Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2010:BP1054

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
30-11-2010
Datum publicatie
18-01-2011
Zaaknummer
200.071.110-01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

[geen]

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Arrest d.d. 30 november 2010

Zaaknummer 200.071.110/01

HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN

Arrest van de vierde kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van:

[Naam]

wonende te [woonplaats]

appellante,

in eerste aanleg: gedaagde,

hierna te noemen: [appellante],

toevoeging,

advocaat: mr. J.V. van Ophem, kantoorhoudende te Leeuwarden,

tegen

[Naam],

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde,

in eerste aanleg: eiser,

hierna te noemen: [geïntimeerde],

advocaat: mr. J.W. Flipse, kantoorhoudende te Assen.

Het geding in eerste instantie

[appellante] is in hoger beroep gekomen van het vonnis van 23 juni 2010 door de rechtbank Assen, sector civiel recht, gewezen tussen partijen. Bij memorie van grieven heeft [appellante] opgeworpen. Voor de memorie van antwoord is ambtshalve akte niet dienen verleend. Vervolgens hebben partijen op 21 oktober 2010 hun zaak doen bepleiten, waarbij de advocaat van [appellante] een pleitnota heeft overgelegd.

Voorts heeft [appellante] een akte genomen en heeft [geïntimeerde] een antwoordakte genomen.

Beoordeling van het hoger beroep

Gelet op de stand van het geding ziet het hof aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is inwinnen van inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling.

De beslissing

Het gerechtshof:

alvorens verder te beslissen:

beveelt een verschijning van partijen in persoon, desgewenst vergezeld van de raadslieden - tot het geven van inlichtingen en het beproeven van een schikking;

bepaalt dat deze verschijning van partijen zal worden gehouden in het Paleis van Justitie, Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden, op maandag 6 december 2010 te 15.30 uur voor mr M.W. Zandbergen, hiertoe benoemd tot raadsheer-commissaris;

verstaat, voor het geval één van partijen zich tijdens vorenbedoelde comparitie wenst te beroepen op de inhoud van schriftelijke bescheiden, dat deze bescheiden ter comparitie bij akte in het geding moeten worden gebracht, alsmede dat een kopie van die akte uiterlijk 3 december 2010 moeten worden gezonden aan de griffie van het hof en aan de wederpartij;

Aldus gewezen door mrs. L. Janse, voorzitter, M.W. Zandbergen en

L.C.A. Verstappen raden, en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof van dinsdag 30 november 2010 in bijzijn van de griffier.