Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2010:BN0287

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
25-06-2010
Datum publicatie
05-07-2010
Zaaknummer
24-003266-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het hof geeft geen toepassing aan het bepaalde in artikel 416 lid 2 van het Wetboek van Strafvordering in verband met de wijze waarop het strafrechtelijk verwijt aan verdachte ten laste is gelegd. Verdachte wordt ter zake van het binnendringen van een openbaar lokaal vrijgesproken, omdat een supermarkt niet kan worden aangemerkt als een voor de openbare dienst bestemd lokaal.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-003266-09

Parketnummer eerste aanleg: 17-753853-09

Arrest van 25 juni 2010 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Leeuwarden van 27 oktober 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1974] te [geboorteplaats],

postadres te [postadres],

niet ter terechtzitting verschenen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte met toepassing van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering niet ontvankelijk zal verklaren in haar hoger beroep.

Ontvankelijkheid van het hoger beroep

Het hof stelt vast dat verdachte, voorafgaande aan de behandeling van haar strafzaak in hoger beroep, geen bezwaren tegen het beroepen vonnis heeft opgegeven en evenmin ter terechtzitting in hoger beroep is verschenen. Zulks zou op de voet van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering met zich kunnen brengen dat zij niet ontvankelijk wordt verklaard in haar hoger beroep. Het hof zal daartoe in de onderhavige zaak echter niet overgaan, omdat deze zaak noopt tot ambtshalve behandeling in verband met de wijze waarop het strafrechtelijk verwijt aan verdachte ten laste is gelegd.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

zij op of omstreeks 25 februari 2009 te [plaats], (althans) in de gemeente [gemeente], wederrechtelijk is binnengedrongen in een voor de openbare dienst bestemd lokaal, te weten supermarkt [bedrijf], gelegen aan het [adres].

Vrijspraak

Verdachte wordt verweten dat zij op 25 februari 2009 wederrechtelijk is binnengedrongen in een voor de openbare dienst bestemd lokaal, te weten supermarkt [bedrijf]. Omdat een supermarkt niet kan worden aangemerkt als een voor de openbare dienst bestemd lokaal, acht het hof het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen, zodat verdachte daarvan moet worden vrijgesproken.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde niet bewezen en spreekt haar daarvan vrij.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter, mr. H. Heins en mr. G.N. Roes, in tegenwoordigheid van mr. J. Brink als griffier, zijnde mr. G.N. Roes buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.