Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2012:BV6101

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
17-02-2012
Datum publicatie
17-02-2012
Zaaknummer
24-000778-11
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

‘A.C.A.B.’ Het hof acht het enkele feit dat verdachte een jas droeg met daarop een kleine batch bevestigd met de afkorting A.C.A.B. onvoldoende om het vereiste opzet op belediging aan te nemen. Vrijspraak.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 266
Wetboek van Strafvordering
Wetboek van Strafvordering 352
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NBSTRAF 2012/142
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Gerechtshof Leeuwarden

Sector strafrecht

Parketnummer: 24-000778-11

Uitspraak d.d.: 17 februari 2012

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 4 april 2011 in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [1980],

wonende te [woonplaats], [adres].

Het hoger beroep

De officier van justitie heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 3 februari 2012 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot veroordeling van de verdachte tot een geldboete van 500 euro, subsidiair 10 dagen hechtenis, waarvan 250 euro, subsidiar 5 dagen hechtenis voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsman,

mr. J. Vlug, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen en opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is -na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in hoger beroep- tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 13 mei 2010 in de gemeente [gemeente] opzettelijk beledigend (een) ambtena(a)r(en), te weten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] (politieambtenaren behorende tot de politieregio Gelderland-Midden), gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, in het openbaar te weten op of aan de [straat] in diens/dier tegenwoordigheid door een feitelijkheid heeft beledigd door daar toen opzettelijk beledigend zichtbaar voor voornoemde ambtena(a)r(en) een jas te dragen met daarop de opdruk "A.C.A.B." (= All Cops Are Bastards).

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Zowel de verbalisanten als verdachte wisten dat de afkorting 'A.C.A.B.' stond voor de beledigende tekst 'All Cops Are Bastards'. Ter discussie staat derhalve niet dat deze afkorting -vermeld op een batch op de jas van verdachte- een voor politieambtenaren beledigende betekenis heeft.

Verdachte heeft zelf steeds verklaard -ook ter terechtzitting in hoger beroep- dat hij op

13 mei 2010 nooit de intentie heeft gehad om politieambtenaren te beledigen.

Zijn verklaring komt er -zakelijk weergegeven- op neer dat hij zonder er bij na te denken de betreffende jas met de gewraakte "batch" heeft aangetrokken toen hij op 13 mei 2010 naar het stadion van Go Ahead Eagles ging. Hij was bij het stadion op een gegeven moment op zoek naar een hem bekende politieambtenaar en werd vervolgens, zonder dat hij daar verder aanleiding toe gaf, aangehouden in de nabijheid van een ME-busje.

Het hof stelt vast dat uit het (handgeschreven) proces-verbaal van aanhouding, opgemaakt door de verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2], niet meer blijkt dan dat door hen wordt waargenomen dat verdachte "zich om de bus bewoog" en dat zij zagen dat hij op zijn jas de letters A.C.A.B. droeg.

Van enige andere gedraging van verdachte ten opzichte van de betreffende politieambtenaren, waaruit kan worden afgeleid dat hij bewust de confrontatie zocht, dan wel hen probeerde te provoceren om op die manier bijzondere aandacht te vragen voor de betreffende batch met beledigende tekst, is het hof niet gebleken.

In het licht van de verklaring van verdachte ter zake, acht het hof het enkele feit dat hij een jas droeg met daarop een kleine batch bevestigd met de afkorting A.C.A.B. onvoldoende om het vereiste opzet op belediging aan te nemen.

Gelet op het voorgaande heeft het hof uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Aldus gewezen door

mr. H. Heins, voorzitter,

mr. T.M.L. Wolters en mr. H.J. de Ruijter, raadsheren,

in tegenwoordigheid van D.A. Tol, griffier,

en op 17 februari 2012 ter openbare terechtzitting uitgesproken.