Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2012:BW9835

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
26-06-2012
Datum publicatie
28-06-2012
Zaaknummer
200.107.645
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Tweede herstelexploot niet tijdig ingeschreven, waardoor de instantie (hoger beroep) is geëindigd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJF 2012/374
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Arrest d.d. 26 juni 2012

Zaaknummer 200.107.645/01

(zaaknummer rechtbank: 80133 / HA ZA 10-436)

HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN

Arrest van de eerste kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van:

[appellant] h.o.d.n. Qdesign,

wonende te [woonplaats],

appellant,

in eerste aanleg: gedaagde,

hierna te noemen: [appellant],

advocaat: mr. F.P. Aarts, kantoorhoudende te Eindhoven,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid naar Belgisch recht La Maison de la Peinture BVBA,

gevestigd te Mechelen, België,

geïntimeerde,

in eerste aanleg: eiseres,

hierna te noemen: La Maison,

advocaat: mr. M.F.J.M. van Rooy, kantoorhoudende te Boxtel.

Het geding in eerste instantie

In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het (verstek)vonnis uitgesproken op 21 april 2010 door de rechtbank Assen, sector civiel recht (hierna: de rechtbank) en in de vonnissen (na verzet) van deze rechtbank van 23 juni 2010 en 26 oktober 2011.

Het geding in hoger beroep

Bij exploot van 25 januari 2012 heeft [appellant] aangezegd dat hij in hoger beroep komt van de vonnissen van de rechtbank van 21 april 2010, 23 juni 2010 en

26 oktober 2011 met dagvaarding van La Maison tegen de zitting van het gerechtshof te Leeuwarden van 3 april 2012. In de appeldagvaarding van

25 januari 2010 wordt geconcludeerd tot vernietiging van voormelde vonnissen met verwijzing van La Maison in de proceskosten in beide instanties, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren arrest.

Het exploot van 25 januari 2012 is niet ingeschreven ter rolle van het hof. [appellant] heeft daarop een herstelexploot uitgebracht op 12 april 2012 met (zakelijk samengevat) dezelfde inhoud als het exploot van 25 januari 2012 en met dagvaarding van La Maison tegen de zitting van 1 mei 2012.

Het herstelexploot van 12 april 2012 is niet ingeschreven op de rol. Vervolgens heeft [appellant] opnieuw een herstelexploot met dezelfde inhoud uitgebracht en wel op 14 mei 2012 met dagvaarding van La Maison tegen de zitting van 5 juni 2012.

Het herstelexploot van 14 mei 2012 is ingeschreven op de rol. La Maison is in de procedure niet verschenen. [appellant] heeft gevraagd verstek tegen La Maison te verlenen.

Ter rolle van 5 juni 2012 is de zaak is naar de rol verwezen voor arrest, te wijzen op het griffiedossier.

De beoordeling

1 Op grond van art. 125 lid 1 Rv - welke bepaling ingevolge art. 353 lid 1 Rv in hoger beroep van overeenkomstige toepassing is - is het geding aanhangig vanaf de dag van dagvaarding. Art. 125 lid 2 bepaalt dat het exploot van dagvaarding door de eiser ter griffie wordt ingediend uiterlijk op de laatste dag waarop de griffie is geopend, voorafgaande aan de in de dagvaarding vermelde roldatum. De aanhangigheid van het geding vervalt, zo is bepaald in art. 125 lid 4 Rv, indien het exploot van dagvaarding niet uiterlijk op het in het tweede lid vermelde tijdstip ter griffie is ingediend, tenzij binnen twee weken na de in de dagvaarding vermelde roldatum een geldig herstelexploot is uitgebracht.

2 Als herstelexploot kan slechts gelden een exploot dat een nieuwe rechtsdag aanzegt en dat gevolgd wordt door inschrijving ter rolle van die aangezegde rechtsdag. Een exploot dat hieraan niet voldoet, heeft geen gevolg en kan niet als herstelexploot gelden (HR 5 december 1997, LJN: ZC2523, NJ 1998, 193).

3 In dit geval is het herstelexploot van 12 april 2012 niet ingeschreven op de rol en is dus niet een geldig herstelexploot in de zin van art. 125 lid 4 Rv. Het tweede herstelexploot van 14 mei 2012 deelt in dit lot, aangezien het evenmin binnen veertien dagen na de oorspronkelijk aangezegde rechtsdag (3 april 2012) is ingeschreven ter rolle en gesteld noch gebleken is dat La Maison (al of niet stilzwijgend) toestemming heeft verleend om de zaak op een latere datum alsnog aan te brengen (HR 22 april 2005, LJN: AS3641).

4 Gelet op het voorgaande moet het gevraagde verstek worden geweigerd.

De beslissing

Het gerechtshof:

weigert het gevraagde verstek en verstaat dat de instantie is geëindigd.

Aldus gewezen door mrs. K.E. Mollema, voorzitter, J.H. Kuiper en

J.M. Rowel-van der Linde en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof van dinsdag 26 juni 2011 in bijzijn van de griffier.