Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2010:BM6220

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
31-05-2010
Datum publicatie
31-05-2010
Zaaknummer
24-000920-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Veroordeelde is door het hof veroordeeld voor het opzettelijk telen van hennep. Het hof neemt als uitgangspunt dat de veroordeelde eenzelfde hoeveelheid als de aangetroffen (zeer geringe) hoeveelheid hennepplanten tweemaal eerder heeft geoogst. Gelet hierop bestaan er naar het oordeel van het hof onvoldoende aanwijzingen dat de veroordeelde uit voornoemd feit daadwerkelijk wederrechtelijk voordeel heeft verkregen, nu niet aannemelijk is geworden dat de voor veroordeelde genoten inkomsten uitgaan boven de investeringskosten. De vordering wordt afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000920-09 (ontnemingszaak)

Parketnummer eerste aanleg: 19-606024-08

Arrest van 31 mei 2010 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Assen van

20 maart 2009, in de zaak strekkende tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel tegen:

[veroordeelde],

geboren op [1973] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman, mr. M.R.P. Ossentjuk, advocaat te Groningen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Assen heeft bij voormeld vonnis, op tegenspraak gewezen, onder verwijzing naar het vonnis d.d. 21 november 2008 van voormelde politierechter in de rechtbank Assen in de strafzaak met parketnummer 19-606024-08, het door veroordeelde door middel van en/of uit baten van het door hem gepleegde strafbare feit wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op € 3.145,- en hem de verplichting opgelegd € 3.145,- aan de Staat te betalen, ter ontneming van dat voordeel.

Gebruik van het rechtsmiddel

De veroordeelde is op de voorgeschreven wijze en tijdig van voormelde uitspraak in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep van 12 april 2010 en 17 mei 2010, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de omvang van het bedrag, waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden geschat, zal bepalen op € 3.938,- en de terugbetalingsverplichting zal vaststellen op € 3.938,-.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis, waarvan beroep, vernietigen en opnieuw recht doen.

De vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel

De veroordeelde is bij arrest van dit hof (parketnummer 24-002960-08) ter zake van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3, aanhef en onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd, te weten het opzettelijk telen van hennep, veroordeeld tot een straf.

Beoordeling van de vordering van het openbaar ministerie

In de woning van verdachte is op 13 juni 2008 een ingerichte en in werking zijnde hennepkwekerij bestaande uit 14 planten aangetroffen. Verdachte heeft verklaard eenzelfde hoeveelheid als de aangetroffen hoeveelheid planten tweemaal (eerder) te hebben geoogst. Nu naar het oordeel van het hof niet aannemelijk is geworden dat er vaker is geoogst, zal het hof vorenstaande als uitgangspunt voor de berekening nemen.

Gelet hierop is het hof van oordeel dat er niet voldoende aanwijzingen bestaan dat de veroordeelde uit voornoemd feit daadwerkelijk wederrechtelijk voordeel heeft verkregen, nu niet aannemelijk is geworden dat de door veroordeelde genoten inkomsten - met inbegrip van de besparing van kosten - uitgaan boven de investeringskosten. De vordering zal derhalve worden afgewezen.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

wijst de vordering ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel af.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. G.M. Meijer-Campfens, voorzitter, mr. S. Zwerwer en mr. H. Heins, in tegenwoordigheid van mr. L. Keekstra als griffier, zijnde mr. Zwerwer voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.