Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2010:BN2886

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
29-07-2010
Datum publicatie
30-07-2010
Zaaknummer
24-001985-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt ter zake van een grote reeks inbraken, gepleegd samen met zijn zwager, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 48 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, proeftijd 2 jaar.

Verdachte wordt tevens veroordeeld tot het betalen van schadevergoeding aan een aantal slachtoffers.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-001985-09

Parketnummer eerste aanleg: 17-880151-09

Arrest van 29 juli 2010 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Leeuwarden van 28 juli 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1964] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

thans verblijvende in P.I. [plaats], gevangenis [PI], [adres],

te [plaats],

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. M.A.C. Overmeire-de Vilder, advocaat te Amsterdam.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, heeft aan verdachte maatregelen opgelegd en heeft beslist op de vorderingen van de benadeelde partijen, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Ontvankelijkheid van het hoger beroep

Voor zover het hoger beroep is gericht tegen de vrijspraak ter zake van het onder 2. en 3. ten laste gelegde, kan verdachte daarin niet worden ontvangen.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting gevorderd:

- veroordeling voor het onder 1. primair ten laste gelegde;

- oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 48 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd voor de duur van twee jaren;

- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1] tot een bedrag van € 3.000,06;

- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] tot een bedrag van € 224,00;

- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] tot een bedrag van

€ 2.132,60;

- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 4] en [benadeelde 5] tot een bedrag van € 3.390,50;

- oplegging van de schadevergoedingsmaatregel voor deze bedragen;

- niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [benadeelde 6];

- niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [benadeelde 7];

- niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [benadeelde 8].

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is - met inachtneming van de wijziging die door de eerste rechter is toegelaten - voor zover aan hoger beroep onderworpen, ten laste gelegd, dat:

1. primair

hij in of omstreeks de periode van 2 januari 2009 tot en met 1 april 2009 en/of in het jaar 2008, op diverse data en/of tijdstippen, in het arrondissement [plaats] en/of [plaats] en/of[plaats] en/of/althans (op overige plaatsen) in Nederland, (meermalen) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening (telkens) heeft weggenomen nader te noemen goederen, in elk geval (telkens) enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan nader te noemen rechthebbende(n), in elk geval (telkens) aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming, te weten:

- op of omstreeks 2 januari 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een kluis (met 4000,- euro) en/of een (aantal) laptop(s), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] (zie proces-verbaal zaak 4) en/of

- op of omstreeks 1 april 2009, in/uit een bouwkeet (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], (onder meer) een aggregaat, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2] (zie proces-verbaal zaak 6) en/of

- op of omstreeks 1 april 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een (aantal) CV-ketels, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] (zie proces-verbaal zaak 7) en/of

- op of omstreeks 27 maart 2009 tot en met 30 maart 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een wasmachine en/of een wasdroger en/of een geldkist en/of een hoeveelheid sieraden, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] (zie proces-verbaal zaak 8) en/of

- op of omstreeks 20 maart 2009 tot en met 23 maart 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid keukenapparatuur en/of verlichting en/of kabels, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4] (zie proces-verbaal zaak 12) en/of

- op of omstreeks 24 maart 2009 tot en met 25 maart 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid gereedschap (te weten (onder meer) een gleufstamper en/of een bandenzaag) geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5] (zie proces-verbaal zaak 13) en/of

- op of omstreeks 9 februari 2009 tot en met 10 februari 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid gereedschap en/of een hoeveelheid kleding en/of schoenen en/of een laptop geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 2] (zie proces-verbaal zaak 14) en/of

- op of omstreeks 26 februari 2009, in/uit, een woning (gelegen aan of bij de [straat]l) te [plaats], een flatscreen en/of een laptop en/of een (aantal) camera ('s) en/of sieraden en/of geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] (zie proces-verbaal zaak 15) en/of

- op of omstreeks 4 januari 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een (aantal) navigatiesyste(e)m(en) en/of een (aantal) camera ('s) en/of sieraden, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 7] (zie proces-verbaal zaak 18) en/of

- op of omstreeks 7 maart 2009 in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een (aantal) foto- en/of videocamera('s) en/of een verrekijker en/of een gsm en/of een tas, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 9] (zie proces-verbaal zaak 19) en/of

- op of omstreeks 25 maart 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij het [straat]) te [plaats], een (aantal) dekbed(den) en/of kussen(s) geheel of ten dele toebehorende aan de [slachtoffer 31] (zie proces-verbaal zaak 20) en/of

- op of omstreeks 24 januari 2009 tot en met 25 januari 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat] te [plaats], een aanhangwagen en/of een trilplaat en/of sieraden en/of geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 8] (zie proces-verbaal zaak 24) en/of

- op of omstreeks 28 februari 2009 tot en met 1 maart 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], (onder meer) een flatscreen TV en/of een TomTom (+lader) en/of een gsm en/of een fotocamera, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 9] (zie proces-verbaal zaak 28) en/of

- op of omstreeks 28 februari 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid geld (ongeveer 1500,- euro) geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 9] (zie proces-verbaal zaak 29);

- op of omstreeks 22 maart 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een (aantal) camera('s) en/of sieraden en/of een doosje/kistje (met afbeelding van een lammetje), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10] (zie proces-verbaal zaak 30) en/of

- op of omstreeks 13 februari 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], (onder meer) een computer en/of een hoeveelheid gereedschap en/of een (aantal) autoradio('s) en/of een (aantal) zonnebril(len), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 11] (zie proces-verbaal zaak 31) en/of

- op of omstreeks 24 maart 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een laptop, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 12] (zie proces-verbaal zaak 32) en/of

- op of omstreeks 6 februari 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]l) te [plaats], (onder meer) een flatscreen TV en/of een (aantal) fotocamera('s), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 13] (zie proces-verbaal zaak 33) en/of

- op of omstreeks 30 januari 2009 tot en met 31 januari 2009, in/uit een schuur (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid (elektrische) gereedschappen (te weten (onder meer) een klopboor en/of een decoupeerzaag), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 14] (zie proces-verbaal zaak 34) en/of

- op of omstreeks 20 januari 2009 tot en met 21 januari 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een LCD TV en/of een laptop en/of een camera en/of een navigatiesysteem en/of een gsm, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 15] (zie proces-verbaal zaak 35) en/of

- op of omstreeks 4 februari 2009 tot en met 5 februari 2009, in/uit een bouwkeet (gelegen aan of bij de [straat]) te[plaats], een (aantal) Maglite('s) en/of een hoeveelheid gereedschap, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf] (zie proces-verbaal zaak 36) en/of

- op of omstreeks 13 februari 2009 tot en met 23 februari 2009, in/uit een bouwkeet/pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een gleufstamper en/of dieselolie, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 16] (zie proces-verbaal zaak 38) en/of

- op of omstreeks 13 maart 2009 tot en met 14 maart 2009, in/uit een schuur/garage (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid gereedschap en/of een paardrijzadel en/of een bosmaaier, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 17] (zie proces-verbaal zaak 40) en/of

- op of omstreeks 24 februari 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een flatscreen TV en/of een (aantal) gsm('s) en/of een verrekijker en/of sieraden, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 18] (zie proces-verbaal zaak 42) en/of

- op of omstreeks 22 februari 2009, in/uit een woning gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een portemonnee en/of geld en/of een verrekijker, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 19] (zie proces-verbaal zaak 49) en/of

- op of omstreeks 13 februari 2009 tot en met 16 februari 2009, in/uit een keet/pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid gereedschap, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 20] (zie proces-verbaal zaak 55) en/of

- op of omstreeks 13 februari 2009 tot en met 19 februari 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], (onder meer) een hoeveelheid gereedschap en/of een fax/printer/scanner en/of een bladblazer en/of een aggregaat en/of een hogedrukreiniger, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 21] (zie proces-verbaal zaak 57) en/of

- op of omstreeks 13 maart 2009 tot en met 19 maart 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], (buitenlands) geld en/of muziekinstrumenten en/of een medaille, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 7] (zie proces-verbaal zaak 58) en/of

- op of omstreeks 16 maart 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een notebook en/of een gsm en/of een identiteitsbewijs, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 22] en/of [slachtoffer 32] (zie proces-verbaal zaak 59) en/of

- op of omstreeks 7 februari 2009 tot en met 8 februari 2009, in/uit een keet/pand (gelegen aan of bij [straat]) te [plaats], (onder meer), een kluis (met inhoud) en/of een hoeveelheid gereedschap (onder meer een waterpas) en/of een computer en/of een USB-stick en/of een camera, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 23] (zie proces-verbaal zaak 60) en/of

- op of omstreeks 29 maart 2009 tot en met 31 maart 2009, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een koffertje met klemkoppelingen, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 24] (zie proces-verbaal zaak 63) en/of

- op of omstreeks 6 maart 2009 tot en met 9 maart 2009, in/uit een loods/pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een hoeveelheid gereedschap, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 25] (zie proces-verbaal zaak 69) en/of

- op of omstreeks 7 februari 2009 tot en met 8 februari 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een klauwhamer en/of batterijen en/of een discusslot, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 26] (zie proces-verbaal zaak 74) en/of

- op of omstreeks 30 januari 2009, in/uit een (bedrijfs)pand) (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], (onder meer) een fotocamera en/of een TFT-scherm en/of navigatieapparatuur en/of een hoeveelheid gereedschap, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 27] (zie proces-verbaal zaak 75) en/of

- op of omstreeks 11 februari 2009 tot en met 12 februari 2009, in/uit een (bedijfs)pand (gelegen aan of bij [straat]) te [plaats], een (aantal) compressor(s) en/of een hoeveelheid gereedschap, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 6] (zie proces-verbaal zaak 77) en/of

- op of omstreeks 6 maart 2009 tot en met 9 maart 2009, in/uit een container/pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een generator en/of een hoeveelheid gereedschap, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 5] en/of [slachtoffer 33] (zie proces-verbaal zaak 78) en/of

- op of omstreeks 11 maart 2009, in/uit een woning (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een kluis met 3000,- euro en/of een (aantal) flatscreen TV('s) en/of een laptop en/of een piccolo, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 28] (zie proces-verbaal zaak 79) en/of

- op of omstreeks 15 december 2008, in/uit een woning gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een laptop en/of een DVD-speler en/of sieraden, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 29] (zie proces-verbaal zaak 80) en/of

- op of omstreeks 19 december 2008 tot en met 22 december 2008, in/uit een (bedrijfs)pand (gelegen aan of bij de [straat]) te [plaats], een (aantal) laptop('s), geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 10] (zie proces-verbaal zaak 81);

subsidiair zo vorenstaande niet mocht leiden tot schuldigverklaring van en strafoplegging aan verdachte

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2009 tot en met 1 april 2009 te [plaats] en/of te [plaats], in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, op verschillende tijdstippen, in elk geval eenmaal (telkens) een wasdroger (Siemens) en/of een (aantal) laptop(s) (merk Medion en/of HP) en/of een kniptang en/of een combinatietang en/of een (aantal) flatscreen TV('s) (merk JVC en/of Panasonic) en/of een kist met frees en/of een klopboor en/of een telefoon (merk Samsung) en/of een gereedschapkist een printer/scanner/fax (merk HP) en/of een doos met piccolo en/of een hoeveelheid overige goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van voornoemde goederen (telkens) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

1. primair

hij in de periode van 2 januari 2009 tot en met 1 april 2009, op diverse data en tijdstippen, in Nederland, meermalen tezamen en in vereniging met een ander, of alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen nader te noemen goederen, toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en zijn mededader, waarbij verdachte en/of zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming, te weten:

- op 1 april 2009 uit een bouwkeet, gelegen aan of bij de [straat] te [plaats], een aggregaat, toebehorende aan [slachtoffer 2] en

- op 1 april 2009, uit een bedrijfspand, gelegen aan de [straat] te [plaats], CV-ketels, toebehorende aan [benadeelde 1] en

- in de periode van 27 maart 2009 tot en met 30 maart 2009 uit een woning, gelegen aan de [straat] te [plaats], een wasmachine en een wasdroger en een geldkist en een hoeveelheid sieraden, toebehorende aan [slachtoffer 3] en

- in de periode van 20 maart 2009 tot en met 23 maart 2009, uit een pand, gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid keukenapparatuur en verlichting en kabels, toebehorende aan [slachtoffer 4] en

- in de periode van 24 maart 2009 tot en met 25 maart 2009, uit een keet gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid gereedschap, te weten een gleufstamper en een bandenzaag, toebehorende aan [slachtoffer 5] en

- in de periode van 9 februari 2009 tot en met 10 februari 2009, uit een bedrijfspand, gelegen aan of bij de [straat] te [plaats], een hoeveelheid gereedschap en een hoeveelheid kleding en schoenen en een laptop toebehorende aan [benadeelde 2] en

- op 26 februari 2009, uit een woning, gelegen aan of bij de [straat]l te [plaats], een flatscreen en een laptop en camera's en sieraden en geld, toebehorende aan [slachtoffer 6] en

- op 4 januari 2009, uit een woning, gelegen aan de [straat] te [plaats], navigatiesystemen en camera's en sieraden, toebehorende aan [slachtoffer 7] en

- op 7 maart 2009 uit een woning, gelegen aan of bij de [straat] te [plaats], foto- en videocamera's en een verrekijker en een gsm en een tas, toebehorende aan [benadeelde 9] en

- op 25 maart 2009, uit een bedrijfspand, gelegen aan het [straat] te [plaats], een dekbed en kussens toebehorende aan de [slachtoffer 31] en

- in de periode van 24 januari 2009 tot en met 25 januari 2009, uit een woning gelegen aan de [straat] te [plaats], een aanhangwagen en een trilplaat en sieraden en geld, toebehorende aan [slachtoffer 8] en

- in de periode van 28 februari 2009 tot en met 1 maart 2009, uit een woning, gelegen aan of bij de [straat] te [plaats], een flatscreen TV en een TomTom (+lader) en een gsm en een fotocamera, toebehorende aan [slachtoffer 9] en

- op 28 februari 2009, uit een bedrijfspand, gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid geld (ongeveer 1500,- euro) toebehorende aan [slachtoffer 9] en

- op 22 maart 2009, uit een woning, gelegen aan bij de [straat] te [plaats], camera's en sieraden en een doosje met afbeelding van een lammetje, toebehorende aan [slachtoffer 10] en

- op 13 februari 2009, uit een bedrijfspand, gelegen aan de [straat] te [plaats], een computer en een hoeveelheid gereedschap en radio's en zonnebrillen, toebehorende aan [slachtoffer 11] en

- op 24 maart 2009, uit een woning, gelegen aan of bij de [straat] te [plaats], een laptop, toebehorende aan [slachtoffer 12] en

- op 6 februari 2009, uit een woning, gelegen aan de [straat]l te [plaats], een flatscreen TV en fotocamera's, toebehorende aan [slachtoffer 13] en

- in de periode van 30 januari 2009 tot en met 31 januari 2009, uit een schuur, gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid elektrische gereedschappen, te weten een klopboor en een decoupeerzaag, toebehorende aan [slachtoffer 14] en

- in de periode van 20 januari 2009 tot en met 21 januari 2009, uit een woning, gelegen aan de [straat] te [plaats], een LCD TV en een laptop en een camera en een navigatiesysteem en een gsm, toebehorende aan [slachtoffer 15] en

- in de periode van 4 februari 2009 tot en met 5 februari 2009, uit een bouwkeet gelegen aan de [straat] te [plaats], Maglite's en gereedschap, toebehorende aan [bedrijf] en

- in de periode van 13 februari 2009 tot en met 23 februari 2009, uit een bouwkeet gelegen aan de [straat] te [plaats], een gleufstamper, toebehorende aan [slachtoffer 16] en

- in de periode van 13 maart 2009 tot en met 14 maart 2009, uit een schuur, gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid gereedschap en een paardrijzadel en een bosmaaier, toebehorende aan [slachtoffer 17] en

- uit een woning, gelegen aan de [straat] te [plaats], een flatscreen TV en een aantal gsm's en een verrekijker en een sieraad, toebehorende aan [slachtoffer 30] en

- op 22 februari 2009, uit een woning gelegen aan de [straat] te [plaats], een portemonnee en geld en een verrekijker, toebehorende aan [slachtoffer 19] en

- in de periode van 13 februari 2009 tot en met 16 februari 2009, uit een keet, gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid gereedschap, toebehorende aan [slachtoffer 20] en

- in de periode van 13 februari 2009 tot en met 19 februari 2009, uit een bedrijfspand, gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid gereedschap en een fax/printer en een bladblazer en een aggregaat en een hogedrukreiniger, toebehorende aan [slachtoffer 21] en

- in de periode van 13 maart 2009 tot en met 19 maart 2009, uit een woning, gelegen aan of de [straat] te [plaats], buitenlands geld en muziekinstrumenten en een medaille, toebehorende aan [benadeelde 7] en

- op 16 maart 2009, uit een woning, gelegen aan de [straat] te [plaats], een notebook en een gsm en een identiteitsbewijs, toebehorende aan [slachtoffer 22] en [slachtoffer 32] en

- in de periode van 7 februari 2009 tot en met 8 februari 2009, uit een keet, gelegen aan [straat] te [plaats], een kluis met inhoud en een hoeveelheid gereedschap, toebehorende aan [slachtoffer 23] en

- in de periode van 29 maart 2009 tot en met 31 maart 2009, uit een bedrijfspand gelegen aan of bij de [straat] te [plaats], een koffertje met klemkoppelingen, toebehorende aan [slachtoffer 24] en

- in de periode van 6 maart 2009 tot en met 9 maart 2009, uit een loods, gelegen aan de [straat] te [plaats], een hoeveelheid gereedschap, toebehorende aan [slachtoffer 25] en

- in de periode van 7 februari 2009 tot en met 8 februari 2009, uit een woning, gelegen aan de [straat] te [plaats], een klauwhamer en batterijen en een discusslot, toebehorende aan [slachtoffer 26] en

- op 30 januari 2009, uit een bedrijfspand, gelegen aan de [straat] te [plaats], een fotocamera en een TFT-scherm en navigatieapparatuur en een hoeveelheid gereedschap, toebehorende aan [slachtoffer 27] en

- in de periode van 11 februari 2009 tot en met 12 februari 2009 uit een bedrijfspand, gelegen aan [straat] te [plaats], compressors en een hoeveelheid gereedschap, toebehorende aan [benadeelde 6] en

- in de periode van 6 maart 2009 tot en met 9 maart 2009, uit een container, gelegen aan de [straat] te [plaats], een generator en gereedschap, toebehorende aan [benadeelde 5] of [slachtoffer 33] en

- op 11 maart 2009, uit een woning, gelegen aan de [straat] te [plaats], een kluis met 3000,- euro en flatscreen TV's en een laptop en een piccolo, toebehorende aan [slachtoffer 28].

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1. primair meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:

diefstal, en

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, meermalen gepleegd, en

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming, meermalen gepleegd, en

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel valse sleutels.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich tezamen met zijn (ex)zwager schuldig gemaakt aan een grote reeks inbraken. Door aldus te handelen heeft verdachte veelvuldig inbreuk gemaakt op de eigendomsrechten van de eigenaren. Verdachte en zijn mededaders gingen tijdens de inbraken niets ontziend te werk. Zo werden er ramen en deuren opengebroken en werden de woningen veelal van onder tot boven doorzocht. Veel eigenaren troffen nadien dan ook een grote ravage aan. Verdachte handelde slechts uit persoonlijk financieel gewin en heeft de schade die hij berokkende aan de eigenaren daarbij op de koop toe genomen.

Het hof heeft kennisgenomen van een verdachte betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie, d.d. 16 april 2010, waaruit blijkt dat verdachte eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld.

Het hof is op grond van genoemde feiten en omstandigheden van oordeel dat niet kan worden volstaan met een andere straf dan een grotendeels onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Het hof acht de in eerste aanleg opgelegde gevangenisstraf van 48 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk - welke straf eveneens door de advocaat-generaal is gevorderd - passend en noodzakelijk. Het hof zal die straf dan ook aan verdachte opleggen.

Benadeelde partij [benadeelde 1]

Uit het onderzoek ter 's hofs terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij, [benadeelde 1], zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd en dat haar vordering in eerste aanleg geheel is toegewezen. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar gehele vordering tot schadevergoeding in het geding in het hoger beroep voort.

De vordering is van de zijde van verdachte niet, althans onvoldoende, weersproken, zodat het hof deze vordering toewijzen, met dien verstande dat het hof slechts het bedrag dat het slachtoffer als schade, in de zin van het eigen risico heeft geleden, te weten een bedrag van € 3000,00 zal toewijzen.

Gelet hierop dient de verdachte, als de in het ongelijk gestelde partij, te worden veroordeeld in de kosten van het geding door de hierboven genoemde benadeelde partij gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil en in de kosten ten behoeven van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Hoofdelijkheid

De verdachte is jegens de benadeelde partij niet tot vergoeding van dit bedrag gehouden voor zover zijn mededader het bedrag reeds heeft voldaan.

Schadevergoedingsmaatregel

Het hof zal voormeld bedrag tevens toewijzen in de vorm van een schadevergoedings-maatregel.

Het hof zal de benadeelde partij voor het overige deel niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering omdat deze voor dit gedeelte niet van eenvoudige aard is. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Benadeelde partij [benadeelde 2]

Uit onderzoek ter 's hof terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij [benadeelde 2], zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg gedeeltelijk is toegewezen en dat zij zich in het geding in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort, voor zover die vordering in eerste aanleg is toegewezen.

De vordering is van de zijde van verdachte niet, althans onvoldoende, weersproken, zodat het hof deze vordering ad € 224,00 zal toewijzen.

Gelet hierop dient de verdachte, als de in het ongelijk gestelde partij, te worden veroordeeld in de kosten van het geding door de hierboven genoemde benadeelde partij gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil en in de kosten ten behoeven van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Hoofdelijkheid

De verdachte is jegens de benadeelde partij niet tot vergoeding van dit bedrag gehouden voor zover zijn mededader het bedrag reeds heeft voldaan.

Schadevergoedingsmaatregel

Het hof zal voormeld bedrag tevens toewijzen in de vorm van een schadevergoedings-maatregel.

Benadeelde partij [benadeelde 8]

Nu uit het onderzoek ter 's hofs terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij [benadeelde 8] zich in het geding in eerste aanleg niet op de juiste wijze, te weten niet middels het indienen van het voorgeschreven formulier, heeft ingediend is zij daartoe onbevoegd in het geding in hoger beroep en dient zij in haar vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard.

Benadeelde partij [benadeelde 3]

Uit het onderzoek ter 's hof terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij [benadeelde 3] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering gedeeltelijk is toegewezen en dat zij zich binnen de grenzen van haar eerste vordering in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort.

De vordering is van de zijde van verdachte niet, althans onvoldoende, weersproken, zodat het hof deze vordering zal toewijzen, met uitzondering van de gevorderde BTW nu dit bedrag door de benadeelde verrekend kan worden. Het hof zal derhalve een bedrag van € 2.132,60 toewijzen.

Gelet hierop dient de verdachte, als de in het ongelijk gestelde partij, te worden veroordeeld in de kosten van het geding door de hierboven genoemde benadeelde partij gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil en in de kosten ten behoeven van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Hoofdelijkheid

De verdachte is jegens de benadeelde partij niet tot vergoeding van dit bedrag gehouden voor zover zijn mededader het bedrag reeds heeft voldaan.

Schadevergoedingsmaatregel

Het hof zal voormeld bedrag tevens toewijzen in de vorm van een schadevergoedings-maatregel.

Het hof zal de benadeelde partij voor het overige deel niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering omdat deze voor dit gedeelte niet van eenvoudige aard is. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Benadeelde partij [benadeelde 7]

Uit het onderzoek ter 's hof terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij [benadeelde 7] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg niet is toegewezen en dat zij zich in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in het hoger beroep voort.

Het hof is van oordeel dat de vordering van de benadeelde partij, niet van zo eenvoudige aard is, dat zij zich leent voor behandeling in het strafgeding. Gelet op het bepaalde in artikel 361, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, dient de benadeelde partij in haar vordering niet ontvankelijk te worden verklaard, met bepaling, dat de benadeelde partij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Benadeelde partij [benadeelde 6]

Uit het onderzoek ter 's hof terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij [benadeelde 6] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg niet is toegewezen en dat zij zich in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in het hoger beroep voort.

Het hof is van oordeel dat de vordering van de benadeelde partij niet van zo eenvoudige aard is, dat zij zich leent voor behandeling in het strafgeding. Gelet op het bepaalde in artikel 361, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, dient de benadeelde partij in haar vordering niet ontvankelijk te worden verklaard, met bepaling, dat de benadeelde partij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Benadeelde partij [benadeelde 4] en [benadeelde 5]

Uit het onderzoek ter 's hof terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij [benadeelde 4] en [benadeelde 5] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering gedeeltelijk is toegewezen en dat zij zich binnen de grenzen van haar eerste vordering in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort.

De vordering is van de zijde van verdachte niet, althans onvoldoende, weersproken, zodat het hof deze vordering toewijzen, met uitzondering van de gevorderde BTW nu dit bedrag door de benadeelde verrekend kan worden. Het hof zal derhalve een bedrag van € 3.390,50 toewijzen.

Gelet hierop dient de verdachte, als de in het ongelijk gestelde partij, te worden veroordeeld in de kosten van het geding door de hierboven genoemde benadeelde partij gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil en in de kosten ten behoeven van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Hoofdelijkheid

De verdachte is jegens de benadeelde partij niet tot vergoeding van dit bedrag gehouden voor zover zijn mededader het bedrag reeds heeft voldaan.

Schadevergoedingsmaatregel

Het hof zal voormeld bedrag tevens toewijzen in de vorm van een schadevergoedings-maatregel.

Het hof zal de benadeelde partij voor het overige deel niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering omdat deze voor dit gedeelte niet van eenvoudige aard is. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Benadeelde partij [benadeelde 9]

Nu uit onderzoek ter 's hof terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij

[benadeelde 9] zich in het geding in eerste aanleg te laat heeft gevoegd, te weten één dag na de terechtzitting in eerste aanleg, is zij daartoe onbevoegd in het geding in hoger beroep en dient zij in haar vordering niet ontvankelijk te worden verklaard.

Benadeelde partij [benadeelde 10]

Uit het onderzoek ter 's hof terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg niet is toegewezen en zij zich in het geding in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep niet voort en kan het hof niet op die vordering beslissen.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 57, 300 en 311 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

verklaart de verdachte niet ontvankelijk in zijn hoger beroep, voor zover dit is gericht tegen de vrijspraak ter zake van het onder 2. en 3. ten laste gelegde;

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1. primair ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1. primair meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van achtenveertig maanden;

beveelt, dat van de gevangenisstraf een gedeelte van zes maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde v??r de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht;

wijst toe de vordering van de benadeelde partij, [benadeelde 1], gevestigd te [vestigingsplaats], [adres], tot een bedrag van drieduizend euro;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt - tot aan deze uitspraak begroot op nihil - en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan verdachte tevens de verplichting op tot betaling aan de Staat van drieduizend euro ten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde 1], gevestigd te [vestigingsplaats], [adres];

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van veertig dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

wijst toe de vordering van de benadeelde partij, [benadeelde 2], gevestigd te [adres], tot een bedrag van tweehonderd en vierentwintig euro;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt - tot aan deze uitspraak begroot op nihil - en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan verdachte tevens de verplichting op tot betaling aan de Staat van tweehonderd en vierentwintig euro, ten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde 2], gevestigd te [adres]

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van vier dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

verklaart de benadeelde partij [benadeelde 8] niet-ontvankelijk in de vordering;

bepaalt dat deze benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

wijst toe de vordering van de benadeelde partij, [benadeelde 3], wonende te [woonplaats], [adres], tot een bedrag van tweeduizend éénhonderd tweeëndertig euro en zestig eurocent;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt - tot aan deze uitspraak begroot op nihil - en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan verdachte tevens de verplichting op tot betaling aan de Staat van tweeduizend éénhonderd tweeëndertig euro en zestig eurocent ten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde 3], wonende te [woonplaats], [adres];

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van eenendertig dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

verklaart de benadeelde partij voor het overige niet ontvankelijk in de vordering;

verklaart de benadeelde partij [benadeelde 7] niet-ontvankelijk in de vordering;

bepaalt dat deze benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

verklaart de benadeelde partij [benadeelde 6] niet-ontvankelijk in de vordering;

bepaalt dat deze benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

wijst toe de vordering van de benadeelde partij, [benadeelde 4] en [benadeelde 5], gevestigd te [plaats], [adres], tot een bedrag van drieduizend driehonderd negentig euro en vijftig eurocent;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt - tot aan deze uitspraak begroot op nihil - en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan verdachte tevens de verplichting op tot betaling aan de Staat van drieduizend driehonderd negentig euro en vijftig eurocent ten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde 4] en [benadeelde 5], gevestigd te [plaats], [adres];

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van drie?nveertig dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

met dien verstande, dat indien de mededader van veroordeelde dit bedrag of een gedeelte daarvan heeft betaald, de veroordeelde in zoverre is of zal zijn bevrijd;

verklaart de benadeelde partij voor het overige niet ontvankelijk in de vordering;

verklaart de benadeelde partij [benadeelde 9] niet-ontvankelijk in de vordering;

bepaalt dat deze benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. J.J. Beswerda, voorzitter, mr. W.M. van Schuijlenburg en mr. J.A.A.M. van Veen, in tegenwoordigheid van H. Pool als griffier, zijnde mr. Van Schuijlenburg voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.