Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2010:BN5056

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
21-01-2010
Datum publicatie
26-08-2010
Zaaknummer
200.033.098
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij een RTL-melding (registratie tenaamstelling leasemaatschappijen) blijft de kentekenhouder of bestuurder verantwoordelijk voor andere verkeersovertreding dan APK-keuring en verzekeringsplicht ingevolge de WAM. Sanctie terecht opgelegd aan de betrokkene.

Wetsverwijzingen
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 5
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 13a
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

WAHV 200.033.098

21 januari 2010

CJIB 122801261

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter van de rechtbank Utrecht

van 7 mei 2009

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene), wonende te [woonplaats],

voor wie als gemachtigde optreedt mr. C.M.J.E.P. Meerts, kantoorhoudende te Beegden.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie in het arrondissement Utrecht genomen beslissing ongegrond verklaard. Voorts heeft de kantonrechter de officier van justitie veroordeeld in de kosten als bedoeld in artikel 13a van de WAHV, ten behoeve van de betrokkene, tot een bedrag van € 80,50. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Het procesverloop

De gemachtigde van de betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld. Tevens is verzocht om vergoeding van kosten.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

De gemachtigde van de betrokkene heeft schriftelijk een nadere toelichting gegeven op het beroep.

De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een reactie te geven op de nadere toelichting op het beroep. Hiervan is geen gebruik gemaakt.

Beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van € 150,- opgelegd ter zake van “niet stoppen voor rood licht: driekleurig verkeerslicht”, welke gedraging zou zijn verricht op 3 september 2008 om 18.44 uur op de Amsterdamseweg (ter hoogte van Industrieweg) te Amersfoort met het voertuig met het kenteken [00-AB-AB].

2. De gemachtigde van de betrokkene voert aan dat de kantonrechter voorbij is gegaan aan de grond dat de betrokkene nog geen (aansprakelijke) kentekenhouder was ten tijde van de gedraging, omdat de auto nog op naam stond van de leasemaatschappij.

3. Gelet op de door de betrokkene niet bestreden gegevens uit het zaakoverzicht, is naar de overtuiging van het hof komen vast te staan dat de gedraging is verricht.

4. Het hof stelt vast dat de kantonrechter in de bestreden beslissing geen overwegingen - ook niet impliciet - heeft gewijd aan het door de gemachtigde aangevoerde bezwaar dat de betrokkene geen kentekenhouder was ten tijde van de gedraging. In zoverre treft het hoger beroep doel. Echter, tot vernietiging van de bestreden beslissing leidt dit niet. Daartoe overweegt het hof dat uit de gegevens van de RDW blijkt dat de betrokkene ten tijde van de gedraging in het kentekenregister was ingeschreven als kentekenhouder van het betreffende voertuig. Derhalve is de sanctie op grond van artikel 5 van de WAHV terecht aan de betrokkene opgelegd. Dat ten tijde van de gedraging ook nog een zogenaamde RTL-melding (Registratie Tenaamstelling leasemaatschappijen) op het voertuig van toepassing was, maakt dit niet anders. Immers, de RTL-melding betreft een hulpregistratie voor leasemaatschappijen, waardoor de motorrijtuigenbelasting en overige voertuiggerelateerde verplichtingen, zoals APK-keuringen en verzekeringsplicht ingevolge de WAM, aan de leasemaatschappij in rekening worden gebracht. De verantwoordelijkheid voor (overige) verkeersovertredingen blijven echter bij de kentekenhouder/bestuurder van het voertuig.

5. Gelet hierop kan de bestreden beslissing van de kantonrechter - zij het met verbetering van gronden - worden bevestigd.

6. Voor vergoeding van proceskosten acht het hof geen termen aanwezig. Weliswaar worden de gronden van de bestreden beslissing verbeterd, maar nu het hier niet meer dan een omissie van de kantonrechter betreft terwijl het door de gemachtigde bij de kantonrechter naar voren gebrachte bezwaar het karakter van stelling niet ontstijgt, zal het verzoek tot vergoeding van proceskosten worden afgewezen.

Beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter;

wijst het verzoek tot vergoeding van kosten af.

Dit arrest is gewezen door mr. Beswerda, in tegenwoordigheid van mr. Landstra als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.