Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2011:BP9092

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
24-03-2011
Datum publicatie
25-03-2011
Zaaknummer
24-003148-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

OM-appel. Het hof spreekt verdachte vrij van openlijke geweldpleging.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-003148-08

Parketnummer eerste aanleg: 18-651254-08

Arrest van 24 maart 2011 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 10 december 2008 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1987] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman mr. P.A.Th. Kostwinder, advocaat te Groningen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Groningen heeft de verdachte bij het vonnis vrijgesproken van het ten laste gelegde.

Gebruik van het rechtsmiddel

De officier van justitie is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen. Hij heeft dit hoger beroep aan verdachte doen betekenen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep op 10 maart 2011, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte zal vrijspreken van het ten laste gelegde en de benadeelde partij niet ontvankelijk zal verklaren in haar vordering.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging in eerste aanleg - ten laste gelegd, dat:

hij op of omstreeks 20 februari 2008 te [plaats] met een ander of anderen, op of aan de openbare weg, het [straat 1] en/of [straat 2], in elk geval op of aan een openbare weg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2], welk geweld bestond uit het

- 's nachts, in beschonken toestand, op straat staan schreeuwen en/of met een hockeystick slaan en/of

- achterna rennen en/of trekken en/of duwen en/of ten val brengen en/of op de grond houden en/of

- (met een hockeystick) slaan en/of tussen de benen steken en/of porren, althans raken en/of

- (met geschoeide voet) schoppen tegen het lichaam en/of staan op de hand van die [benadeelde 1] en/of die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2]

- (dreigend en/of intimiderend) de vrije doorgang belemmeren en/of

- toeschreeuwen/zeggen: "Kom dan, kom dan!" en/of "Oprotten",

waarbij hij, verdachte, die [benadeelde 1] heeft geslagen en/of gepord met een hockeystick, en welk door hem gepleegd geweld enig lichamelijk letsel (te weten gekneusde hand en/of schaafwonden) voor die [benadeelde 1] ten gevolge heeft gehad;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat

hij op of omstreeks 20 februari 2008 te [plaats] tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [benadeelde 1]) heeft getrokken en/of geduwd en/of ten val gebracht en/of (met een hockeystick) geslagen, althans geraakt en/of met geschoeide voet geschopt en/of op de hand is gaan staan van die [benadeelde 1], waardoor voornoemde [benadeelde 1] letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.

Vrijspraak

Het hof acht niet bewezen hetgeen primair en subsidiair aan verdachte is ten laste gelegd, zodat hij daarvan moet worden vrijgesproken.

Benadeelde partij [benadeelde 1]

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg niet is toegewezen en dat zij zich binnen de grenzen van haar eerste vordering in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort.

Nu verdachte van de gehele tenlastelegging wordt vrijgesproken, dient te benadeelde partij, gelet op het bepaalde in artikel 361, tweede lid, aanhef en onder a, van het Wetboek van Strafvordering, in haar vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard, met veroordeling van de benadeelde partij in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte primair en subsidiair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart de benadeelde partij niet ontvankelijk in de vordering;

veroordeelt de benadeelde partij in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. H.J. Deuring, voorzitter,

mr. D.V.E.M. van der Wiel-Rammeloo en mr. M.F.H.M. van Haastert, in tegenwoordigheid van mr. G.M. Fondse als griffier, zijnde mr. M.F.H.M. van Haastert buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.