Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2008:BE9065

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
20-08-2008
Datum publicatie
25-08-2008
Zaaknummer
107.001.289/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Een besluit in de zin van de Awb treedt pas in werking wanneer het besluit op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt (art. 3:40 Awb). Daartoe is vereist dat het besluit degene tot wie het is gericht, moet hebben bereikt.

In dit verband moet voorop worden gesteld dat de factuurbesluiten níet waren gericht aan de (rechts)persoon voor wie ze waren bestemd, Heli Holland Air Service BV.

Nu Heli Holland Air Service BV ontkend heeft dat de factuurbesluiten haar hebben bereikt, is het aan de Staat te bewijzen dat deze besluiten haar wel hebben bereikt.

Naar 's hofs oordeel heeft de Staat zulks niet in voldoende mate bewezen. Het hof acht hierbij vooral van belang dat op het adres waarnaar de factuurbesluiten zijn verzonden, Postbus 16 te 7880 AA Emmer-Compascuum, niet alleen Heli Holland Air Service BV gevestigd is, maar ook Heli Holland Technics BV. Gebleken is

- zie hiertoe ook de samenhangende zaak met rolnummer 0600463 - dat een deel van de factuurbesluiten gericht aan Heli Holland BV, bestemd was voor Heli Holland Air Service BV terwijl een ander deel van die besluiten, eveneens gericht aan Heli Holland BV, bestemd was voor Heli Holland Technics BV. Niet duidelijk is echter welke factuurbesluiten voor welke vennootschap bestemd waren.

Dit betekent dat niet kan worden vastgesteld dat elk van de thans aan de orde zijnde factuurbesluiten de juiste vennootschap, Heli Holland Air Service BV, heeft bereikt. Derhalve kan niet worden aangenomen dat de factuurbesluiten in werking zijn getreden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Arrest d.d. 20 augustus 2008

Zaaknummer 107.001.289/01 (voorheen rolnummer 0600464)

HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN

Arrest van de vierde kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van:

Heli Holland Air Service BV,

gevestigd te Emmer-Compascuum,

appellante,

in eerste aanleg: gedaagde,

hierna te noemen: Heli Holland Air Service BV,

procureur: mr. J.V. van Ophem,

voor wie gepleit heeft mr. R. Klarus , advocaat te Emmen,

tegen

de Staat der Nederlanden,

gevestigd te 's Gravenhage,

geïntimeerde,

in eerste aanleg: eiseres,

hierna te noemen: de Staat,

procureur: mr. J.B. Dijkema,

voor wie gepleit heeft mr G.H.H. Bisschof, gemachtigde van de Staat.

Het geding in eerste instantie

In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in de vonnissen uitgesproken op 29 juni 2005 en 31 mei 2006 door de rechtbank Assen.

Het geding in hoger beroep

Bij exploot van 12 juli 2006 is door Heli Holland Air Service BV hoger beroep ingesteld van het vonnis d.d. 31 mei 2006 met dagvaarding van de Staat tegen de zitting van 27 september 2006.

De conclusie van de memorie van grieven luidt:

"te vernietigen het vonnis gewezen tussen partijen op 31 mei 2006 (zaak-/rolnummer 51531 HA ZA 05-320) door de rechtbank Assen en, opnieuw rechtdoende, zo nodig onder aanvulling en/of verbetering der gronden bij arrest, de vordering van geïntimeerde af te wijzen door haar daarin niet-ontvankelijk te verklaren danwel te ontzeggen, met veroordeling van geïntimeerde in de kosten van beide instanties, alsmede haar arrest uitvoerbaar bij voorraad te verklaren".

Bij memorie van antwoord is door de Staat verweer gevoerd met als conclusie:

"bij arrest, uitvoerbaar bij voorraad, het vonnis van de Rechtbank te Assen d.d. 31 mei 2006 te bekrachtigen en Heli Holland niet-ontvankelijk te verklaren in haar vorderingen in appel, althans deze aan haar te ontzeggen, zulks met veroordeling van Heli Holland in de kosten van de procedures in eerste aanleg en appel, waaronder een bedrag aan salaris voor de gestelde procureur".

Vervolgens hebben partijen hun zaak op 27 februari 2008 doen bepleiten door hun advocaat c.q. gemachtigde.

Tenslotte hebben partijen de stukken overgelegd voor het wijzen van arrest.

De grieven

Heli Holland Air Service BV heeft twee grieven opgeworpen.

De beoordeling

1. Tegen de door de rechtbank in r.o. 2.1 tot en met r.o. 2.3 van het bestreden vonnis vastgestelde feiten zijn geen grieven aangevoerd, zodat ook het hof van die feiten zal uitgaan.

2. Het gaat in deze zaak om het volgende.

2.1. De Staat heeft in de periode april 1998 - december 2001 facturen verzonden aan 'Heli Holland BV'. De facturen dateren achtereenvolgens van 20 januari 1998, 17 april 1998, 20 juli 2000, 24 oktober 2001 en 19 december 2001. De facturen zien op heffingen op grond van de op de Wet Luchtvaart gebaseerde Regeling Tarieven Rijksluchtvaartdienst 1998 en Regeling Tarieven Luchtvaart 2002, dan wel daarmee samenhangende regelingen. De heffingen houden verband met uitoefening van de toezichthoudende taak van de Divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat.

2.2. De facturen zijn aan te merken als besluiten in de zin van art. 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Tegen de facturen zijn geen bestuursrechtelijke rechtsmiddelen aangewend.

2.3. De in de factuurbesluiten vermelde bedragen zijn onbetaald gebleven, in totaal tot een beloop van in hoofdsom € 3.507,73.

2.4. Tussen de luchtvaartsector en de reeds genoemde Divisie Luchtvaart bestaat al jaren een conflict over onder meer de hoogte van de aan de heffingen ten grondslag liggende tarieven en de taken waarvoor de heffingen in rekening worden gebracht. Hierbij is mede van belang dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in een uitspraak van 15 november 2006 heeft geoordeeld, kort samengevat, dat de Staat geen kosten in rekening mag brengen voor werkzaamheden die betrekking hebben op toezicht op de naleving van de regels door de Divisie Luchtvaart. Het is wel toegestaan kosten in rekening te brengen voor inspectietaken.

3. In de onderhavige procedure vordert de Staat betaling van de in geding zijnde factuurbesluiten, vermeerderd met rente en kosten, van Heli Holland Air Service BV.

De rechtbank heeft de vordering toegewezen. Tegen deze beslissing en de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen richten zich de grieven van Heli Holland Air Service BV.

4. De vordering van de Staat is blijkens de inleidende dagvaarding gegrond op de stelling dat de factuurbesluiten formele rechtskracht hebben verkregen, zodat vast staat Heli Holland Air Service BV de in de factuurbesluiten vermelde bedragen verschuldigd is aan de Staat. Dit betekent dat de Staat aanspraak kan maken op die bedragen, vermeerderd met rente en kosten.

5. De rechtbank heeft deze stelling van de Staat juist bevonden, waartoe zij heeft overwogen dat genoegzaam is aangetoond dat, ondanks de onjuiste tenaamstelling, de factuurbesluiten de juiste rechtspersoon - Heli Holland Air Service BV - hebben bereikt, zodat inderdaad sprake is van besluiten met formele rechtskracht. De rechtbank wijst er daarbij op dat uit de gedingstukken genoegzaam blijkt dat Heli Holland Air Service BV gebruik maakt van het postadres dat vermeld is op de facturen aan Heli Holland BV (Postbus 16; 7880 AA Emmer-Compascuum) terwijl zij ook tegen twee factuurbesluiten, gericht aan Heli Holland BV, een bestuursrechtelijk rechtsmiddel heeft aangewend. Voorts moet volgens de rechtbank voor Heli Holland Air Service BV zonder enige twijfel duidelijk zijn geweest dat de heffingen aan haar waren opgelegd.

6. Bij grief I maakt Heli Holland Air Service BV bezwaar tegen deze overwegingen. Zij beroept zich daarbij op het feit dat de factuurbesluiten waarop de Staat zijn vordering grondt, alle zijn gericht aan Heli Holland BV en niet aan de correcte rechtspersoon, Heli Holland Air Service BV. Heli Holland BV is een niet bestaande vennootschap, en zij heeft ook nimmer bestaan. Heli Holland Air Service BV stelt niet bekend te zijn met de facturen.

7. Het hof overweegt het volgende.

Een besluit in de zin van de Awb treedt pas in werking wanneer het besluit op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt (art. 3:40 Awb). Daartoe is vereist dat het besluit degene tot wie het is gericht, moet hebben bereikt.

In dit verband moet voorop worden gesteld dat de factuurbesluiten níet waren gericht aan de (rechts)persoon voor wie ze waren bestemd, Heli Holland Air Service BV.

Nu Heli Holland Air Service BV ontkend heeft dat de factuurbesluiten haar hebben bereikt, is het aan de Staat te bewijzen dat deze besluiten haar wel hebben bereikt.

Naar 's hofs oordeel heeft de Staat zulks niet in voldoende mate bewezen. Het hof acht hierbij vooral van belang dat op het adres waarnaar de factuurbesluiten zijn verzonden, Postbus 16 te 7880 AA Emmer-Compascuum, niet alleen Heli Holland Air Service BV gevestigd is, maar ook Heli Holland Technics BV. Gebleken is

- zie hiertoe ook de samenhangende zaak met rolnummer 0600463 - dat een deel van de factuurbesluiten gericht aan Heli Holland BV, bestemd was voor Heli Holland Air Service BV terwijl een ander deel van die besluiten, eveneens gericht aan Heli Holland BV, bestemd was voor Heli Holland Technics BV. Niet duidelijk is echter welke factuurbesluiten voor welke vennootschap bestemd waren.

Dit betekent dat niet kan worden vastgesteld dat elk van de thans aan de orde zijnde factuurbesluiten de juiste vennootschap, Heli Holland Air Service BV, heeft bereikt. Derhalve kan niet worden aangenomen dat de factuurbesluiten in werking zijn getreden.

8. Het voorgaande wordt niet anders door de omstandigheid dat tegen twee van de aan de orde zijnde factuurbesluiten, bezwaar en beroep is ingesteld, nu deze rechtsmiddelen zijn aangewend door de niet bestaande vennootschap Heli Holland BV; Heli Holland is ook als procespartij vermeld (zie pleitnota Staat eerste aanleg, p. 1 met bijbehorende bijlagen 2 en 3). Hieruit kan derhalve niet worden afgeleid dat de betreffende facturen Heli Holland Air Service BV hebben bereikt.

9. De Staat heeft nog aangevoerd dat uit de aanhef van de besluiten al blijkt voor wie ze bestemd waren: daarin is vermeld dat de heffing gebaseerd is op art. 93 van de Regeling Toezicht Luchtvaart, hetgeen betekent dat het gaat om een heffing bestemd voor Heli Holland Technics BV en, a contrario, dat de andere besluiten bestemd waren voor Heli Holland Air Service BV.

Ook hierin kan het hof de Staat niet volgen. Nog afgezien van het feit dat niet in alle overgelegde factuurbesluiten, bestemd voor Heli Holland Technics BV, steeds is vermeld dat het gaat om een heffing gebaseerd op art. 93 van de Regeling Toezicht Luchtvaart, geldt dat niet is in te zien dat op basis van die vermelding kan worden aangenomen dat de facturen Heli Holland Technics BV hebben bereikt, dan wel, a contrario, de andere besluiten Heli Holland Air Service BV hebben bereikt.

10. Ten slotte overweegt het hof nog dat door de Staat is aangevoerd dat Heli Holland Air Service BV zelf Heli Holland als (handels)naam voert, waartoe de Staat verwijst naar een schrijven van 25 januari 1999 en de andere brieven van Heli Holland.

Het hof merkt op dat op de van "Heli Holland" afkomstige brieven, zoals deze zich in het dossier bevinden, wel degelijk (ook) de volledige naam van de desbetreffende rechtspersoon is aangegeven. Het argument van de Staat gaat derhalve niet op. Dat de volledige aanduiding van de desbetreffende rechtspersoon ontbreekt op een faxbrief van "Heli Holland" aan de deurwaarder, maakt het voorgaande niet anders, nog daargelaten de vraag aan wie van beide rechtspersonen - Heli Holland Technics of Heli Holland Air service - een en ander zou moeten worden toegerekend.

11. Nu niet in voldoende mate is komen vast te staan dat de hier aan de orde zijnde factuurbesluiten waarvan de Staat thans betaling vordert, de schuldenaar, Heli Holland Air Service BV, hebben bereikt, is geen sprake van in werking getreden besluiten waaruit een betalingsverplichting van Heli Holland Air Service BV jegens de Staat zou voortvloeien.

De Staat heeft geen andere grondslag aan haar vordering gegeven, zodat er geen te honoreren rechtsgrond voor de vordering van de Staat aanwezig is. Deze vordering dient derhalve te worden afgewezen.

In dit licht heeft Heli Holland Air Service BV verder geen belang meer bij een behandeling van grief II.

Slotsom

12. Het slagen van grief I brengt mee dat het bestreden vonnis dient te worden vernietigd. De vorderingen van de Staat zullen alsnog worden afgewezen.

De Staat zal als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de kosten van het geding, zowel in eerste aanleg (tarief I, 2,5 punten) als in hoger beroep (tarief I, 3 punten).

De beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt het vonnis van de rechtbank Assen van 31 mei 2006;

en opnieuw rechtdoende:

1. wijst de vorderingen van de Staat af;

2. veroordeelt de Staat in de kosten van het geding in beide instanties en begroot die tot aan deze uitspraak aan de zijde van Heli Holland Air Service BV:

in eerste aanleg op € 291,-- aan verschotten en € 960,-- aan salaris voor de procureur,

in hoger beroep op € 467,32 aan verschotten en € 1.896,-- aan salaris voor de procureur;

3. verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad voor wat betreft de kostenveroordeling.

Aldus gewezen door mrs. De Bock, voorzitter, Knijp en Telman, raden,

en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof van woensdag 20 augustus 2008 in bijzijn van de griffier.