Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ2356

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
22-04-2011
Datum publicatie
27-04-2011
Zaaknummer
24-000037-11
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBLEE:2010:BO9043, Meerdere afhandelingswijzen
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt ter zake van ontucht met twee meisjes van 14 en 15 jaar oud en ter zake van poging de meisjes tot prostitutie te brengen veroordeeld tot een gevangenisstraf van 40 maanden. Hoewel de meisjes aanvankelijk zelf het initiatief hadden genomen en verdachte hadden medegedeeld dat zij in de prostitutie wilden werken, rekent het hof het verdachte aan dat hij misbruik heeft gemaakt van hun nieuwsgierigheid en van hun onvermogen de consequenties van hun handelen te overzien.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000037-11

Parketnummer eerste aanleg: 17-880336-10

Arrest van 22 april 2011 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Leeuwarden van 28 december 2010 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1975] te [geboorteplaats],

ingeschreven en verblijvende te Leeuwarden, [adres],

in de PI Noord, gevangenis De Marwei te Leeuwarden,

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman mr. B.P.M. Canoy, advocaat te Leeuwarden.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf en heeft op de vorderingen van de benadeelde partijen en op een vordering tot tenuitvoerlegging beslist, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De officier van justitie is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De omvang van het hoger beroep

De officier van justitie heeft het hoger beroep niet bij akte beperkt. Uit de ingediende appelschriftuur blijkt evenwel dat het hoger beroep niet is gericht tegen de vrijspraak van het onder 3 ten laste gelegde. De advocaat-generaal heeft dit ter zitting bevestigd. Nu er van de zijde van het openbaar ministerie geen grieven als bedoeld in artikel 410, eerste lid van het Wetboek van Strafvordering zijn ingediend tegen de vrijspraak van het onder 3 ten laste gelegde, zal het hof de officier van justitie op grond van het bepaalde in artikel 416, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk verklaren in dat deel van het hoger beroep.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte zal veroordelen ter zake van het ten laste gelegde onder 1 subsidiair en onder 2 tot een gevangenisstraf voor de duur van 40 maanden en de vorderingen van de benadeelde partijen zal toewijzen, met oplegging van een schadevergoedingsmaatregel. Voorts heeft de advocaat-generaal de tenuitvoerlegging gevorderd van een door de politierechter in de rechtbank 's-Gravenhage voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van één week.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Het hof heeft ter terechtzitting de tenlastelegging gewijzigd overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal.

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging zoals hierboven bedoeld en voor zover aan hoger beroep onderworpen - ten laste gelegd, dat hij:

feit 1:

in of omstreeks de periode van 18 juni 2010 tot en met 22 juni 2010 te [plaats], een (of meer) ander(en), genaamd [benadeelde 1] (geboren op [1995]) en/of [benadeelde 2] (geboren op [1995]), ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van één of meer seksuele handeling(en) met of voor een derde tegen betaling, dan wel ten aanzien van die ander(en) enige handeling heeft ondernomen waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die ander(en) zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van die handeling(en), terwijl die ander(en) de leeftijd van achttien jaren nog niet had(den) bereikt, immers heeft verdachte:

- (met) die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2], die zich op de [straatnaam] bevonden, aangesproken/gesproken en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die[benadeelde 2] en/of een vriendin van verdachte in het [naam bedrijf] gesproken over het werken in de prostitutie en/of als tippelaarster en/of als escort en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] (een) telefoonnummer(s) uitgewisseld en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] (meermalen) telefonisch contact opgenomen/gehad en/of

- tegen die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] gezegd (zakelijk weergegeven) dat als ze echt wilden hij, verdachte, wel iets voor hen kon regelen en/of dat die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] bij klanten thuis kon(den) gaan werken en/of dat hij die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] naar klanten kon brengen en/of hen kon beschermen, maar dat hij daar wel een gedeelte van het geld voor wilde hebben en/of dat hij de helft van het verdiende geld zou krijgen en die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] het andere deel mocht(en) houden en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] afgesproken en/of (vervolgens) die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] meegenomen naar een woning en/of

- tegen die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] gezegd (zakelijk weergegeven)

dat hij foto's van hen kon maken en/of (vervolgens) voornoemde foto's op een escortsite genaamd [website] kon plaatsen en/of

dat hij seks met hen wilde hebben omdat hij wilde weten hoe zij met een klant zouden zijn en/of vervolgens seks met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] heeft gehad en/of (vervolgens)

- (meermalen) (telefonisch) contact met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] gezocht/gehad

subsidiair zo het vorenstaande niet mocht leiden tot schuldigverklaring van en strafoplegging aan verdachte

in of omstreeks de periode van 18 juni 2010 tot en met 22 juni 2010 te [plaats], ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om een (of meer) ander(en), genaamd [benadeelde 1] (geboren op [1995]) en/of [benadeelde 2] (geboren op [1995]), ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van één of meer seksuele handeling(en) met of voor een derde tegen betaling, dan wel ten aanzien van die ander(en) enige handeling, heeft ondernomen waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die ander(en) zich daardoor beschikbaar zouden stellen tot het verrichten van die handeling(en), terwijl die anderen de leeftijd van achttien jaren nog niet had(den) bereikt, immers heeft hij, verdachte:

- (met) die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2], die zich op de [straatnaam] bevonden, aangesproken/gesproken en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] en/of een vriendin van verdachte in het [naam bedrijf] gesproken over het werken in de prostitutie en/of als tippelaarster en/of als escort en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] (een) telefoonnummer(s) uitgewisseld en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] (meermalen) telefonisch contact opgenomen/gehad en/of

- tegen die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] gezegd (zakelijk weergegeven)

dat als ze echt wilden hij, verdachte, wel iets voor hen kon regelen en/of

dat die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] bij klanten thuis kon(den) gaan werken en/of

dat hij die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] naar klanten kon brengen en/of hen kon beschermen, maar dat hij daar wel een gedeelte van het geld voor wilde hebben en/of

dat hij de helft van het verdiende geld zou krijgen en die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] het andere deel mocht(en) houden en/of

- met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] afgesproken en/of (vervolgens) die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] meegenomen naar een woning en/of

- tegen die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] gezegd (zakelijk weergegeven)

dat hij foto's van hen kon maken en/of (vervolgens) voornoemde foto's op een escortsite genaamd [website] kon plaatsen en/of

dat hij seks met hen wilde hebben omdat hij wilde weten hoe zij met een klant zouden zijn en/of vervolgens seks met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] heeft gehad en/of (vervolgens)

- (meermalen) (telefonisch) contact met die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] gezocht/gehad, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

feit 2:

op of omstreeks 22 juni 2010 te [plaats], met [benadeelde 1] (geboren op [1995]) en/of [benadeelde 2] (geboren op [1995]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had(den) bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2], hebbende verdachte,

- zijn, verdachtes, penis en/of vinger(s) in de vagina van die [benadeelde 1] en/of de vagina van die [benadeelde 2] geduwd/gebracht en/of

- zijn penis in de mond van die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] gebracht.

Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Bij de beoordeling van de bewijsvraag gaat het hof uit van de verklaringen van [benadeelde 1] en [benadeelde 2]. Zij hebben zowel bij de politie als ten overstaan van de rechter-commissaris gedetailleerd en consistent verklaard en hun verklaringen stemmen op essentiële onderdelen overeen. Bovendien vinden de verklaringen steun in andere bewijsmiddelen, zoals het verslag van de camerabeelden van het Shell tankstation waar verdachte met de beide meisjes is geweest en de historische gegevens met betrekking tot de telefooncontacten tussen verdachte en [benadeelde 1] en [benadeelde 2].

Het hof stelt de volgende feitelijke gang van zaken vast.

Op 18 juni 2010 gaan [benadeelde 1] en [benadeelde 2] - op dat moment respectievelijk 14 en 15 jaar oud - naar de [straatnaam], een prostitutiegebied in [plaats], om te onderzoeken of zij stage kunnen lopen in de prostitutie. Op de [straatnaam] komen zij in contact met verdachte, die hen vervolgens samen met zijn vriendin [naam] - die als prostituee werkzaam is - voorlicht over de verschillende mogelijkheden om op hun leeftijd in de prostitutie werkzaam te zijn. Verdachte vertelt onder meer over mogelijk escortwerk door de meisjes en de rol die hij daarbij - tegen betaling van de helft van de verdiensten - als chauffeur en 'beschermer' kan spelen. Aan het einde van de ontmoeting wisselen verdachte en de meisjes telefoonnummers uit.

In de dagen daarna zoekt verdachte diverse malen telefonisch contact met de meisjes, hetgeen resulteert in een nieuwe ontmoeting op 22 juni 2010. Verdachte spreekt met de meisjes af en neemt ze mee naar de woning waar hij op dat moment verblijft. In die woning bepreekt verdachte opnieuw de mogelijkheden om als prostituee te werken en stelt tevens voor om - ten behoeve van het escortwerk - foto's van de meisjes te maken en op de website '[website]' te zetten. Vervolgens haalt verdachte de meisjes ertoe over om allerlei seksuele handelingen met hem te verrichten, omdat hij wil weten wat ze op seksueel gebied kunnen en hoe ze met klanten zouden zijn. Omdat bij de seks tussen verdachte en [benadeelde 1] het condoom scheurt, ontmoet verdachte haar de volgende dag weer en koopt dan de morning-afterpil voor haar. Bij die ontmoeting heeft verdachte een jongen bij zich waarvan verdachte aangeeft dat hij de eerste klant van [benadeelde 1] zal worden.

In de periode hierna zoekt verdachte nog herhaaldelijk telefonisch contact met de meisjes, met name met [benadeelde 1]. Tot een nieuwe ontmoeting leidt dit echter niet, onder meer omdat een van de meisjes huisarrest heeft en vervolgens op schoolkamp gaat. Daarna ontdekken de ouders van de meisjes wat er gebeurd is en waarschuwen de politie.

Met de advocaat-generaal en de raadsman acht het hof het onder 1 primair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen. Het hof acht de onder 1 subsidiair ten laste gelegde poging tot - kort gezegd - het tot prostitutie brengen van twee minderjarige meisjes wel bewezen, nu de bovenomschreven (bewezen verklaarde) handelingen van verdachte naar hun uiterlijke verschijningsvorm moeten worden beschouwd als hierop te zijn gericht. Slechts als gevolg van toevallige, niet aan verdachte toe te rekenen omstandigheden is het niet gekomen tot verdere afspraken en zijn de meisjes uiteindelijk niet daadwerkelijk tot prostitutie gebracht. Dat verdachte, zoals hij ter terechtzitting heeft verklaard, enkel om seks met de meisjes te kunnen hebben is ingegaan op hun nieuwsgierigheid naar (het werken in de) prostitutie en hen niet zover heeft willen brengen dat ze daadwerkelijk als prostituee zouden gaan werken, acht het hof in het licht van de vastgestelde feiten niet geloofwaardig.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat verdachte:

omstreeks de periode van 18 juni 2010 tot en met 25 juni 2010 te [plaats], ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om anderen, genaamd [benadeelde 1] (geboren op [1995]) en [benadeelde 2] (geboren op [1995]), ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van één of meer seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling, terwijl die anderen de leeftijd van achttien jaren nog niet hadden bereikt, immers heeft hij, verdachte:

- met die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2], die zich op de [straatnaam] bevonden, gesproken en

- met die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] en een vriendin van verdachte in het [naam bedrijf] gesproken over het werken in de prostitutie of als tippelaarster of als escort en

- met die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] telefoonnummers uitgewisseld en

- met die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] meermalen telefonisch contact opgenomen en

- tegen die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] gezegd (zakelijk weergegeven) dat als ze echt wilden hij, verdachte, wel iets voor hen kon regelen en dat die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] bij klanten thuis konden gaan werken en dat hij die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 2] naar klanten kon brengen en hen kon beschermen, maar dat hij daar wel een gedeelte van het geld voor wilde hebben en dat hij de helft van het verdiende geld zou krijgen en die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] het andere deel mochten houden en

- met die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] afgesproken en vervolgens die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] meegenomen naar een woning en

- tegen die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] gezegd (zakelijk weergegeven) dat hij foto's van hen kon maken en vervolgens voornoemde foto's op een escortsite genaamd [website] kon plaatsen en dat hij seks met hen wilde hebben omdat hij wilde weten hoe zij met een klant zouden zijn en vervolgens seks met die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] heeft gehad en vervolgens

- meermalen telefonisch contact met die [benadeelde 1] en die [benadeelde 2] gezocht,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

feit 2:

op 22 juni 2010 te [plaats], met [benadeelde 1] (geboren op [1995]) en [benadeelde 2] (geboren op [1995]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren hadden bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [benadeelde 1] en [benadeelde 2], hebbende verdachte,

- zijn, verdachtes, penis in de vagina van die [benadeelde 1] en de vagina van die [benadeelde 2] gebracht en

- zijn penis in de mond van die [benadeelde 1] en [benadeelde 2] gebracht.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert respectievelijk op de misdrijven:

poging tot mensenhandel, meermalen gepleegd

en

met iemand die de leeftijd van twaalf jaren, maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft gepoogd een tweetal meisjes van destijds 14 en 15 jaar oud voor hem te laten werken als prostituee en mede met het oog daarop ontuchtige handelingen met hen gepleegd die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam. Hij heeft ter bevrediging van zijn eigen lustgevoelens en in een streven naar financieel gewin misbruik gemaakt van de nieuwsgierigheid van de meisjes en van hun onvermogen om de consequenties van hun handelen te overzien. Hij heeft daarmee doen blijken geen enkel respect te hebben voor hun geestelijke en lichamelijke integriteit.

Het hof heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte - blijkens een hem betreffend Uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 30 maart 2011 - eerder is veroordeeld onder meer ter zake van soortgelijke strafbare feiten, hetgeen hem er niet van heeft weerhouden de onderhavige feiten te begaan.

Gelet op het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, is het hof van oordeel dat - ook wanneer rekening wordt gehouden met de lichtvaardige wijze waarop de meisjes zich met verdachte hebben ingelaten - slechts een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur - zoals door de advocaat-generaal gevorderd - passend en geboden is.

Vordering benadeelde partijen

Uit het onderzoek ter terechtzitting van het hof is gebleken, dat de benadeelde partijen, [benadeelde 1] en [benadeelde 2], zich in het geding in eerste aanleg hebben gevoegd, dat hun vorderingen in eerste aanleg deels zijn toegewezen en dat zij zich binnen de grenzen van hun eerste vorderingen in het geding in hoger beroep opnieuw hebben gevoegd.

Blijkens het voegingsformulier benadeelde partijen in het strafproces vorderen de benadeelde partijen vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van elk € 2.250,-.

Nu de benadeelde partijen hun vorderingen niet voldoende hebben onderbouwd, is het hof van oordeel dat onder deze omstandigheden de behandeling van de vorderingen een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. De benadeelde partijen zullen als gevolg hiervan niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen met bepaling, dat de benadeelde partijen hun vorderingen in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen.

Gelet op het vorenstaande dienen de benadeelde partijen, als de in het ongelijk gestelde partijen, te worden veroordeeld in de kosten van het geding door verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Vordering tenuitvoerlegging

Bij vonnis van de politierechter in de rechtbank 's-Gravenhage van 5 oktober 2009 met parketnummer 09-012397-09 is verdachte onder meer veroordeeld tot gevangenisstraf voor de duur van één week, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

Dit vonnis is onherroepelijk geworden op 4 februari 2010. De proeftijd is op dezelfde datum ingegaan.

De officier van justitie heeft op 10 december 2010 gevorderd dat last zal worden gegeven tot tenuitvoerlegging van voormelde gevangenisstraf, omdat veroordeelde zich voor het einde van voormelde proeftijd schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde feiten.

Nu gebleken is dat veroordeelde de hiervoor bewezen verklaarde feiten heeft begaan vóór het einde van de proeftijd, zal het hof op grond van het vorenstaande de tenuitvoerlegging van voormelde gevangenisstraf gelasten.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14g, 45, 57, 245 en 273f van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

verklaart de officier van justitie niet ontvankelijk in zijn hoger beroep voor zover dit is ingesteld tegen de vrijspraak van het onder 3 ten laste gelegde;

vernietigt het vonnis, voor zover aan hoger beroep onderworpen, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde onder 1 primair niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart het verdachte ten laste gelegde onder 1 subsidiair en onder 2 bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van veertig maanden;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht;

verklaart de benadeelde partijen [benadeelde 1] en [benadeelde 2] niet-ontvankelijk in hun vorderingen;

bepaalt dat de benadeelde partijen hun vorderingen slechts bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen;

veroordeelt de benadeelde partijen in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil;

gelast de tenuitvoerlegging van de aan veroordeelde bij vonnis van de politierechter te 's-Gravenhage van 5 oktober 2009 voorwaardelijk opgelegde straf, te weten:

gevangenisstraf voor de duur van één week.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. K.J. van Dijk, voorzitter, mr. H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg en mr. A.J. Rietveld, in tegenwoordigheid van mr. H. de Ruijter als griffier.