Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2010:BO3310

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
05-11-2010
Datum publicatie
08-11-2010
Zaaknummer
24-000037-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Veroordeling van verdachte wegens (winkel)diefstal tot een voorwaardelijke taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van tien uren, subsidiair te vervangen door vijf dagen hechtenis met een proeftijd van twee jaren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000037-10

Parketnummer eerste aanleg: 18-022702-09

Arrest van 5 november 2010 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 18 november 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1985] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

verschenen in persoon, bijgestaan door haar raadsvrouw mr. S.M. Klomp, advocaat te Assen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Groningen heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte zal veroordelen tot een werkstraf voor de duur van twintig uren, subsidiair te vervangen door tien dagen hechtenis.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

zij op of omstreeks 10 april 2009 te [plaats], in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee verpakkingen vlees, 6 stuks cafe smooth, twee verpakkingen chocolade eieren, hondenvoer en/of twee stuks brioche, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan het winkelbedrijf [bedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

zij op 10 april 2009 te [plaats], in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee verpakkingen vlees, 6 stuks cafe smooth, twee verpakkingen chocolade eieren, hondenvoer en twee stuks brioche toebehorende aan het winkelbedrijf [bedrijf 2]

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

diefstal.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich op 10 april 2009 schuldig gemaakt aan winkeldiefstal, een ergerlijke vorm van criminaliteit die voor winkeliers veel hinder en schade veroorzaakt. Verdachte heeft met haar handelen inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van het desbetreffende winkelbedrijf.

Uit het verdachte betreffende uittreksel uit het justitieel documentatieregister d.d. 22 juli 2010 blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld ter zake van soortgelijke feiten.

Het hof houdt voorts rekening met hetgeen de verdachte en haar raadsvrouw ter terechtzitting van het hof hebben aangevoerd met betrekking tot de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Verdachte lijkt, na een periode van drugsverslaving, thans gemotiveerd te zijn om haar leven een andere wending te geven. Zo krijgt verdachte hulp van Verslavingszorg Noord-Nederland met betrekking tot haar verslavingsproblematiek en probeert zij via Stichting de Hofstede in Assen een sociale werkplek te realiseren. Daarnaast heeft zij bewindvoering aangevraagd om haar aanzienlijke schuldenlast, ontstaan doordat verdachte lang op straat heeft geleefd en zij geen ziektekosten heeft betaald, op te lossen.

Gelet op het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, zal het hof verdachte veroordelen tot een werkstraf, van hierna te noemen duur. Om verdachtes positieve wending in haar leven niet te zeer te doorkruisen zal het hof deze werkstraf geheel voorwaardelijk opleggen.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 63 en 310 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van tien uren, met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van vijf dagen zal worden toegepast;

beveelt dat de werkstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. G.M. Meijer-Campfens, voorzitter, mr. O. Anjewierden en mr. W.M. van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van K.J. Reinke als griffier.