Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ8415

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
23-09-2009
Datum publicatie
23-09-2009
Zaaknummer
24-002553-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt wegens huiselijk geweld veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht weken, waarvan twee weken voorwaardelijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-002553-08

Parketnummer eerste aanleg: 19-606737-07

Arrest van 23 september 2009 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Assen van 8 augustus 2008 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1973] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

niet ter terechtzitting verschenen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Assen heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf van acht weken waarvan twee weken voorwaardelijk, met aftrek van voorarrrest, met een proeftijd van twee jaren.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

hij op verschillende tijdstippen althans op enig tijdstip in of omstreeks de periode van 1 september 2005 tot en met 14 november 2007 te [plaats], althans in de gemeente [gemeente], (telkens) opzettelijk mishandelend zijn levensgezel

[slachtoffer]

- ruw bij de (boven)arm(en) heeft vastgepakt en/of

- hardhandig aan de trui van die [slachtoffer] heeft getrokken en/of

- met kracht sleutels uit de hand van die [slachtoffer] heeft gerukt waardoor deze (telkens) letsel heeft bekomen en pijn heeft ondervonden.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat:

hij op verschillende tijdstippen in de periode van 1 september 2005 tot en met 14 november 2007 te [plaats], opzettelijk mishandelend zijn levensgezel [slachtoffer]

- ruw bij de (boven)arm(en) heeft vastgepakt en/of

- hardhandig aan de trui van die [slachtoffer] heeft getrokken en/of

- met kracht sleutels uit de hand van die [slachtoffer] heeft gerukt waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

mishandeling, begaan tegen zijn levensgezel, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van de verdachte. Het hof heeft in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich in de periode van 1 september 2005 tot en met 14 november 2007 meermalen schuldig gemaakt aan mishandeling van [slachtoffer] Zij was ten tijde van de mishandelingen de vriendin van verdachte. Verdachte heeft, door zo te handelen, bij herhaling inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van [slachtoffer].

Het hof heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte - blijkens een hem betreffend Uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 3 juli 2009 - eerder is veroordeeld ter zake van misdrijven met betrekking tot huiselijk geweld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf. Verder is gebleken dat verdachte in 1997 is veroordeeld wegens een aantal gewelddadige delicten tot een zeer langdurige gevangenisstraf. Desondanks is verdachte opnieuw in de fout gegaan.

Gelet op het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, is het hof - net als de rechter in eerste aanleg en de advocaat-generaal - van oordeel dat het opleggen van een gevangenisstraf passend en geboden is. Het hof zal deze gevangenisstraf deels voorwaardelijk opleggen, mede met als doel om verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen. Een andere, mildere strafmodaliteit komt, gelet op verdachtes strafrechtelijke verleden, niet meer in aanmerking.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63, 300 en 304 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van acht weken;

beveelt, dat van de gevangenisstraf een gedeelte van twee weken, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. G. Dam, voorzitter, mr. P. Koolschijn en mr. W. Foppen, in tegenwoordigheid van mr. M. Zevenhuizen als griffier.