Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2009:BI7428

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
12-06-2009
Datum publicatie
15-06-2009
Zaaknummer
24-001526-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte is ter zake van diefstal in vereniging door middel van verbreking veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair te vervangen door 30 dagen hechtenis. Het hof heeft tevens in plaats van een last tot tenuitvoerlegging te gelasten van een voorwaardelijke opgelegde gevangenisstraf een werkstraf gelast.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-001526-08

Parketnummer eerste aanleg: 17-880413-07 en 17-675175-06 (tul)

Arrest van 12 juni 2009 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Leeuwarden van 30 mei 2008 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1989] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

verschenen in persoon.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf en op een vordering tot tenuitvoerlegging beslist, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte zal veroordelen tot een werkstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair te vervangen door 30 dagen hechtenis. Daarnaast heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het hof de verdachte op 11 mei 2006 voorwaardelijk opgelegde jeugddetentie voor de duur van twee weken zal omzetten in een werkstraf voor de duur 30 uren, subsidiair te vervangen door 15 dagen hechtenis.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij in of omstreeks de periode van 30 oktober 2007 tot en met 1 november 2007, in elk geval in het jaar 2007, te [plaats], (althans) in de gemeente [gemeente], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening van een gebouw (genaamd "[naam]", gelegen aan of bij de [straat], aldaar) heeft

weggenomen een hoeveelheid koperen leidingen (bliksemgeleiders/bliksembeveiliging), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde] (Zorg en Ondersteuning), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte

en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.

Bewezenverklaring

Het hof acht ten aanzien van verdachte bewezen dat:

hij op 30 oktober 2007, te [plaats], in de gemeente [gemeente], tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening van een gebouw (genaamd "[naam]", gelegen aan of bij de [straat], aldaar) heeft weggenomen een hoeveelheid koperen leidingen (bliksemgeleiders/bliksembeveiliging) toebehorende aan [benadeelde], waarbij verdachte en zijn mededader de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van verbreking.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldigen het weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van verbreking.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft samen met een ander koperen bliksembeveiliging van een gebouw gestolen, om deze vervolgens aan een handelaar proberen te verkopen. Hij heeft hierdoor niet alleen inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van de betrokkene, maar ook schade toegebracht aan het gebouw waaraan de bliksembeveiliging zich bevond. Het gaat hier om een ergerlijke feit, dat veel schade en hinder meebrengt voor de betrokkene.

Het hof heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte blijkens een hem betreffend uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 6 mei 2009 eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

Gelet op de justitiële documentatie van verdachte is het hof van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf in beginsel passend en geboden is. Het hof houdt echter rekening met de aannemelijk geworden gewijzigde persoonlijke omstandigheden van verdachte. Verdachte heeft aangegeven dat hij zijn leven heeft gebeterd. Hij heeft net een opleiding afgerond en heeft inmiddels een betaalde baan.

Gelet op het voorgaande zal het hof, conform de vordering van de advocaat-generaal, een werkstraf van na te melden duur opleggen.

Tenuitvoerlegging

Bij vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Leeuwarden van 11 mei 2006, is verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van twee weken met een proeftijd van twee jaren. Blijkens het onderzoek ter terechtzitting van het hof is voormeld vonnis onherroepelijk geworden op 11 mei 2006. De proeftijd is ingegaan op 30 mei 2006.

De officier van justitie heeft op 7 april 2008 gevorderd dat last zal worden gegeven tot tenuitvoerlegging van voormelde jeugddetentie, aangezien verdachte zich voor het einde van voormelde proeftijd schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde feit.

Nu is gebleken dat verdachte het hiervoor bewezenverklaarde feit heeft begaan voor het einde van de bij voormeld vonnis gestelde proeftijd, zal het hof op grond van het vorenstaande in plaats van een last tot tenuitvoerlegging van voormelde straf te geven, een werkstraf voor de duur van 30 uren, subsidiair 15 dagen vervangende hechtenis gelasten.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 22c (oud), 22d, 63 (oud), 77dd, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van zestig uren, met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van dertig dagen zal worden toegepast;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de voormelde werkstraf geheel in mindering wordt gebracht, berekend naar de maatstaf van twee uren werkstraf per dag;

gelast (in plaats van het geven van een last tot tenuitvoerlegging van de jeugddetentie de veroordeelde voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de kinderrechter te Leeuwarden van 11 mei 2006) een taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van dertig uren met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende jeugddetentie voor de duur van vijftien dagen zal worden toegepast.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. O. Anjewierden, voorzitter, mr. A. Dijkstra en mr. J.A. Wiarda, in tegenwoordigheid van mr. M. Koster als griffier, zijnde mr. Wiarda voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.