Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2008:BD9848

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
30-06-2008
Datum publicatie
12-08-2008
Zaaknummer
WAHV 108.004.446
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Strafrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De betrokkene, een leasebedrijf, heeft het door haar ontvangen betalingsoverzicht na beroep bij de kantonrechter aan het CJIB geretourneerd. Hierbij is als bijlage gevoegd een computerprint met gegevens van de huurder. Naar het oordeel van het hof kan dit niet worden beschouwd als het instellen van hoger beroep. Het hof verstaat daarom dat geen hoger beroep is ingesteld.

Wetsverwijzingen
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 20d
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
VR 2009, 12
JWR 2008/75
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

WAHV 108.004.446

30 juni 2008

CJIB 19096496391

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

naar aanleiding van op 19 maart 2008 door het hof ontvangen bescheiden, afkomstig van

[betrokkene]

(hierna te noemen: betrokkene),

gevestigd te [plaatsnaam]

1. Het procesverloop

Op 25 december 2007 heeft het CJIB een "Betalingsoverzicht na beroep bij de kantonrechter" gezonden aan de betrokkene.

De betrokkene heeft dit stuk aan het CJIB geretourneerd en hierbij een print gevoegd waarop kennelijk gegevens van de huurder zijn vermeld.

Op 20 februari 2008 heeft het CJIB een tweede aanmaning aan de betrokkene gestuurd. Ook dit stuk is aan het CJIB geretourneerd.

Het CJIB heeft beide documenten opgevat als een beroepschrift tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank 's-Gravenhage d.d. 10 oktober 2007 op het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie in het arrondissement 's-Gravenhage genomen beslissing en ter behandeling naar de rechtbank 's-Gravenhage gezonden.

Vervolgens heeft de griffier van de rechtbank deze documenten, alsmede de op de zaak betrekking hebbende stukken, aan het hof gezonden.

2. Beoordeling

2.1. Ingevolge het bepaalde in artikel 14 WAHV kan tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep bij het gerechtshof te Leeuwarden worden ingesteld, indien de opgelegde administratieve sanctie bij die beslissing meer bedraagt dan € 70,- of indien de kantonrechter de betrokkene in het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat niet of niet tijdig zekerheid is gesteld.

2.2. Een geschrift kan slechts dan als een beroepschrift in hoger beroep worden beschouwd indien daaruit blijkt van de wil, althans de kennelijke bedoeling van de betrokkene om bij het hof te Leeuwarden hogere voorziening te vragen van een uitspraak van een kantonrechter. Naar het oordeel van het hof kan het enkele aan het CJIB retourneren van het "Betalingsoverzicht na beroep bij de kantonrechter" met als bijlage een computerprint, waarop kennelijk enige gegevens van de huurder van het voertuig waarmee de gedraging is verricht zijn vermeld, niet worden beschouwd als het instellen van hoger beroep.

2.3. Nu geen hoger beroep is ingesteld, is de administratieve sanctie onherroepelijk geworden. Derhalve kan de sanctie op grond van hoofdstuk VIII van de WAHV door de officier van justitie worden geïnd. Voor zover de betrokkene door het retourneren van het "Betalingsoverzicht na beroep bij de kantonrechter" en de tweede aanmaning heeft beoogd bezwaar te maken tegen de inning van de sanctie merkt het hof op dat niet met het retourneren van de stukken kan worden volstaan. Indien de betrokkene bezwaar wil maken tegen de inning van de sanctie zal zij zich met een gemotiveerd verzoek dienen te wenden tot de officier van justitie te Leeuwarden, die belast is met de inning van de sanctie.

3. De beslissing

Het gerechtshof:

verstaat dat geen hoger beroep is ingesteld.

Dit arrest is gewezen door mrs. Dijkstra, Poelman en Van Wagtendonk, in tegenwoordigheid van mr. Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.