Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2010:BN9323

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
01-10-2010
Datum publicatie
04-10-2010
Zaaknummer
24-002516-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt ter zake van bedreiging (meermalen) van zijn buren veroordeeld tot een geldboete van € 240,- te voldoen in vier termijnen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-002516-09

Parketnummer eerste aanleg: 17-756408-08

Arrest van 1 oktober 2010 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Leeuwarden van 28 augustus 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1951] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

niet ter terechtzitting verschenen. Wel verschenen is de raadsman van verdachte

mr. B.P.M. Canoy, advocaat te Leeuwarden.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

De raadsman van verdachte heeft verklaard uitdrukkelijk te zijn gemachtigd verdachte ter terechtzitting te verdedigen.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte ter zake van het ten laste gelegde zal veroordelen tot een geldboete van € 240,00, subsidiair 4 dagen vervangende hechtenis, te voldoen in vier termijnen.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

hij op of omstreeks 29 oktober 2008 te [plaats], (althans) in de gemeente [gemeente], [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd: "Ja, als de katten van mij niet terugkomen is die zoon van jou dood, dood, dood, dood, kutkind" en/of "Als die poezen niet terugkomen he, dan ben je echt aan de beurt" en/of "En waag het niet om nog een stap op mijn erf te zetten, want dan ben je aan de beurt, jij, hij en zij, allebei" althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 29 oktober 2008 te [plaats], in de gemeente [gemeente], [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd: "Ja, als de katten van mij niet terugkomen is die zoon van jou dood, dood, dood, dood, kutkind" en "Als die poezen niet terugkomen he, dan ben je echt aan de beurt" en "En waag het niet om nog een stap op mijn erf te zetten, want dan ben je aan de beurt, jij, hij en zij, allebei".

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich op 30 oktober 2008 schuldig gemaakt aan bedreiging van zijn buren. Door zijn handelen heeft verdachte bij de aangevers gevoelens van angst en onveiligheid teweeg gebracht.

Het hof houdt bij de strafoplegging rekening met een verdachte betreffend Uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 28 juni 2010, waaruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeeld ter zake van strafbare feiten.

Gelet op het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, is het hof van oordeel dat de door de advocaat-generaal gevorderde geldboete, een passende sanctie is.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 23, 24, 24a, 24c, 57, 63 en 285 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot een geldboete van tweehonderdveertig euro;

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van vier dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

bepaalt dat de geldboete mag worden voldaan in vier opeenvolgende maandelijkse termijnen elk groot zestig euro.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. S.H. Wachter, voorzitter, mr. A. Dijkstra en mr. H.J. de Ruijter, in tegenwoordigheid van mr. J. Brink als griffier, zijnde mr. H.J. de Ruijter buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.