Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2009:BK3754

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
17-11-2009
Datum publicatie
19-11-2009
Zaaknummer
24-001261-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt ter zake van het meermalen plegen van ontucht met een zwakbegaafde minderjarige en een verkrachting van een minderjarige veroordeeld tot 48 maanden gevangenisstraf waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren met bijzondere voorwaarde reclasseringscontact.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Parketnummer: 24-001261-09

Parketnummer eerste aanleg: 17-880018-09

Arrest van 17 november 2009 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Leeuwarden van 12 mei 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1978] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

thans verblijvende in PI Noord, gevangenis De Marwei te Leeuwarden,

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman mr. A.A. Scholtmeijer, advocaat te Heerenveen.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf en heeft voorts beslist op de vorderingen van de benadeelde partijen, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte zal veroordelen ter zake van het hem onder 1 subsidiair en 2 primair ten laste gelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van 48 maanden waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren met als bijzondere voorwaarde toezicht van de reclassering.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

1 primair

hij in of omstreeks de periode van 4 november 2005 tot en met 31 oktober 2006,

in elk geval in het jaar 2005 en/of het jaar 2006, te of bij [plaats], (althans)

in de gemeente [gemeente],in elk geval in Nederland, meermalen,

althans eenmaal, door (een) (andere) feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die

bestond(en)uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het

lichaam van die [slachtoffer 1], hebbende verdachte in voornoemde

periode meermalen, althans eenmaal,

- zijn, verdachtes, penis en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 1]

[slachtoffer 1] geduwd/gebracht en zodoende die [slachtoffer 1]

(telkens) zogenoemd geneukt en/of gevingerd en/of

- die [slachtoffer 1] (telkens) zogenoemd getongzoend

en bestaande die (andere) feitelijkhe(i)d(en) (telkens) hierin dat verdachte,

(zulks terwijl die [slachtoffer 1] in voornoemde periode (telkens)

- door verdachte in de gelegenheid werd gesteld en/of werd toegestaan bier,

althans alcoholhoudende drank, te drinken en/of

- bij verdachte in een door hem bewoonde caravan heeft gelogeerd/overnacht

en/of

zulks terwijl die [slachtoffer 1] toen daar aan de zorg en/of

waakzaamheid van verdachte was toevertrouwd,)

A. (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van een psychisch overwicht

welke verdachte, (mede) gelet op

- verdachtes leeftijd en/of

- de minderjarige leeftijd van die [slachtoffer 1] en/of

- verdachtes geestelijke ontwikkeling en/of overwicht en/of

- de (beperkte) geestelijke ontwikkeling van die [slachtoffer 1] en/of

- de (mede) gelet op de hierboven genoemde omstandigheden voor die [slachtoffer 1] ontstane (afhankelijke) situatie, (telkens) op de [slachtoffer 1] had, en/of

B. (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van een fysiek overwicht, welke verdachte (telkens) op de [slachtoffer 1] had,

in welke psychische en/of fysieke overwicht(situatie) die [slachtoffer 1] zich (telkens) niet kon en/of durfde verzetten en/of onttrekken tegen/aan die seksuele handeling van verdachte en/of (aldus) voor die [slachtoffer 1] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan;

1 subsidiair

hij in of omstreeks de periode van 4 november 2005 tot en met 31 oktober 2006,

in elk geval in het jaar 2005 en/of het jaar 2006, te of bij [plaats], (althans)

in de gemeente [gemeente], in elk geval in Nederland, (in een door

verdachte bewoonde caravan) meermalen, althans eenmaal, met [slachtoffer 1] (geboren op [1993]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog

niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige

handeling(en) heeft gepleegd, die (telkens) bestond(en) uit of mede

bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die

[slachtoffer 1], hebbende verdachte (telkens)

- zijn, verdachtes, penis en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 1]

[slachtoffer 1] geduwd/gebracht en zodoende die [slachtoffer 1]

(telkens) zogenoemd geneukt en/of gevingerd en/of

- die [slachtoffer 1] (telkens) zogenoemd getongzoend;

(artikel 245 van het Wetboek van Strafrecht)

2 primair

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2006 tot en met 31 oktober 2006,

in elk geval in het jaar 2006, te of bij [plaats], (althans) in de gemeente

[gemeente], in elk geval in Nederland, (in een door verdachte bewoonde

caravan) door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met

geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 2] heeft gedwongen

tot het ondergaan van (een) handeling(en) die bestond(en) uit of mede

bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2], hebbende verdachte in voornoemde periode

- zijn, verdachtes, penis en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 2]

geduwd/gebracht en zodoende die [slachtoffer 2] zogenoemd geneukt

en/of gevingerd en/of

- die [slachtoffer 2] zogenoemd getongzoend

en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging

met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte,

(zulks terwijl die [slachtoffer 2] in voornoemde periode in een door

verdachte bewoonde caravan op de kinderen van verdachte heeft gepast en/of bij

verdachte in die caravan heeft gelogeerd en/of overnacht en/of zulks terwijl

die [slachtoffer 2] toen aldaar aan de zorg en/of waakzaamheid van verdachte

was toevertrouwd,)

bij die [slachtoffer 2] op een bed is gaan zitten en/of gaan en/of blijven

liggen en/of de broek en/of onderbroek van die [slachtoffer 2] heeft

uitgetrokken, althans naar beneden heeft getrokken en/of de benen van die [slachtoffer 2] heeft vastgehouden en/of op het lichaam van die [slachtoffer 2] is gaan en/of blijven liggen en/of nadat die [slachtoffer 2] had gehuild en/of verdachte had medegedeeld dat hij van haar af moest gaan, is doorgegaan met bovengenoemde seksuele handeling van verdachte en/of

dat verdachte opzettelijk gebruik heeft gemaakt van

A. een psychisch overwicht welke verdachte, (mede) gelet op

- verdachtes leeftijd en/of

- de minderjarige leeftijd van die [slachtoffer 2] en/of

- verdachtes geestelijke ontwikkeling (en/of overwicht) en/of

- de geestelijke ontwikkeling van die [slachtoffer 2] en/of

- de ((mede) gelet op de hierboven genoemde omstandigheden) voor die [slachtoffer 2]

ontstane (afhankelijke) situatie, (telkens) op de [slachtoffer 2] had, en/of

B. een fysiek overwicht, welke verdachte (telkens) op de [slachtoffer 2] had,

in welke psychische en/of fysieke overwicht(situatie) die [slachtoffer 2] zich (telkens) niet kon en/of durfde verzetten en/of onttrekken tegen/aan die seksuele gemeenschap en/of seks met hem, verdachte en/of (aldus) voor die [slachtoffer 2] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan;

2 subsidiair

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2006 tot en met 31 oktober 2006,

in elk geval in of omstreeks het jaar 2006, te of bij [plaats], (althans) in de

gemeente [gemeente], in elk geval in Nederland, met [slachtoffer 2]

(geboren op [1992]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet

die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige

handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het

seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2], hebbende

verdachte

- zijn, verdachtes, penis en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 2]

geduwd/gebracht en zodoende die [slachtoffer 2] zogenoemd geneukt

en/of gevingerd en/of

- die [slachtoffer 2] zogenoemd getongzoend;

Vrijspraak

Het hof acht niet bewezen hetgeen onder 1 primair aan verdachte is ten laste gelegd, zodat hij daarvan moet worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

1 subsidiair

hij in de periode van 4 november 2005 tot en met 31 oktober 2006,

te [plaats], in de gemeente [gemeente], in een door verdachte bewoonde caravan, meermalen met [slachtoffer 1] (geboren op [1993]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1], hebbende verdachte

- zijn, verdachtes, penis en/of vingers in de vagina van die [slachtoffer 1]

[slachtoffer 1] geduwd/gebracht en zodoende die [slachtoffer 1]

zogenoemd geneukt en/of gevingerd en

- die [slachtoffer 1] zogenoemd getongzoend;

2 primair

hij in de periode van 1 januari 2006 tot en met 31 oktober 2006, te [plaats], in de gemeente [gemeente], in elk geval in Nederland, in een door verdachte bewoonde caravan door geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het ondergaan van een handeling die bestond uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2], hebbende verdachte in voornoemde periode

- zijn, verdachtes, penis in de vagina van die [slachtoffer 2] geduwd/gebracht en zodoende die [slachtoffer 2] zogenoemd geneukt,

bestaande dat geweld of die andere feitelijkheid hierin dat verdachte,

zulks terwijl die [slachtoffer 2] in voornoemde periode in een door

verdachte bewoonde caravan op de kinderen van verdachte heeft gepast en bij

verdachte in die caravan heeft overnacht,

bij die [slachtoffer 2] op een bed is gaan zitten en de broek van die [slachtoffer 2] heeft uitgetrokken en de benen van die [slachtoffer 2] heeft vastgehouden en op het lichaam van die [slachtoffer 2] is gaan liggen en nadat die [slachtoffer 2] had gehuild en verdachte had medegedeeld dat hij van haar af moest gaan, is doorgegaan met bovengenoemde seksuele handeling van verdachte.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld 1 subsidiair en 2 primair meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert respectievelijk op de misdrijven:

1 subsidiair: met iemand, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam,

2 primair: verkrachting.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan ontucht met de destijds 12-jarige, zwakbegaafde, [slachtoffer 1] en verkrachting van de destijds 13-jarige [slachtoffer 2]. Verdachte bewoonde een caravan op camping [camping] te [plaats] en was daar de buurman van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. Beide meisjes kwamen kwam vaak bij hem over de vloer.

Verdachte heeft meerdere malen gemeenschap met [slachtoffer 1] gehad. Verdachte verkeerde daarbij regelmatig zwaar onder invloed van alcohol. Verdachte heeft naar het oordeel van het hof tevens misbruik gemaakt van de omstandigheid dat [slachtoffer 1] - naar uit de stukken blijkt - verliefd was op verdachte.

Verdachte heeft door zijn handelen misbruik gemaakt van de positie die hij als volwassene en buurman innam ten opzichte van zijn buurmeisjes. Hij heeft het vertrouwen dat de slachtoffers en hun moeder in hem stelden op ernstige wijze beschaamd en een ernstige inbreuk gemaakt op de psychische en lichamelijke integriteit van zijn buurmeisjes.

Uit een verslag van Orthopedagogisch behandelcentrum De Reeve te Kampen blijkt dat [slachtoffer 1] problemen heeft in de emotionele en sociale ontwikkeling welke gevolgen heeft voor haar ontwikkeling op (seksueel) relationeel gebied.

Uit een schriftelijke slachtofferverklaring van [slachtoffer 2] van 16 april 2009 blijkt dat zij nog steeds kampt met de gevolgen van de verkrachting.

Zo vindt zij het moeilijk om met jongens om te gaan en heeft zij weinig tot geen vertrouwen in volwassen mensen.

Door de Reclassering Nederland is op 19 maart 2009 een rapport over verdachte uitgebracht waarin zij - gelet op de persoon van de verdachte en de kans op recidive - adviseert in het vonnis twee bijzondere voorwaarden op te nemen:

- verplicht toezicht reclassering, inhoudende dat betrokkene zich laat behandelen/begeleiden door de AFP

- een leefstijltraining

In een aanvullend rapport van 2 november 2009 stelt de rapporteur dat er geen redenen zijn om af te wijken van bovenvermeld advies.

Het hof neemt hierbij tevens in aanmerking het advies tot een ambulante behandeling van verdachte door Ambulante Forensische Psychiatrie, zoals verwoord in het rapport van psycholoog W.J. Pool van 9 maart 2009.

Hoewel verdachte ter zitting van het hof heeft verklaard dat 'het niet had moeten gebeuren', is het hof niet overtuigd geraakt dat verdachte daadwerkelijk inzicht heeft in het laakbare van zijn gedrag.

Het hof houdt bij de strafoplegging rekening met een verdachte betreffend uittreksel uit het justitieel documentatieregister d.d. 2 september 2009, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

Alles afwegende, is het hof van oordeel dat een gevangenisstraf zoals in eerste aanleg is opgelegd en in hoger beroep is gevorderd passend en geboden is. Voor een andere, mildere, strafmodaliteit ziet het hof geen aanleiding.

Benadeelde partij

Uit het onderzoek ter zitting van het hof is gebleken, dat de benadeelde partij

[slachtoffer 1] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd en dat haar vordering in eerste aanleg is toegewezen. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort. Blijkens het voegingsformulier benadeelde partij in het strafproces vordert de benadeelde partij vergoeding van immateriële tot een bedrag van € 2.500,-.

Het hof acht de vordering van de benadeelde partij tot het bedrag van € 2.500,- toewijsbaar, nu naar het oordeel van het hof voldoende is komen vast te staan dat door het bewezen verklaarde onder 1 subsidiair aan de benadeelde partij tot dat bedrag schade is berokkend en dat de schade aan verdachte kan worden toegerekend.

Gelet op het vorenstaande dient verdachte, als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij, te worden veroordeeld in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

Aan verdachte zal daarnaast de verplichting worden opgelegd tot betaling aan de Staat van het toegewezen bedrag ten behoeve van voornoemd slachtoffer.

Uit het onderzoek ter zitting van het hof is gebleken, dat de benadeelde partij [slachtoffer 2] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd en dat in eerste aanleg aan de benadeelde partij een bedrag aan schade is toegewezen.

Blijkens het voegingsformulier benadeelde partij in het strafproces heeft de benadeelde partij weliswaar ingevuld welke gevolgen het strafbare feit voor haar heeft gehad maar heeft zij niet ingevuld welke schade zij heeft geleden en heeft zij daarbij ook geen bedrag(en) genoemd.

Nu de vordering onvoldoende is onderbouwd dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk te worden verklaard in haar vordering.

De vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Gelet op het vorenstaande dient de benadeelde partij, als in het ongelijk gestelde partij, te worden veroordeeld in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 36f, 57, 63, 242 en 245 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1 primair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart het verdachte onder 1 subsidiair en 2 primair ten laste gelegde bewezen, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 subsidiair en 2 primair meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van achtenveertig maanden;

beveelt, dat van de gevangenisstraf een gedeelte van acht maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, of de hierna te noemen bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;

stelt als bijzondere voorwaarde:

dat de veroordeelde zich zal stellen onder toezicht van de Stichting Reclassering Nederland en zich zal gedragen naar de aanwijzingen van die instelling;

draagt genoemde instelling op de veroordeelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen;

bepaalt dat dit toezicht door genoemde instelling reeds tijdens de proeftijd kan worden beëindigd;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht;

wijst toe de vordering van de benadeelde partij, [slachtoffer 1], wonende te [woonplaats], tot een bedrag van tweeduizend vijfhonderd euro;

veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt - tot aan deze uitspraak begroot op nihil - en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan verdachte tevens de verplichting op tot betaling aan de Staat van tweeduizend vijfhonderd euro ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 1], wonende te [woonplaats];

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van vijfendertig dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

bepaalt dat indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat van bovenvermeld bedrag, de verplichting om te voldoen aan de vordering van de benadeelde partij komt te vervallen, alsmede dat, indien veroordeelde aan de vordering van de benadeelde partij heeft voldaan, de verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen;

verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk in de vordering;

bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt - tot aan deze uitspraak begroot op nihil - en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. K. Lahuis, voorzitter, mr. W. Foppen en mr. H.K. Elzinga, in tegenwoordigheid van G.G. Eisma als griffier, zijnde mr. K. Lahuis en

mr. H.K. Elzinga buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.