Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2012:BX2007

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
17-07-2012
Datum publicatie
18-07-2012
Zaaknummer
200.032.351/01
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBASS:2007:BA5903
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBASS:2009:BI1893
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Afwijzing verzoek aanvullende beslissing ex artikel 32 Rv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Arrest d.d. 17 juli 2012

Zaaknummer 200.032.351/01

(zaaknummer rechtbank: 58010 / HA ZA 06-541)

HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN

Arrest ingevolge artikel 32 Rv van de tweede kamer voor burgerlijke zaken in de zaak die bij het Gerechtshof Leeuwarden aanhangig is geweest tussen:

Mega Projecten B.V.,

gevestigd te Almelo,

appellante,

in eerste aanleg: eiseres,

hierna te noemen: Mega,

advocaat: mr. W.H.C. Bulthuis, kantoorhoudende te Leeuwarden,

tegen

1. [geïntimeerde 1],

wonende te [woonplaats],

hierna te noemen: [geïntimeerde 1],

2. [geïntimeerde 2],

wonende te [woonplaats],

hierna te noemen: [geïntimeerde 2],

3. [geïntimeerde 3],

laatstelijk wonende te [woonplaats],

geïntimeerden,

in eerste aanleg: gedaagden,

hierna gezamenlijk te noemen: [geïntimeerden],

advocaat: mr. P.J. de Booij, kantoorhoudende te Almere,

Bij arrest van 1 mei 2012 heeft het hof in de procedure tussen de hiervoor genoemde partijen een eindarrest gewezen. Bij brief d.d. 24 mei 2012 heeft mr. Mus namens Mega het hof verzocht dat arrest in die zin aan te vullen dat alsnog wordt beslist op haar vordering onder IIa subsidiair. De reactie van de zijde

[geïntimeerden] in een brief van mr. De Booij van 25 juni 2012 strekt tot afwijzing van dit verzoek.

De beoordeling

1. Artikel 32 Rv geeft de rechter de bevoegdheid tot aanvulling van een arrest op verzoek van een partij indien hij heeft verzuimd te beslissen over een onderdeel van het gevorderde of verzochte. Het hof oordeelt verder als volgt.

2. Het verzoek kan niet worden toegewezen omdat het berust op onjuiste lezing van het genoemde arrest. Het hof heeft beslist dat de vorderingen van Mega stranden voor zover deze in hoger beroep zijn gehandhaafd. Vervolgens is het bestreden vonnis bekrachtigd waarin die vorderingen zijn afgewezen. Daarmee heeft het hof zich ook geschaard achter de afwijzing van de door Mega genoemde vordering.

3. Ter toelichting overweegt het hof het volgende. In het verzoek wordt opgemerkt dat de koopovereenkomst waar deze zaak om draait niet op 31 mei 2006 is ontbonden, zoals [geïntimeerden] hebben beweerd, maar nog lange tijd nadien heeft doorgelopen en afdwingbaar is gebleven. Met het oog daarop zou Mega hebben gevorderd voor recht te verklaren dat de overeenkomst toen niet is ontbonden of anderszins is geëindigd, maar van kracht en afdwingbaar is gebleven. De vraag of dat juist is, heeft het hof in het midden gelaten omdat met de vordering van Mega onder IIa subsidiair, zoals het hof die aan de hand van de daarop gegeven toelichting heeft uitgelegd, werd beoogd een verklaring voor recht te verkrijgen van de strekking dat de overeenkomst (niet al is ontbonden, maar) in de toekomst nog kan worden afgedwongen zodra de bestemming van het perceel of een gedeelte daarvan onherroepelijk is gewijzigd in die zin dat dit gedeelte kan worden gebruikt als bouwgrond voor het realiseren van woningbouw. Volgens Mega heeft het hof terecht vastgesteld dat haar geen beroep op de overeenkomst meer toekomt door de mededeling van de gemeente dat is besloten "dat fase II (waarbinnen de nog te leveren grond is gelegen) in beginsel niet binnen afzienbare tijd voor woningbouw zal worden bestemd". Gelet op de uitleg die het hof aan de door Mega genoemde vordering heeft gegeven, is met die constatering ook het lot van die vordering gegeven.

De beslissing

Het gerechtshof:

wijst het verzoek af.

Aldus gewezen door mrs. M.W. Zandbergen, voorzitter, B.J.H. Hofstee en I. Tubben en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof van 17 juli 2012 in het bijzijn van de griffier.