Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2009:BH8916

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
30-03-2009
Datum publicatie
30-03-2009
Zaaknummer
24-002453-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte is ter zake van drie winkeldiefstallen veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 weken. Daarnaast is de tul van 2 weken gevangenisstraf gelast.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-002453-08

Parketnummer eerste aanleg: 18-651048-08

Arrest van 30 maart 2009 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 24 september 2008 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1968] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman, mr. D.C. Keuning, advocaat te Groningen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Groningen heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf en op een vordering tot tenuitvoerlegging beslist, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het verdachte onder 1, 2 subsidiair en 3 ten laste gelegde bewezen zal verklaren en hem ter zake zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 weken.

Voorts heeft hij de tenuitvoerlegging van 2 weken gevangenisstraf gevorderd, verdachte voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 13 december 2007.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Hieronder is opgenomen het verdachte ten laste gelegde, zoals vermeld op de inleidende dagvaarding, onder verbetering van enkele daarin voorkomende spelfouten.

Verdachte wordt ten laste gelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 11 februari 2008, in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee flesjes parfum, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan het winkelbedrijf Douglas, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat

hij op of omstreeks 11 februari 2008, in de gemeente [gemeente], ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen twee flesjes parfum, geheel of ten dele toebehorende aan het winkelbedrijf Douglas, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, met voormeld oogmerk genoemde flesjes parfum uit de winkelvoorraad van genoemd winkelbedrijf heeft gepakt en/of (vervolgens) onder zich heeft genomen en/of (vervolgens) naar de uitgang van dat winkelbedrijf is gelopen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

2.

hij op of omstreeks 10 januari 2008, in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een monitor, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan het winkelbedrijf Computerland, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat

hij op of omstreeks 10 januari 2008, in de gemeente [gemeente], ter uitvoering van het doorverdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een monitor, geheel of ten dele toebehorende aan het winkelbedrijf Computerland, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, met voormeld oogmerk die monitor uit de winkelvoorraad van voornoemd winkelbedrijf heeft gepakt en/of (vervolgens) die monitor onder zich heeft genomen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

3.

hij op of omstreeks 21 maart 2008, in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer dozen Gillette Fusion Power, drie pakjes eau de toilette, een fles L'Oréal shampoo, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan het winkelbedrijf

Trekpleister, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat:

1. primair

hij op of omstreeks 11 februari 2008, in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee flesjes parfum, toebehorende aan het winkelbedrijf Douglas;

2. primair

hij op 10 januari 2008, in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een monitor, toebehorende aan het winkelbedrijf Computerland;

3.

hij op 21 maart 2008, in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen dozen Gillette Fusion Power, drie pakjes eau de toilette, een fles L'Oréal shampoo, toebehorende aan het winkelbedrijf Trekpleister.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 primair, 2 primair en 3 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

onder 1 primair, 2 primair en 3 telkens: diefstal.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft bij het bepalen van de straf gelet op de aard en de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon van verdachte. Het hof heeft in het bijzonder gelet op het navolgende.

Verdachte heeft zich in een periode van ruim twee maanden drie keer schuldig gemaakt aan diefstal van goederen uit winkels. Winkeldiefstal is een ergerlijk feit, dat schade en overlast meebrengt voor de betreffende winkelbedrijven.

Verdachte is, blijkens een uittreksel uit het algemeen justitieel documentatieregister van 28 januari 2009, reeds vele malen voor delicten als de onderhavige veroordeeld. Deze veroordelingen hebben verdachte er echter niet van weerhouden opnieuw strafbare feit te plegen. Gelet op het vorenstaande is het hof van oordeel dat een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf overeenkomstig het vonnis van de eerste rechter en de vordering van de advocaat-generaal een noodzakelijke en passende bestraffing vormt. Een andere, mildere strafmodaliteit komt, gezien verdachtes strafrechtelijke verleden, niet meer in aanmerking.

Tenuitvoerlegging

Bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 13 december 2007, parketnummer 18-653836-07, is verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 weken voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Dit vonnis is onherroepelijk geworden op 28 december 2007. Op die datum is de proeftijd eveneens ingegaan. De officier van justitie heeft op 16 juli 2008 gevorderd dat last zal worden gegeven tot tenuitvoerlegging van voormelde gevangenisstraf omdat veroordeelde zich voor het einde van voormelde proeftijd schuldig zou hebben gemaakt aan het tenlastegelegde feit.

Nu gebleken is dat veroordeelde de hiervoor bewezenverklaarde feiten heeft begaan vóór het einde van de proeftijd, zal het hof op grond van het vorenstaande de tenuitvoerlegging van voormelde gevangenisstraf gelasten.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14g, 57 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1 primair, 2 primair en 3 ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 primair, 2 primair en 3 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van zes weken;

gelast de tenuitvoerlegging van de aan veroordeelde bij vonnis van de politierechter te Groningen van 13 december 2007 voorwaardelijk opgelegde straf (parketnummer 18-653836-07), te weten:

gevangenisstraf voor de duur van twee weken.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter, mr. J.J. Beswerda en mr. S.J. van der Woude, in tegenwoordigheid van mr. I.N. Koers als griffier, zijnde mr. Van der Woude voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.