Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHSGR:2002:AE8161

Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Datum uitspraak
29-08-2002
Datum publicatie
01-10-2002
Zaaknummer
r02/517
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen)
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 33
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 64
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 69
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JBPR 2003/46 met annotatie van mr. J.G.A. Linssen onder «JBPr» 2003/10

Uitspraak

Uitspraak: 29 augustus 2002

Rekestnummer: R02/517

Rolnr. rechtbank: KG 02/346

HET GERECHTSHOF TE 'S-GRAVENHAGE, eerste civiele kamer, heeft de volgende beslissing gegeven in de zaak van:

1. de vennootschap naar het recht van het land van haar plaats van vestiging

PARANA CITRUS INTERNATIONAL IMPORT AND EXPORT CORPORATION,

gevestigd te Road Town, Totola (Britse Maagden Eilanden);

2. de vennootschap naar het recht van het land van haar plaats van vestiging

PARANA CITRUS S/A,

gevestigd te Paranavai (Brazilië),

verzoeksters,

hierna te noemen: Parana (enkelvoud),

procureur: mr. W. Taekema,

tegen

de vennootschap naar het recht van het land van haar plaats van vestiging

SOUTHERN MERCANTILE LIMITED,

gevestigd te Nassau (Bahamas),

verweerster,

hierna te noemen: Mercantile,

niet opgeroepen.

Het geding

Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie van het hof op 25 juli 2002 en 26 juli 2002 respectievelijk ongetekend (per fax) en ondertekend, is Parana in hoger beroep gekomen van het vonnis van 27 juni 2002 door de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam tussen partijen gewezen. Vervolgens heeft Parana bij brief van 1 augustus 2002 het hof verzocht om toepassing van artikel 69 Rv. De beslissing op dat verzoek is bepaald op heden.

Beoordeling van het verzoek

1. Het gaat in deze zaak om het volgende. In verband met het aanhangig te maken hoger beroep van het vonnis van 27 juni 2002 van de voorzieningenrechter te Rotterdam heeft Parana op 24 juli 2002 verkorting van de dagvaardingstermijn verzocht. Aangezien Parana, naar zij stelt, op de laatste dag van de appeltermijn, 25 juli 2002, nog geen beslissing op dat verzoek had ontvangen, heeft zij getracht de appeldagvaarding nog op die dag te doen uitbrengen, hetgeen, gelet op het late tijdstip, evenwel niet meer mogelijk bleek. Parana heeft vervolgens de dagvaarding gewijzigd in een verzoekschrift, dat diezelfde dag - per fax - bij het hof is ingediend. Een viertal getekende exemplaren zijn op 26 juli 2002 ter griffie ingekomen. Bij brief van 1 augustus 2002 heeft Parana het hof verzocht tot toepassing van het bepaalde in artikel 69 Rv over te gaan.

2. Het hof overweegt als volgt. Blijkens de registratie van de ontvangstgegevens op de het verzoekschrift begeleidende brief is de fax op 25 juli 2002 te 23.45 uur ter griffie binnengekomen. Gelet op artikel 33 Rv impliceert dit dat het verzoekschrift op de genoemde datum is ingediend. Als aangegeven door Parana heeft deze indiening slechts plaatsgevonden ter sauvering van de appeltermijn in een dagvaardingsprocedure. Dat die procedure met een verkeerd processtuk is ingeleid, is dan ook evident. Op grond van artikel 69 Rv heeft de rechter de mogelijkheid de procedure door te leiden naar het juiste spoor, te weten de dagvaardingsprocedure. De vraag doet zich thans voor of die regeling in een geval als het onderhavige dient te worden toegepast. Naar het oordeel van het hof staat tekst noch strekking van artikel 69 Rv daaraan in de weg en evenmin de omstandigheid dat de wederpartij niet op het verzoekschrift noch op het verzoek om toepassing van artikel 69 Rv is gehoord. De gevolgde weg kan niet worden beschouwd als misbruik van procesrecht, nu het verzoekschrift is ingediend binnen de appeltermijn geldend voor het uitbrengen van een dagvaarding in kort gedingzaken.

3. Het voorgaande leidt ertoe dat het hof zal bevelen de procedure voort te zetten overeenkomstig de regels van een dagvaardingsprocedure. Het hof zal daartoe de zaak naar de rol verwijzen en Parana bevelen Mercantile tegen die roldatum op te roepen.

Beslissing

Het hof:

- beveelt dat de met het onderhavige verzoekschrift ingeleide procedure wordt voortgezet volgens de regels die gelden voor de dagvaardingsprocedure;

- verwijst de zaak naar de rol van donderdag 12 september 2002 voor voort procederen;

- beveelt Parana Mercantile bij exploot op te roepen tegen genoemde roldatum en dit exploot vóór 5 september 2002 uit te brengen.

Deze beschikking is gegeven door mrs. Vrij, De Brauw en Hooykaas en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 augustus 2002 in aanwezigheid van de griffier.