregeling. Evenmin is er reden naar analogie van de vaststelling van de ( voorlopige ) verblijfplaats van kinderen een beslissing te nemen over de verblijfplaats van de hond.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JPF 2007/85 met annotatie van PVl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer :06/966

Rolnummer rb :KG 06/626

Datum uitspraak : 14 februari 2007

GERECHTSHOF TE ‘'S-GRAVENHAGE

Familiekamer

Arrest

in de zaak van

[appellant],

wonende te [woonplaats],

appellant, tevens incidenteel geïntimeerde,

verder te noemen: de man,

procureur mr D.P. van Rijn-Marijnis

tegen

[geïntimeerde]

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde, tevens incidenteel appellante,

verder te noemen: de vrouw,

procureur mr H.W. Lagraauw.

DE LOOP VAN HET GEDING

Bij exploot van 25 juli 2006 is de man in hoger beroep gekomen van het vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank te ‘'s-Gravenhage op 29 juni 2006 tussen partijen gewezen.

De man heeft twee grieven aangevoerd en gevorderd dat het hof bij arrest voor zover wettelijk mogelijk het vonnis van de voorzieningenrechter zal vernietigen en opnieuw rechtdoende de door de voorzieningenrechter verleende voorziening zal afwijzen althans vernietigen en toe te wijzen dat [hond] ( hof :de hond ) uitsluitend verblijf zal hebben bij de man waarbij geen verblijf zal zijn bij de vrouw.

Bij conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel appel heeft de vrouw de grieven bestreden en gevorderd dat de man in zijn vorderingen niet-ontvankelijk wordt verklaard dan wel zijn vorderingen worden afgewezen met bepaling dat [hond] uitsluitend verblijf zal hebben bij de vrouw met uitsluiting van de man, althans een zodanige beslissing te nemen over de verblijfplaats van [hond] als het hof in goede justitie zal vermenen te behoren.

Bij memorie van antwoord in incidenteel appel heeft de man de incidentele vordering van de vrouw bestreden.

Partijen hebben vervolgens hun procesdossiers overgelegd en arrest gevraagd.

DE BEOORDELING IN PRINCIPAAL EN INCIDENTEEL APPEL

1.Tegen de feiten zoals vastgesteld door de voorzieningenrechter in het bestreden vonnis is geen grief gericht zodat het hof ook van die feiten zal uitgaan.

2.Het hof zal de grieven van de man en de incidentele grief van de vrouw gezamenlijk behandelen.

3. In geschil tussen partijen is de omgangsregeling met de hond, zoals door de vrouw gevraagd en door de voorzieningenrechter toegewezen, en de verblijfplaats van de hond.

4. Het hof stelt voorop dat de hond gemeenschappelijk eigendom is van partijen hetgeen met zich brengt dat ieder der partijen recht heeft op gebruik van de gemeenschappelijke eigendom. Aan partijen staat het vrij de verdeling in juridische zin van de hond te vragen, voor het vaststellen van een omgangsregeling bestaat naar het oordeel van het hof geen rechtsgrond. Deze vordering dient als niet op de wet gebaseerd te worden afgewezen. Evenmin is er reden naar analogie van de vaststelling van de ( voorlopige ) verblijfplaats van kinderen een beslissing te nemen ter vaststelling van de verblijfplaats van [hond]. De tweede grief van de man en de grief van de vrouw in incidenteel appel, die eveneens de verblijfplaats van [hond] aan de orde stelt, faalt.

5. Het hof ziet aanleiding in het gegeven dat deze procedure voortvloeit uit de tussen partijen bestaan hebbende huwelijksgemeenschap aanleiding de proceskosten te compenseren zodanig dat ieder de eigen kosten draagt.

Het hof,

In het principaal appel en het incidenteel appel:

vernietigt het vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank te 's-Gravenhage op 29 juni 2006 tussen partijen gewezen en

opnieuw rechtdoende in hoger beroep:

wijst de inleidende vordering alsnog af;

compenseert de proceskosten aldus dat ieder de eigen kosten draagt.

Dit arrest is gewezen door mrs van den Wildenberg, Dusamos en Husson en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 februari 2007 in tegenwoordigheid van de griffier.