Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2009:BK2690

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
10-11-2009
Datum publicatie
10-11-2009
Zaaknummer
24-001136-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Vrijspraak van openlijke geweldpleging, omdat door verdachte weliswaar een geweldshandeling is gepleegd, maar deze handeling niet kan worden herleid tot de openlijke geweldpleging, waarop de tenlastelegging naar het oordeel van het hof ziet.

Eveneens vrijspraak van een direct daarna plaatsvindend tweede incident, eveneens artikel 141 Wetboek van Strafrecht. Het hof acht dit tweede feit wel wettig, maar niet overtuigend bewezen. Niet-ontvankelijkverklaring benadeelde partijen in hun vordering als gevolg van deze vrijspraken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-001136-09

Parketnummer eerste aanleg: 18-653825-08

Arrest van 10 november 2009 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 22 april 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1988] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman, mr. K.J. Zeef, advocaat te Ter Apel.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Groningen heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf en beslissingen genomen op de vorderingen van de benadeelde partijen, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte voor het onder 1 primair en 2 primair ten laste gelegde zal veroordelen tot een werkstraf van 80 uren, subsidiair 40 dagen vervangende hechtenis. Voorts heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het hof de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1] zal toewijzen tot het gevorderde bedrag van € 45,- en de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] tot het in eerste aanleg toegewezen bedrag van € 1.500,-, met hoofdelijkheid en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

hij op of omstreeks 13 april 2008, te Ter Apel, in elk geval in de gemeente [gemeente], met een ander of anderen, op een voor het publiek toegankelijke plaats of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten het aan of nabij de [straat 1] gelegen café "[naam]", openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een of meer personen, genaamd [benadeelde 2] en/of [slachtoffer 1] en/of [benadeelde 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of een of meer andere in dat café "[naam]" aanwezige personen, welk geweld bestond uit

- het gooien en/of raken van die [benadeelde 2] en/of die [slachtoffer 1] met een of meer (bier)glazen, en/of

- het geven van een kopstoot aan die [benadeelde 1] en/of aan die [slachtoffer 3], en/of

- het duwen van en/of trekken aan die [slachtoffer 3], en/of

- het bij de keel grijpen van die [benadeelde 1], en/of

- het (opzij en/of weg) duwen van die [slachtoffer 2], en/of

- het schoppen en/of trappen van die [benadeelde 2] en/of die [slachtoffer 1] en/of die [benadeelde 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] en/of die/dat andere in dat café "[naam]" aanwezige perso(o)n(en);

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat:

hij op of omstreeks 13 april 2008, in het aan of nabij de [straat 1] gelegen café "[naam]", te Ter Apel, in elk geval in de gemeente [gemeente], (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [benadeelde 2]) met een of meer (bier)glazen heeft gegooid, althans geraakt, en/of heeft geschopt en/of getrapt, en/of een persoon (te weten [slachtoffer 1]) met een of meer (bier)glazen heeft gegooid, althans geraakt, en/of heeft geschopt en/of getrapt, en/of een persoon (te weten [benadeelde 1]) een kopstoot heeft gegeven en/of bij de keel heeft gegrepen en/of heeft geschopt en/of getrapt, en/of een persoon (te weten [slachtoffer 3]) een kopstoot heeft gegeven en/of heeft geduwd en/of (weg)getrokken en/of heeft geschopt en/of getrapt, en/of een persoon, (te weten [slachtoffer 2]) (opzij en/of weg) heeft geduwd en/of heeft geschopt en/of getrapt, en/of een of meer andere in dat café "[naam]" aanwezige personen heeft geschopt en/of getrapt, waardoor (een of meer van) voornoemde personen letsel hebben/heeft bekomen en/of pijn hebben/heeft ondervonden;

2.

hij op of omstreeks 13 april 2008, te Ter Apel, in elk geval in de gemeente [gemeente], met een ander of anderen, op of aan de openbare weg(en), de [straat 1] en/of de [straat 2], in elk geval op of aan een of meer openbare wegen, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een aan of nabij die [straat 1] en/of die [straat 2] staande auto (Volkswagen Charan) en/of tegen een of meer op of nabij die [straat 1] en/of die [straat 2] aanwezige personen, te weten [benadeelde 2] en/of [slachtoffer 1] en/of [benadeelde 1] en/of [slachtoffer 2], welk geweld bestond uit

- het slaan en/of stompen en/of kloppen tegen/op een of meer ruiten van die auto, (waarin zich toen een of meer van genoemde personen bevonden), en/of

- het slaan en/of stompen in het gezicht, althans tegen het hoofd van die [benadeelde 2] en/of van die [benadeelde 1] en/of van die [slachtoffer 2] en/of van die [slachtoffer 1], en/of

- het slaan en/of bonken op die auto (waarin zich toen een of meer van genoemde personen bevonden), en/of

- het vernielen van (een gedeelte van) het interieur en/of een of meer ruiten van die auto, en/of

- het aftrekken van een kentekenplaat van die auto, en/of

- het uit die auto trekken van die [slachtoffer 1], en/of

- het schoppen en/of trappen tegen het hoofd van die [slachtoffer 1];

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat:

A.

hij op of omstreeks 13 april 2008, te Ter Apel, in elk geval in de gemeente [gemeente], (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [benadeelde 2]) in het gezicht, althans tegen het hoofd heeft gestompt en/of geslagen, en/of een persoon (te weten [slachtoffer 1]) in het gezicht, althans tegen het hoofd heeft gestompt en/of geslagen en/of geschopt en/of getrapt, en/of een persoon (te weten [benadeelde 1]) in het gezicht, althans tegen het hoofd heeft gestompt en/of geslagen, en/of een persoon(te weten [slachtoffer 2]) in het gezicht, althans tegen het hoofd heeft gestompt en/of geslagen, waardoor voornoemde [benadeelde 2] en/of [slachtoffer 1] en/of [benadeelde 1] en/of [slachtoffer 2] letsel hebben/heeft bekomen en/of pijn hebben/heeft ondervonden;

B.

hij op of omstreeks 13 april 2008, te Ter Apel, in elk geval in de gemeente [gemeente], tezamen en in vereniging met eenander of anderen, althans alleen, opzettelijk en wederrechtelijk een auto (Volkswagen Charan), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de moeder van [benadeelde 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), heeft vernield en/of beschadigden/of onbruikbaar gemaakt.

Vrijspraak

Bij de beantwoording van de vraag of het ten laste gelegde bewezen moet worden verklaard heeft het hof het navolgende in aanmerking genomen.

Ten aanzien van feit 1

Op 13 april 2008 ontstond in de horecagelegenheid "[naam]" te Ter Apel een vechtpartij.

Aanleiding daarvoor was dat één van de aangevers - kennelijk per ongeluk - drank had gemorst op de kleding van een cafébezoekster. Uit het dossier en uit hetgeen daarover ter terechtzitting naar voren is gekomen blijkt dat nagenoeg alle in het café aanwezigen, nadat de eerste klap was gevallen, op enigerlei wijze bij die vechtpartij betrokken raakten. Uit de verklaring die verdachte in dit verband heeft afgelegd kan worden afgeleid dat, indien er in de betreffende horecagelegenheid enig handgemeen plaatsvindt, dit vanwege de beperkte ruimte bijna noodzakelijkerwijs een "domino-effect" teweegbrengt. Verdachte heeft verklaard een klap op zijn achterhoofd te hebben gekregen en daarop reflexmatig met een "low kick" te hebben gereageerd. Meteen daarna bleek dat de betrokken persoon een goede bekende van verdachte was, waarna het incident vreedzaam kon worden beëindigd.

Een bewezenverklaring van artikel 141 van het Wetboek van Strafrecht vereist dat deelnemers aan openlijk geweld in een zekere gezamenlijkheid opereren en een bepaalde betrokkenheid op elkaar hebben. Ook het subsidiair ten laste gelegde medeplegen van mishandeling, zoals strafbaar gesteld in artikel 300 van het Wetboek, vereist enigerlei samenhang tussen de deelnemers aan die mishandeling. Weliswaar is door verdachte geweld toegepast, maar niet blijkt van betrokkenheid bij het (openlijk) geweldsincident, subsidiair de mishandeling, waarop naar het oordeel van het hof de tenlastelegging ziet en waarover de aangevers specifiek hebben verklaard. Het feit dat in de tenlastelegging, naast de vier aangevers, ook de zinsnede "en/of een of meer andere in dat café [naam] aanwezige personen" is opgenomen, maakt dit naar het oordeel van het hof niet anders. De enkele hiervoor genoemde gedraging van verdachte is wellicht af te keuren, maar valt buiten de strekking van hetgeen ten laste is gelegd. Het hof heeft daarbij tevens gelet op de feitelijke uitwerking in de tenlastelegging van de jegens de aangevers gepleegde (forse) geweldshandelingen. Niet blijkt dat verdachte daaraan enige bijdrage heeft geleverd.

Het hof zal verdachte daarom vrijspreken van het onder 1 primair en subsidiair ten laste gelegde.

Ten aanzien van feit 2

Nadat de aangevers - in meer of mindere mate verwond - het café hadden verlaten, en zich in de auto van één van hen naar huis wilden begeven, ontstond een tweede incident. Daarbij was opnieuw sprake van openlijke geweldpleging, ditmaal niet alleen gericht tegen aangevers, maar ook tegen hun voertuig. Subsidiair is dit ten laste gelegd als mishandeling (A) en vernieling/beschadiging (B).

Verdachte ontkent stellig dat hij bij het buiten het café gepleegde geweld aanwezig is geweest, laat staan dat hij daarin een aandeel heeft gehad.

Er is wettig bewijs - zij het minimaal - voor verdachtes betrokkenheid bij dit feit/deze feiten. Het hof heeft in dat verband gelet op de aangiftes, die overigens niet zijn te herleiden tot enig aandeel van deze verdachte. Voorts is een getuigenverklaring voorhanden van de dienstdoende portier, onder meer inhoudende dat verdachte "naar buiten kwam rennen en klappen heeft uitgedeeld aan de Duitse jongens".

Het hof heeft echter door voornoemde bewijsmiddelen niet de overtuiging gekregen dat verdachte het onder 2 primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en zal verdachte daarvan eveneens vrijspreken.

Benadeelde partijen

Uit het onderzoek ter terechtzitting van het hof is gebleken, dat de benadeelde partij, [benadeelde 1], wonende te [woonplaats] (Duitsland), zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd en dat zijn vordering ad € 45,- in eerste aanleg geheel is toegewezen. Derhalve duurt de voeging ter zake van zijn gehele vordering tot schadevergoeding van rechtswege voort in hoger beroep.

Voorts is gebleken , dat de benadeelde partij [benadeelde 2], wonende te [woonplaats] (Duitsland), zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat zijn vordering ad € 2.312,93 in eerste aanleg is toegewezen tot een bedrag van € 1.500,- en dat hij zich in het geding in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van zijn in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort, voor zover die vordering in eerste aanleg is toegewezen.

Nu aan de verdachte geen straf of maatregel wordt opgelegd, terwijl evenmin artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht wordt toegepast, dienen de benadeelde partijen, gelet op het bepaalde in artikel 361, tweede lid, aanhef en onder a, van het Wetboek van Strafvordering, in hun vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard, met veroordeling van de benadeelde partijen in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1 primair en subsidiair en onder 2 primair en subsidiair, onder A en B, ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart de benadeelde partijen [benadeelde 1] en [benadeelde 2] niet ontvankelijk in hun vordering en veroordeelt hen in de kosten van het geding door deze benadeelde partijen gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. A.J. Rietveld, voorzitter, mr. P.J.M. van den Bergh en mr. J.P. van Stempvoort, in tegenwoordigheid van J.B. Schwerzel als griffier, zijnde mr. J.P. van Stempvoort buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.