Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2012:BY5350

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
04-12-2012
Datum publicatie
06-12-2012
Zaaknummer
200.092.403/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Weens koopverdrag; koper is in dit geval niet geheel vrij in de keus tussen teruggave van de gekochte camera's en volledige vergoeding van de schade, maar is bij het maken van die keuze gebonden aan de eisen van de redelijkheid en billijkheid waarbij mede de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij een rol spelen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Arrest d.d. 4 december 2012

Zaaknummer 200.092.403/01

(zaaknummer rechtbank: 94056/HA ZA 09-33)

HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN

Arrest van de tweede kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van:

Logistiek en Productie de Westhoek B.V.,

gevestigd te Scherpenzeel,

appellante,

in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiseres in reconventie,

hierna te noemen: De Westhoek,

advocaat: mr. N. Veerman, kantoorhoudende te Groningen,

tegen

Keyence Deutschland GmbH,

gevestigd te Neu Isenburg, Duitsland,

geïntimeerde,

in eerste aanleg: eiseres in conventie en verweerster in reconventie,

hierna te noemen: Keyence,

advocaat: mr. A.H. Lanting, kantoorhoudende te Leeuwarden.

Het geding in eerste instantie

In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in de vonnissen uitgesproken op 27 januari 2010 en 6 april 2011 door de rechtbank Leeuwarden.

Het geding in hoger beroep

Bij exploot van 30 juni 2011 is door De Westhoek hoger beroep ingesteld van de genoemde vonnissen met dagvaarding van Keyence tegen de zitting van

23 augustus 2011.

De conclusie van de memorie van grieven luidt:

"bij arrest, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, de vonnissen van de rechtbank te Leeuwarden d.d. 27 januari 2010 en 6 april 2011 (zaaknummer/rolnummer 94056 / HA ZA

09-33) te vernietigen en, opnieuw rechtdoende, geïntimeerde in haar vordering niet-ontvankelijk te verklaren althans de vordering van geïntimeerde alsnog af te wijzen en de vordering in reconventie van appellante alsnog toe te wijzen, althans toe te wijzen als uw Gerechtshof zal vermenen te behoren, met veroordeling van geïntimeerde in de kosten van het geding in beide instanties."

Bij memorie van antwoord is door Keyence verweer gevoerd met als conclusie:

"dat het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigt, met veroordeling van appellante in de kosten van de procedure in appel."

Ten slotte hebben partijen de stukken overgelegd voor het wijzen van arrest.

De grieven

De Westhoek heeft zeven grieven opgeworpen.

De beoordeling

De feiten

1. De volgende feiten zijn tussen partijen niet in geschil.

1.1. De Westhoek houdt zich bezig met de im- en export van en de groothandel in rijwielen en aanverwante artikelen. Keyence verkoopt camera systemen.

1.2. Een gespreksnotitie van [verkoper], verkoper van Keyence, van 17.02.2005, vermeldt het volgende:

‘Bij [X] geweest Ivm Camera-applikatie. De applikatie is controleren van de reflecterende lijn op een fietsband. Dit is met de CV-2100 goed op te lossen. We zijn in concurrentie met Cognex. [X] voelt zich genaaid door TEB Engineering en wil met hun geen zaken doen. Hij is wel overtuigd van ons systeem. Test is goed gegaan. Hij wil nu de prijzen op een rijtje hebben en gaat met de electroman overleggen hoe dit systeem in te passen is in het concept. Ziet er al met al goed uit.’

1.3. Keyence heeft aan De Westhoek op 22 februari 2005 de volgende schriftelijke aanbieding gedaan voor een camerasysteem:

'Controle opruwen

(…)

Artikel Omschrijving Aantal Stuksprijs/Euro

CV-2100P Cameracontroller, PNP -in/uitgangen 1 3.500,00

CV-020 Camera 1 1.700,00

CV-C10 Camerakabel, 10m 1 200,00

CV-L6 6mm Objectief 1 285,30

CA-MN80 8,5 Inch NTSC Monitor 1 1.360,00

OP-42278 Monitorstandaard voor CA-MN80 1 90,00

Betaling: 30 dagen Netto.

Prijzen: Netto excl. BTW.

Geldigheidsduur aanbieding: 30 dagen

Levering: Franco huis.

Wij gaan er van uit u hiermee een passende aanbieding te hebben gemaakt en zien uw reactie met belangstelling tegemoet.'

1.4. Bij faxbrief van 22 februari 2005 heeft Keyence het volgende aan De Westhoek geschreven:

'Op basis van de test die we ter plekke bij de machine gedaan hebben kan ik bevestigen dat de camera gaat werken zoals in de test. De afvraag die u wilt doen is met dit systeem perfect te realiseren.

Wat echter wel van belang is dat de verlichting goed verzorgd is. Deze heb ik namelijk niet in de hand. Hier zal u zelf zorg voor moeten dragen. Indien de camera niet werkt zoals in de test is gebleken is er de optie de camera retour te zenden.'

1.5. Keyence heeft op 28 februari 2005 aan de 'Firma [X]' de volgende 'Auftragsbestätigung' gezonden:

'Pos Artikelnr. Bezeichnung Lieferdatum Menge/ME

1. 22858 CV CV-2100P CV-2100P 28.02.2005 2 Stk

Kamarasteuerung, PNP

schaltend

2. 22580 CV-020 CV-020 Kamera 28.02.2005 2 Stk

3. 12528 CV-C10 CV- C10 Kamerakable

10m

4. 12519 CV-L6 CV-L6 28.02.2005 2 Stk

6 mm Objektiv

5. 45580 CA-MN80 CA-MN80 NTSC 28.02.2005 2 stk

Monitor, 8,4 LCD

Fabmonitor

6. 12257 OP-42278 OP-42278 28.02.2005 2 Stk

Standfus'

1.6. Keyence heeft de twee onder 1.5. genoemde camerasystemen aan De Westhoek geleverd. Op 28 februari 2005 heeft Keyence De Westhoek daarvoor een factuur ('Rechnung') gezonden ten bedrage van € 12.681,54.

1.7. Een gespreksnotitie van [verkoper] van Keyence van 01.04.2005 vermeldt het volgende:

‘Visit

(…)

Hier geweest ivm inbedrijfsname van CV-2100. Het grootste probleem is hier de verlichting. Men wou hier in verband met het budget hallogeenverlichting geplaatst. Dit geeft problemen ivm de wisselspanning. Het beeld fluctueert behoorlijk en daardoor is de camera niet in te stellen. Men gaat over naar LED-verlichting.’

1.8. Een gespreksnotitie van [verkoper] van Keyence van 28.04.2005 vermeldt het volgende:

‘Visit

(…)

[X] now finally has the lighting as it should be. So we started the system and had it perfectly running. However our lighting will be send back to us because he didn’t use it. Other then that nothing new.’

1.9. Een gespreksnotitie van [verkoper] van 19.05.2005 vermeldt het volgende:

‘Visit

(…)

Was here to assist with the CV-2100. CV is now working correctly. It all comes down to the PLC now. If that can communicate in the correct fashion everything is as he wants it. He will contact the robot supplier and let me know what happened.’

1.10. De Westhoek heeft het onder 1.6. genoemde factuurbedrag niet betaald.

Het geschil en de beslissing in eerste aanleg

2. Keyence vordert in conventie betaling van een bedrag van € 17.595,93 vermeerderd met de Duitse wettelijke rente (8% per jaar vermeerderd met de tekens geldende basisrente) over € 12.681,54, zijnde het onder 1.6 vermelde factuurbedrag, vanaf 31 december 2008 tot aan de dag van voldoening. Daaraan legt Keyence ten grondslag dat De Westhoek de onder 1.5. genoemde twee camerasystemen van haar heeft gekocht. Op de rechtsverhouding van partijen is volgens Keyence het Weens Koopverdrag van toepassing aangezien partijen bij de overeenkomst in de verschillende bij dit verdrag aangesloten staten zijn gevestigd. Het recht op rente volgt uit artikel 78 Weens Koopverdrag in samenhang met par. 288 BGB. In reconventie vordert De Westhoek betaling van een bedrag van

€ 33.674,12 vermeerderd met rente. Zij legt daaraan ten grondslag dat Keyence op grond van artikel 25 Weens Koopverdrag jegens De Westhoek wanprestatie heeft gepleegd. Volgens De Westhoek zijn partijen bij de totstandkoming van de koopovereenkomst (tevens) overeengekomen dat Keyence zou zorgdragen voor het programmeren van de juiste software op het computersysteem en het installeren van het systeem, en voorts ‘betaling 30 dagen na levering en in bedrijf gesteld tot een goed werkend systeem’, een en ander zoals vermeld in de brief van De Westhoek aan Keyence van 23 februari 2005. Keyence heeft geweigerd om het systeem correct te programmeren en installeren en als een goed werkend systeem in bedrijf te stellen, zodat sprake is van een wezenlijke schending van de overeenkomst en de vordering van Keyence niet opeisbaar is. De schade heeft

De Westhoek gespecificeerd in de als productie 9 bij conclusie van antwoord overgelegde berekening.

3. Nadat De Westhoek bij het tussenvonnis van 27 januari 2010 is opgedragen te bewijzen dat Keyence verklaard heeft dat zij akkoord is gegaan met de inhoud van de overeenkomst zoals die volgens De Westhoek luidt met betrekking tot programmering van de camerasystemen en met de betalingscondities, heeft de rechtbank bij het eindvonnis geoordeeld dat De Westhoek niet in dat bewijs is geslaagd en heeft zij de vordering in conventie toegewezen en de vordering in reconventie afgewezen.

De beoordeling van de grieven

Bevoegdheid

4. Nu De Westhoek statutair is gevestigd in Scherpenzeel, Friesland, is dit hof op grond van artikel 99 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv.), welk voorschrift op grond van artikel 353 lid 1 Rv in hoger beroep van overeenkomstige toepassing is, bevoegd om van het onderhavig geschil kennis te nemen.

Toepasselijk recht

5. Beide partijen gaan er terecht vanuit dat hun rechtsverhouding wordt beheerst door het Weens Koopverdrag (CISG). Er is immers tussen hen sprake van een koopovereenkomst van roerende zaken (ter zake van de onder 1.5. genoemde twee camerasystemen) waarbij de koper en de verkoper in verschillende verdragsluitende staten zijn gevestigd, te weten de verkoper, Keyence, in Duitsland en de koper, De Westhoek, in Nederland (artikel 1, lid 1 onder a CISG).

6. In appel heeft De Westhoek de oorspronkelijk aan haar verweer in conventie en aan haar reconventionele vordering ten grondslag gelegde stellingen, te weten dat tussen haar en Keyence de nadere afspraken zijn gemaakt als vervat in haar brief van 23 februari 2005 en die zien op zowel de betalingscondities als op programmeerwerkzaamheden die verder strekken dan het programmeren van het camerasysteem zelf, uitdrukkelijk laten varen (memorie van grieven sub 5. en 21.). In hoger beroep gaat het blijkens de toelichting op de grieven - die zich lenen voor een gezamenlijke bespreking - om het volgende.

7. De Westhoek heeft in haar bedrijf een machine waarop fietsbanden worden geplaatst. De fietsbanden worden 'opgeruwd' en er wordt een spoor in aangebracht. Op dat spoor wordt vervolgens een reflecterende band aangebracht. Wanneer wordt geconstateerd dat de fietsband niet juist is 'opgeruwd', dient de machine te worden gestopt en moet het proces opnieuw worden uitgevoerd. Betrof dit proces aanvankelijk 'handwerk', in het kader van een 'efficiencyslag' (conclusie van antwoord sub 4.) is De Westhoek overgegaan tot de aanschaf van robots om het proces te automatiseren. In combinatie met de robots was een camerasysteem nodig dat het plaatsen van de band op de machine, het 'opruwen' door de machine en het plaatsen van reflectiebanden zou controleren. Mocht de camera detecteren dat de fietsband niet juist op de machine is geplaatst, niet of onvoldoende wordt 'opgeruwd' of bijvoorbeeld van de machine loopt, geeft de camera een signaal aan de robot, waardoor de robot stopt. Dat het camerasysteem het 'opruwen' zou moeten kunnen controleren blijkt volgens De Westhoek uit de onder 1.3. genoemde offerte van 22 februari 2005. Volgens De Westhoek is het camerasysteem in werkelijkheid echter niet in staat gebleken de mate van 'opruwing' te kunnen controleren, zodat het systeem niet de competentie vervult waarvoor De Westhoek het systeem heeft aangeschaft. Dat betekent dat de twee door De Westhoek gekochte camerasystemen niet beantwoorden aan de overeenkomst, zodat Keyence jegens De Westhoek wanprestatie heeft gepleegd en zij gehouden is de schade die De Westhoek dientengevolge heeft geleden, te vergoeden. De Westhoek heeft die schade begroot op € 33.674,12, welk bedrag zij van Keyence vordert.

8. Het hof stelt voorop dat de juistheid van de vordering van Keyence - te weten betaling van de koopprijs voor de beide camerasystemen van in hoofdsom

€ 12.681,54 vermeerderd met rente - in appel niet meer in geschil is, nu

De Westhoek haar oorspronkelijke, hiervoor in rov. 6 genoemde, stelling dat tussen haar en Keyence de nadere afspraken zijn gemaakt als vervat in de brief van De Westhoek van 23 februari 2005 in appel uitdrukkelijk heeft laten varen.

De Westhoek dient dus in beginsel de koopprijs te betalen (artikel 53 CISG). De (hierna nog te bespreken) stelling van De Westhoek dat Keyence jegens haar wanprestatie heeft gepleegd brengt daarin geen verandering. Behoudens afwijkend beding kan een partij bij een wederkerige overeenkomst wanneer de wederpartij haar verplichtingen onvolledig of ondeugdelijk nakomt, slechts van haar eigen verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst worden bevrijd door ontbinding van de overeenkomst ingevolge een daartoe strekkende rechterlijke uitspraak. Van zo een (vordering tot) ontbinding is hier geen sprake en evenmin heeft De Westhoek gebruik gemaakt van de haar in de onder 1.4. genoemde faxbrief van Keyence van 22 februari 2005 geboden mogelijkheid om de camerasystemen retour te zenden. Dat betekent dat de vordering van Keyence in beginsel toewijsbaar is. Het hoger beroep spitst zich toe op de vraag of Keyence jegens De Westhoek de onder 7. beschreven wanprestatie heeft gepleegd en gehouden is de dientengevolge door De Westhoek geleden schade te vergoeden.

9. Keyence betwist de gestelde wanprestatie. Afgesproken was dat de camera's werken zoals in de test is gebleken. Nadere afspraken over eisen zijn niet gemaakt, en in de opdrachtbevestiging is geen sprake van nadere eisen omtrent de controle van de 'opruwing'. Als de camera's geen goede resultaten leveren, dan ligt dat volgens Keyence aan de verkeerde verlichting. Uit kostenoverwegingen wilde De Westhoek geen high frequency lamp aanschaffen. Keyence heeft deze lamp aangeboden voor € 1.200,--, maar De Westhoek wilde met 50 Hertz bouwlampen werken. Vooral bij snellere productieprocessen is een high frequency verlichting noodzakelijk voor een stabiele beeldverwerking. Werkt men met een low frequency verlichting verlichting (50 Hertz), dan heeft dit 'pulseren' van het beeld tussen licht en donker tot gevolg. Een stabiele, vergelijkende beoordeling van bijvoorbeeld opgeruwde en niet opgeruwde gedeelten wordt door de deels lichtere en deels donkerdere beelden - veroorzaakt door de low frequency verlichting - in hoge mate beïnvloed.

10. Daarnaast betwist Keyence de gestelde schade. Zij voert in dit verband aan, zakelijk samengevat:

- dat zij reeds bij brief van 22 mei 2005 aan De Westhoek heeft meegedeeld dat zij de camera's kan terugsturen indien deze niet werken zoals in de test is gebleken;

- dat is De Westhoek ook nog eens aangeboden in een telefoongesprek op 16 mei 2005 en in een telefoongesprek op 20 juli 2005;

- De Westhoek probeert het ontwikkelingsrisico over te hevelen op de verkoper (memorie van antwoord sub 6.);

- de voorzienbaarheid van schade ontbreekt;

- de gestelde schade is onvoldoende onderbouwd (memorie van antwoord sub V.).

11. Het hof oordeelt als volgt.

12. Op grond van artikel 35 lid 1 CISG dient de verkoper zaken af te leveren waarvan de hoeveelheid, de kwaliteit en de omschrijving voldoen aan de in de overeenkomst gestelde eisen en die zijn verpakt op de in de overeenkomst vereiste wijze.

13. Keyence verkoopt als Duitse dochter de door haar Japanse moeder geproduceerde camerasystemen. Deze worden ingezet voor de bewaking van productieprocessen. Als daarbij iets misloopt geeft de camera een signaal, waardoor wordt voorkomen dat producten met fouten worden geproduceerd (conclusie van antwoord in reconventie sub 1.). De Westhoek heeft omstreeks 23 februari 2005 van Keyence de in de onder 1.5. weergegeven ‘Auftragsbestätigung’ genoemde twee camerasystemen gekocht, met het doel – zoals tussen partijen niet in geschil is – deze beide camerasystemen in te zetten bij het hiervoor onder 7. beschreven proces van het ‘opruwen’ van fietsbanden. Daarop duiden ook de onder 1.3. genoemde aanbieding van 22 februari 2005 met het opschrift ‘Controle opruwen’, alsmede de test op 22 februari 2005 en de daarop volgende bezoeken die

[verkoper] aan De Westhoek heeft afgelegd in verband met de ‘inbedrijfsname’ van de beide camerasystemen. De camerasystemen zijn aan De Westhoek geleverd op of omstreeks 28 februari 2005. De camera’s zouden het ‘opruwen’ van de fietsbanden door de robot moeten controleren, aldus dat wanneer de camera’s detecteren dat de fietsband niet juist op de machine/robot is geplaatst of de fietsband niet of onvoldoende wordt ‘opgeruwd’, de camera een signaal aan de robot geeft waardoor de robot stopt. Zoals hiervoor onder 7. is uiteengezet betoogt De Westhoek dat dit door haar aangeschafte camerasysteem niet aan de overeenkomst beantwoordt omdat het systeem niet in staat is gebleken de mate van ‘opruwing’ te kunnen controleren, met het oog waarop zij nu juist de beide camerasystemen van Keyence had gekocht. Daaruit begrijpt het hof dat

De Westhoek zich op het standpunt stelt dat de camera’s de eigenschappen (‘kwaliteit’) missen die zij daarvan op grond van de overeenkomst mocht verwachten (‘controle opruwing’) en dat in zoverre sprake is van non-conformiteit als bedoeld in artikel 35 CISG. Dat kan een wezenlijke tekortkoming opleveren, indien zij leidt tot zodanige schade voor de andere partij dat haar in aanmerkelijke mate wordt onthouden wat zij uit hoofde van de overeenkomst mag verwachten (artikel 25 CISG). Nu De Westhoek zich beroept op de rechtsgevolgen verbonden aan de door haar gestelde non-conformiteit van de beide aan haar geleverde camerasystemen – te weten schadevergoeding – geldt als uitgangspunt, gelet op betwisting daarvan door Keyence, dat zij de gestelde non-conformiteit en de aanwezigheid van een wezenlijke tekortkoming in de zin van artikel 25 CISG, zal moeten bewijzen.

14. Voor het antwoord op de vraag of de schade substantieel is in de in artikel 25 CISG bedoelde zin moet worden gelet op de omstandigheden van het geval, zoals de financiële waarde van het contract, het veroorzaakte financiële nadeel en de mate waarin de wanprestatie andere activiteiten van de benadeelde partij verstoort. In dat verband wordt het volgende voorop gesteld. De financiële waarde van de met Keyence gesloten koopovereenkomst bedraagt € 12.681,54. Het systeem functioneert volgens de eigen stellingen (en schadeopstelling) van

De Westhoek voor 25% niet (in verband waarmee zij aanspraak maakt op vermindering van de koopprijs met 25%, € 3.170,39), en stelt zij door het ‘disfunctioneren’ van het systeem een jaar vertraging te hebben opgelopen hetgeen zich vertaalt in het salaris behorende bij één FTE, zijnde een bedrag van € 27.354,--. Verder heeft zij sensoren moeten aanschaffen (€ 923,73) en heeft zij werkzaamheden moeten verrichten voor de installatie van het systeem en de programmering (€ 2.226,--). Wat betreft de gevorderde kooprijsvermindering geldt dat artikel 50 CISG daarvoor een grondslag biedt.

15. Het ligt in de rede dat door het hof een deskundige wordt benoemd ter beantwoording van de vraag (a) of het op of omstreeks 28 februari 2005 geleverde camerasysteem niet in staat was de mate van ‘opruwing’ van de banden op de robot te kunnen controleren en, zo dat het geval was, (b) wat daarvan de oorzaak was, (c) in welke mate dat systeem nog steeds niet in staat is de mate van ‘opruwing’ van de banden te kunnen controleren. De kosten van die deskundige zullen door De Westhoek moeten worden voorgeschoten nu, zoals onder 13 is overwogen, op haar de bewijslast (en daarmee het bewijsrisico) rust. In verband hiermee zal het hof een comparitie gelasten. Bij gelegenheid daarvan zal aan de orde komen of De Westhoek een dergelijk deskundigenbericht wel wil doen plaatsvinden, en verder de vraag of een deskundige thans nog wel kàn vaststellen of het camerasysteem ten tijde van de levering disfunctioneerde in de door

De Westhoek bedoelde zin en wat daarvan de oorzaak was. Verder kunnen partijen (zo mogelijk eenparig) een voorstel doen voor de persoon (en de discipline) van een te benoemen deskundige en kunnen zij voorstellen doen voor aan de deskundige te stellen vragen.

16. Op de comparitie zal ook aan de orde komen de vraag of de door De Westhoek gevorderde 'gevolgschade' ingeval van een tekortkoming van Keyence wel volledig voor rekening van Keyence dient te komen. Het staat immers vast dat Keyence heeft aangeboden de camera's retour te zenden indien deze niet naar behoren functioneren. De Westhoek heeft daarvoor niet gekozen, maar zij heeft gekozen voor een vordering tot schadevergoeding. Naar 's hofs oordeel is

De Westhoek niet geheel vrij in deze keuze maar is zij bij het maken van die keuze gebonden aan de eisen van redelijkheid en billijkheid, waarbij mede de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij een rol spelen. In dat verband heeft Keyence aangevoerd - zo begrijpt het hof de bezwaren van Keyence tegen (volledige) vergoeding van schade - dat Westhoek met haar vordering probeert het ontwikkelingsrisico (het implementeren in het productieproces) van de verkochte camerasystemen over te hevelen op de verkoper (memorie van antwoord sub III. 6.) Er dient daarom een afweging plaatst te vinden van de wederzijds betrokken belangen. Mede tegen deze achtergrond zal het hof de comparitie tevens benutten voor het beproeven van een minnelijke schikking tussen partijen.

17. Eventuele schriftelijke stukken dienen uiterlijk veertien dagen vóór de datum van de comparitie aan het hof en aan de wederpartij worden gezonden. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

De beslissing

Het gerechtshof:

alvorens verder te beslissen:

beveelt een verschijning van partijen - deugdelijk vertegenwoordigd, desgewenst vergezeld van de raadslieden - tot het geven van inlichtingen en het beproeven van een schikking;

bepaalt dat deze verschijning van partijen zal worden gehouden in het Paleis van Justitie, Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden, op een nog nader te bepalen dag en uur voor mr. R.A. van der Pol, hiertoe benoemd tot raadsheer commissaris;

verwijst de zaak naar de rolzitting van dinsdag 8 januari 2013 voor opgave van de verhinderdata van partijen zelf en – zonodig – van hun raadslieden voor de periode van drie maanden na bovengenoemde rolzitting, waarna de raadsheer-commissaris dag en uur van de verschijning zal vaststellen;

verstaat, voor het geval één van partijen zich tijdens vorenbedoelde comparitie wenst te beroepen op de inhoud van schriftelijke bescheiden, dat deze bescheiden ter comparitie bij akte in het geding moeten worden gebracht, alsmede dat een kopie van die akte uiterlijk veertien dagen voor de datum van de comparitie moeten worden gezonden aan de griffie van het hof en aan de wederpartij;

verstaat dat de advocaat van De Westhoek uiterlijk twee weken voor de verschijning zal plaatsvinden een kopie van het volledige procesdossier ter griffie van het hof doet bezorgen, bij gebreke waarvan de advocaat van Keyence alsnog de gelegenheid heeft uiterlijk één week voor de vastgestelde datum een kopie van de processtukken over te leggen.

Aldus gewezen door mrs. M.M.A. Wind, voorzitter, I. Tubben en

R.A. van der Pol en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof van dinsdag 4 december 2012 in bijzijn van de griffier.